nieuws

Dexia haalt bakzeil bij Hoge Raad in kwestie wettelijke rente bij effectenlease

Branche

In het arrest van 1 mei 2015 heeft de Hoge Raad antwoord gegeven op de vraag wanneer de wettelijke rente over de door een aanbieder van effectenleaseovereenkomsten aan een afnemer te vergoeden inleg gaat lopen. Die vraag was als prejudiciële vraag (artikel 392 Rv) aan de Hoge Raad voorgelegd door het hof ’s-Hertogenbosch.

Dexia haalt bakzeil bij Hoge Raad in kwestie wettelijke rente bij effectenlease

In de zaak die is voorgelegd aan de Hoge Raad stond vast dat Dexia als aanbieder van de effectenleaseovereenkomsten onrechtmatig heeft gehandeld tegenover de verweerder. Ook was uitgangspunt dat de financiële positie van verweerder destijds zo was dat voldoeding van de leasetermijnen of van de mogelijke (maximale) restschuld een onaanvaardbaar zware financiële last op verweerder legde.

In eerdere arresten heeft de Hoge Raad overwogen dat er in die gevallen  – behoudens zwaarwegende aanwijzingen van het tegendeel – van kan worden uitgegaan dat de afnemer, zonder dat onrechtmatig handelen van de aanbieder, de effectenleaseovereenkomst niet zou hebben gesloten. De aanbieder moet als schade vergoeden de nadelige financiële gevolgen van het aangaan van de overeenkomst voor de afnemer. Daaronder valt niet alleen de eventuele restschuld, maar ook de al betaalde rente en, in voorkomende gevallen, de al betaalde aflossing en de in rekening gebrachte kosten. De vergoedingsplicht van de aanbieder kan onder omstandigheden wel op grond van eigen schuld worden verminderd.

Een van de vragen die nog niet was uitgekristalliseerd is de vraag wanneer de wettelijke rente over de door de aanbieder te vergoeden inleg gaat lopen. Is dat vanaf het moment waarop een desbetreffend gedeelte van de inleg daadwerkelijk is voldaan of vanaf het moment dat de effectenleaseovereenkomst is geëindigd?

Antwoord van de Hoge Raad

De Hoge Raad beantwoordt die vraag als volgt.

Op grond van artikel 6:119 lid 1 BW is Dexia wettelijke rente verschuldigd over de te betalen schadevergoeding gedurende de periode dat zij met een voldoening daarvan in verzuim is geweest.

De verbintenis tot schadevergoeding vloeit voort uit een door Dexia gepleegde onrechtmatige daad. Met de voldoening van die verbintenis was Dexia op grond van artikel 6:83 aanhef en onder b BW zonder ingebrekestelling in verzuim vanaf het moment waarop de schade werd geleden.

De wettelijke rente is dus verschuldigd vanaf elk moment waarop de schade wordt geleden. Dat betekent voor de inleg, die bestaat uit termijnbetalingen en eventuele aflossingen, dat de wettelijke rente over elk betaald gedeelte van de inleg verschuldigd wordt vanaf de dag van betaling van het desbetreffende gedeelte.

Dat dit in de praktijk betekent dat de berekening van de wettelijke rente omslachtig, tijdrovend en dus kostbaar is, zoals Dexia had aangevoerd, is volgens de Hoge Raad onvoldoende reden om degenen die schade hebben geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen van Dexia het recht op vergoeding van een gedeelte van die schade te onthouden.

Conclusie

De wettelijke rente over de inleg gaat dus niet lopen vanaf de datum waarop de effectenleaseovereenkomst is geëindigd, maar vanaf de dag van betaling van het desbetreffende gedeelte van de inleg.

Door Annelijn Kroes

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.