nieuws

Belegger blijft gebonden aan ‘Dexia Aanbod’

Branche

Een belegger die het zogenaamde ‘Dexia Aanbod’ heeft aanvaard blijft daaraan gebonden ook als de onderliggende effectenleaseovereenkomst wordt vernietigd door de echtgenoot die noch voor de effectenleaseovereenkomst, noch voor het Dexia Aanbod toestemming heeft verleend. Het hof Den Haag heeft dat overwogen in een arrest van 23 juli 2013 en de

Belegger blijft gebonden aan ‘Dexia Aanbod’

 Hoge Raad heeft dat oordeel recent in stand gelaten.

Bij effectenlease leent een belegger geld om effecten aan te kopen. Bij een ongunstige koersontwikkeling kan de belegger met een schuld achterblijven. Helaas is dat bij veel afnemers van effectenleaseproducten gebeurd, omdat de aandelenkoersen flink kelderden.

De Hoge Raad heeft in het arrest Dexia/Van Tuijl c.s bepaald dat het bij financiële lease van aandelen om een huurkoopovereenkomst gaat. Huurkoop is een speciale vorm van koop op afbetaling. Voor het sluiten van een koop op afbetaling is op grond van artikel 1:88 BW toestemming vereist van de echtgenoot. Ontbreekt die toestemming, dan kan deze echtgenoot de koopovereenkomst vernietigen op grond van artikel 1:89 BW. Nu er veel verliezen op aandelen zijn geleden, is dat een route die veel echtgenoten hebben gevolgd om aan gebondenheid aan de effectenleaseovereenkomst te ontkomen.

Wet collectieve afwikkeling massaschade – Dexia

Ook Dexia bood effectenleaseproducten aan. Volgens afnemers heeft Dexia voor de risico’s van effectenleaseproducten onvoldoende gewaarschuwd en zij achtten Dexia aansprakelijk voor de door hun geleden schade. Uiteindelijk is tussen (de rechtsopvolgster van) Dexia en een deel van de afnemers een minnelijke oplossing voor hun geschil gevonden.

Op basis van de Wet collectieve afwikkeling massaschade (WCAM, artikel 7:907 BW) kan zo’n minnelijke regeling door het hof Amsterdam verbindend worden verklaard. Het hof is daar in de Dexia-kwestie toe overgegaan bij beschikking van 25 januari 2007. Benadeelden die niet gebonden willen zijn aan de overeenkomst kunnen gebruik maken van de opt out-bevoegdheid. Nadat de verbindendverklaring onherroepelijk is geworden, kan de benadeelde buiten de overeenkomst om schadevergoeding van de schadeveroorzakende partij proberen te verkrijgen.

Arrest hof Den Haag

De vraag die in het arrest van het hof Den Haag centraal staat is de vraag of de echtgenote die de effectenleaseovereenkomst heeft gesloten en het Dexia Aanbod heeft aanvaard daaraan toch gebonden blijft als haar echtgenoot de effectenleaseovereenkomst vernietigt vanwege het ontbreken van toestemming ex artikel 1:88 BW en ook geen toestemming heeft verleend voor het accepteren van het Dexia Aanbod door de echtgenote.

Achtergronden

Eisers waren tot 2004 met elkaar getrouwd. In 2000 heeft de echtgenote een effectenleaseovereenkomst gesloten met Dexia zonder toestemming van haar echtgenoot. In 2003 aanvaardt de echtgenote het Dexia Aanbod door het plaatsen van een kruisje op het aanmeldingsformulier. Het formulier is niet door de echtgenoot getekend.

In 2009 vernietigt de echtgenoot de effectenleaseovereenkomst op grond van artikel 1:89 BW. Het Dexia Aanbod en iedere andere gesloten minnelijke regeling vernietigt hij op grond van artikel 6:229 BW (vernietiging van een voortbouwende overeenkomst). Ook brengt het echtpaar een opt out-verklaring uit ten aanzien van de WCAM-overeenkomst. (De rechtsopvolgster van) Dexia kan stemt daarmee niet en vordert nakoming van de Dexia-overeenkomst (de overeenkomst die tot stand is gekomen door aanvaarding van het Dexia Aanbod door de echtgenote), althans nakoming van de WCAM-overeenkomst.

Oordeel van het hof

De rechtbank heeft de vordering van de rechtsopvolgster van Dexia toegewezen. In hoger beroep blijft het oordeel van de rechtbank in stand. Het hof overweegt dat het Dexia Aanbod een vaststellingsovereenkomst is. De geldigheid van de vaststellingsovereenkomst is in beginsel niet afhankelijk van de daarvoor bestaande rechtsverhouding waarvoor zij een regeling beoogt te treffen. Bij toepassing van artikel 6:229 BW moet dan ook terughoudendheid worden betracht volgens het hof. Een uitzondering kan worden gemaakt als het gaat om een achteraf niet juist feit dat partijen als zeker en onbetwist aan hun vaststelling ten grondslag hebben gelegd.

Naar het oordeel van het hof hebben partijen de geldigheid van de effectenleaseovereenkomst niet zeker geacht. Dat blijkt uit het feit dat de echtgenote afstand heeft gedaan van de mogelijkheid van vernietiging of ontbinding van de effectenleaseovereenkomst om onzekerheid en geschil daarover te voorkomen of te beëindigen. Daarmee strookt volgens het hof niet dat de vaststellingsovereenkomst kan worden aangetast op de grond dat de effectenleaseovereenkomst niet meer bestaat, omdat deze laatste op de voet van artikel 1:89 BW is vernietigd. Het beroep op artikel 6:229 BW wordt verworpen. Dat betekent dat de echtgenote, ook na vernietiging door de echtgenoot van de effectenleaseovereenkomst, aan de vaststellingsovereenkomst gebonden blijft. Het hof merkt daarbij op dat de echtgenoot de vaststellingsovereenkomst niet op grond van artikel 1:89 BW heeft vernietigd en ook geen vordering tot ongedaanmaking van de door hem vernietigde effectenleaseovereenkomst heeft ingesteld.

Conclusie

Kortom vernietiging van de effectenleaseovereenkomst leidt er niet toe dat ook de Dexia-overeenkomst kan worden vernietigd. De echtgenote blijft aan de Dexia-overeenkomst gebonden.

Door Annelijn Kroes

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.