nieuws

Kleine verzekeraars vechten om voortbestaan

Branche

Kleine verzekeraars zitten in het verdomhoekje. De toezichtkosten nemen flink toe, DNB kijkt nadrukkelijker over de schouders mee en steeds meer verzekeraars stoppen er mee. Is er nog hoop voor de kleine verzekeraar?

Kleine verzekeraars vechten om voortbestaan

De onderzoeksjournalisten van Follow the Money deden voor am: onderzoek naar de stand van zaken bij de kleine verzekeraars in Nederland. Met de komst van Solvency II zou DNB de druk tot consolidatie opvoeren, omdat de kleine verzekeraars de solvabiliteitslast niet meer kunnen dragen. Een van de voorname slachtoffers was Conservatriz Levensverzekeringen. In 2013 nog goed voor € 91 mln aan brutopremie-inkomsten, maar begin dit jaar kondigde het aan te stoppen met het verstrekken van nieuwe verzekeringen.

Uitvaartverzekeraars
Naast Conservatrix slaan ook de natura-uitvaartverzekeraars alarm. “Wij maken ons zorgen over ons voortbestaan, met namedoor de toegenomen regeldruk”, zegt Leen van Loosen van de Christelijke Onderlinge Begrafenisvereniging uit Urk en tevens bestuurder van Nardus, de branchevereniging van natura-uitvaartverzekeraars. “We hebben nu 2,5 maal meer solvabiliteit dan het huidige minimum, maar Solvency II houdt geen rekening met natura-uitvaartverzekeraars. Als wij aan die eisen moeten voldoen, hebben we miljoenen extra kapitaal nodig. Ik denk dat geen enkele natura-uitvaartverzekeraar dat kan dragen. Daarom hebben we een brief geschreven aan minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem.”

Van Loosen benadrukt dat niet alleen de solvabiliteitseisen worden verzwaard, maar dat ook de kosten die de verzekeraars moeten maken voor het nieuwe Solvency II-toezicht flink toenemen. Het ministerie van Financiën schat dat de ongeveer 50 kleine verzekeraars die onder de lichte versie van Solvency II vallen (Solvency II Basic) gezamenlijk eenmalig € 11,8 mln kwijt zijn aan de overgang naar Solvency II. En daarnaast jaarlijks nog € 2,2 mln structureel. “Dat is gemiddeld ruim € 200.000 aan incidentele kosten per kleine verzekeraar en € 44.000 aan structurele kosten.”

DNB
Volgens Petra Hielkema, hoofd verzekeringsbeleid bij DNB, is het nog niet te zeggen wat er gemiddeld genomen gaat gebeuren met de solvabiliteit van de kleine verzekeraars, als zij met Solvency II Basic moeten gaan rekenen. In het tweede kwartaal van dit jaar wordt een ‘dry run’ gehouden, waarbij de kleine verzekeraars voor het eerst écht gaan rekenen met Solvency II Basic. “De meeste solvabiliteitsratio’s zullen dalen, maar daar mag je niet uit concluderen dat het slechter gaat, dat is inherent aan de Solvency II Basic-methodiek. De verzekeringsbranche is de enige die nog met een niet-risicogebaseerd toezichtkader uit de jaren ’70 werkt. Mede daardoor zie je dat verzekeraars onder Solvency I al boven de norm zitten. Onder Solvency II blijft de toezichthouder het verstandig vinden om boven de norm uit te komen, maar dat wordt meer afhankelijk van het risicoprofiel.”

Nieuwe productie
De opdrogende nieuwe productie is een ander probleem voor de kleine verzekeraars, vertelt toezichthouder Pieter Linde. “De nieuwe productie droogt een beetje op. De online concurrentie met grote verzekeraars komt op en de bekendheid van lokale verzekeraars op internet is minder. Vroeger was het logisch dat je bij de onderlinge uit je dorp verzekerd was. Kinderen zijn dan nog wel automatisch meeverzekerd, maar als ze uit huis gaan, of gaan studeren, dan gaan ze zelf op internet kijken. Dat hoor ik wel eens van kleine verzekeraars. Als je een vergrijzende portefeuille hebt, dan moet je wel eens gaan nadenken.”

In het nieuwe am: dat vrijdag verscheen, staat het hele verhaal over de strijd van kleine verzekeraars.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.