nieuws

Evaluatie provisieverbod (1): Fred de Jong

Branche

De evaluatie van het provisieverbod komt eraan. In 2017 zullen de overheid en de marktpartijen zich buigen over de voordelen en nadelen van de ingrijpende maatregel. Am: neemt naar aanleiding van een blog van Jurjen Oosterbaan alvast een voorschot op die evaluatie en vraagt een aantal prominenten uit de branche om hun voorlopige evaluatie te delen. Eerste in de serie is onderzoeker Fred de Jong.

Evaluatie provisieverbod (1): Fred de Jong

In 2017 staat de evaluatie van het provisieverbod op de agenda. In de aanloop daarnaar enkele bespiegelingen over deze evaluatie. Wat mag de markt wel en niet verwachten bij een dergelijke evaluatie. Sommige partijen lijken de evaluatie aan te willen grijpen om het provisieverbod weer terug te draaien. Maar hoe realistisch is dat?

Het provisieverbod is ingevoerd om het volgende te bereiken:

  • ongewenste sturing van banken en verzekeraars richting intermediairs tegengaan;
  • bevorderen en borgen van de kwaliteit van financieel advies;
  • een cultuurverandering teweegbrengen van product gedreven naar meer klantgerichte advisering, zodat de financieel adviseur zich zuiver kan richten op het belang van de klant.

De wetgever vond dit nodig omdat verschillende studies aantoonden dat er sprake was van misstanden, zoals torenhoge provisies, productpushing en onvoldoende kwaliteit in de advisering. Naast het provisieverbod is er daarom voor gekozen om ook nadere regels te stellen ten aanzien van de vakbekwaamheid, de informatievoorziening aan de klant, execution only en het transparant maken van de advies- en distributiekosten bij aanbieders.

Ongewenste sturing
De AFM constateerde in juli 2015 dat het provisieverbod goed wordt nageleefd en dat de mate van sturing nog maar beperkt voorkomt. En de beloningsafspraken die er nog wel zijn worden als gevolg van een nadere duiding door de AFM verder ingeperkt. Het gaat dan om betalingen van aanbieders voor vergelijkingssoftware, marketingvergoedingen aan zusterbedrijven van intermediairs en inhuur van personeel van het intermediair door een bank of verzekeraar. De doelstelling om ongewenste sturing tegen te gaan lijkt dus grotendeels bereikt te zijn.

Kwaliteit van financieel advies
De AFM constateert in april 2015 dat de kwaliteit van hypotheekadvies is verbeterd de afgelopen jaren. Maar de AFM geeft bijvoorbeeld ook aan dat de kwaliteit van advies over arbeidsongeschiktheidsverzekeringen aan zelfstandigen onvoldoende is, dat de kwaliteit van hersteladviezen bij beleggingsverzekeringen voor verbetering vatbaar is en dat de kwaliteit van beleggingsdienstverlening verbeterd moet worden.

De AFM lijkt dus nog niet helemaal tevreden, hoewel er duidelijk progressie wordt gemaakt door de sector. Het lastige is dat de kwaliteit van advies moeilijk te meten is. Of een financieel advies over complexe financiële situaties echt goed is, blijkt vaak pas jaren later als een klant met pensioen gaat, als iemand arbeidsongeschikt raakt of als de hypotheek ten einde loopt.

De verbetering van de kwaliteit van financieel advies is niet alleen op het conto van het provisieverbod te schrijven. Ook de andere maatregelen dragen daar aan bij, net als de inspanningen van de sector zelf. En met het verdwijnen van de echte ‘cowboys’ gaat de gemiddelde kwaliteit sowieso omhoog. Het provisieverbod zorgt er voor dat adviseurs echt toegevoegde waarde moeten bieden en de klant ook moeten overtuigen van die toegevoegde waarde. Anders betaalt een klant de rekening niet.

Gezien de positieve ontwikkelingen rond de kwaliteit van financieel advies bij complexe en impactvolle producten lijkt het provisieverbod een positieve bijdrage te leveren.

Cultuurverandering
Is de cultuur binnen de financieel adviesmarkt positief veranderd als gevolg van het provisieverbod? In ieder geval zijn de productpushers en provisiejagers de markt uit. Het intermediair was over het algemeen al zeer klantgericht, dus daarin zie ik niet heel veel verandering. Wel zie ik dat financieel adviseurs zich nu meer bewust zijn van hun grote verantwoordelijkheid voor het financiële welzijn van de klant. Er vindt meer klantcontact plaats is mijn indruk en de dienstverlening wordt concreter gemaakt om de klant te overtuigen van de waarde van het advies. Ook zijn er sinds het provisieverbod nieuwe verdien- en businessmodellen ontstaan, maken adviseurs meer keuzes in wat ze wel en niet kunnen en maken steeds meer intermediairs de stap naar een volledig provisieloos model.

De cultuurverandering is naar mijn mening zeker in gang gezet en is versneld sinds de invoering van het provisieverbod.

Negatieve kanten provisieverbod
De ontwikkelingen in de financieel adviesmarkt zijn in lijn met de doelstellingen van het provisieverbod. Maar er zijn ook neveneffecten waar de wetgever in haar evaluatie goed naar moet kijken. Vanuit het intermediair klinkt terecht kritiek naar banken en verzekeraars over de berekening van de nettotarieven en de kosten voor advies en distributie. Zijn financiële producten door het provisieverbod daadwerkelijk goedkoper geworden?

Daarnaast is het belangrijk om de toegankelijkheid van financieel advies te analyseren. De wetgever wilde voorkomen dat de minder draagkrachtige consument geen advies meer zou afnemen vanwege de kosten die hij direct zou moeten betalen. Nu is de behoefte aan complexe en impactvolle producten bij deze groep consumenten een stuk kleiner, maar een goede studie naar de toegankelijkheid van financieel advies voor die consumenten die het meest gebaat zijn bij goede financiële ondersteuning, is belangrijk.

Met daarbij wel een kanttekening voor de markt. Het gaat puur om de vraag of het provisieverbod ervoor heeft gezorgd dat consumenten niet voor financieel advies kunnen betalen. Je kunt namelijk de wetgever niet verantwoordelijk houden voor het feit dat sommige klanten niet voor een financieel advies willen betalen.

Verder dient in de evaluatie aandacht te zijn voor de vraag of Nederlandse consumenten en bedrijven voldoende verzekerd zijn en of die verzekerbaarheid sinds het provisieverbod veranderd is. Financiële producten en financieel advies dienen een maatschappelijk belang. Daarom dient de wetgever kritisch te analyseren of het provisieverbod dat maatschappelijk belang ondermijnt of niet.

Mijn analyse is voorlopig dat de voordelen van het provisieverbod vanuit klantperspectief zwaarder wegen dan de nadelen. De wetgever zal in zijn evaluatie dan ook met de sector moeten nadenken over het wegnemen van die nadelen. Ik verwacht niet dat de evaluatie van het provisieverbod leidt tot intrekking van dit verbod. Ook niet tot uitbreiding overigens.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.