nieuws

D&O ziet nog de nodige haken en ogen aan nieuwe SWO

Branche

Adfiz, OVFD en het Verbond van Verzekeraars bereikten onlangs een akkoord over een refertemodel voor de Samenwerkingsovereenkomst (SWO), maar daarmee zijn de branchepartijen er volgens Bureau D&O nog lang niet. Zo zouden consumenten ook gehoord moeten worden in de totstandkoming.

D&O ziet nog de nodige haken en ogen aan nieuwe SWO

Dat is een van de aanbevelingen die D&O doet in het commentaar op het Memorandum of Understanding (MoU) dat de branchepartijen samenstelden. Het bureau schrijft: “Door het gehele Memorandum loopt de lijn dat het uw wens is dat binnen de verhouding aanbieder adviseur/bemiddelaar het belang van de consument recht wordt gedaan. Deze wens delen wij. Gelet op dit uitgangspunt had de waarde van dit Memorandum in onze visie kracht kunnen winnen wanneer ook de consument en de formele vertegenwoordigers van de consument betrokken zouden zijn geweest bij de totstandkoming van deze uitgangspunten.” D&O pleit ervoor om bijvoorbeeld de Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis

Zorgplicht
D&O stipt ook de zorgplicht aan: “Naar ons oordeel is het onderwerp ‘zorgplicht’ onvoldoende uitgewerkt. Met de toenemende diversiteit aan bedieningsmodellen en doorbelasting van kosten aan consumenten neemt het belang van heldere afspraken hoe de zorgplicht in diverse scenario’s wordt ingericht toe. De huidige formuleringen zijn naar ons oordeel hiervoor te beperkt.”

Daarnaast zou D&O graag duidelijkere stellingname zien over de gemeenschappelijke visie die de partijen hebben over wanneer er wel of geen samenwerking wordt aangegaan met een bemiddelaar: “Voor zover ons bekend zijn alle drie de partijen van oordeel dat kwantitatieve omzeteisen geen argument mogen zijn van een aanbieder om wel of geen samenwerking met een bemiddelaar aan te gaan. Ons is bekend dat ook in kwalitatief opzicht alle drie de partijen zich situaties kunnen voorstellen waarbij van een aanbieder niet geëist kan worden een relatie met een bepaalde financiële dienstverlener aan te gaan of voort te zetten. Wij bepleiten daarom dat in het Memeorandum over het wel of niet accepteren van een financieel dienstverlener als bemiddelaar dan toch minstens de ondergrens wordt aangegeven waarvan de partijen wel een gemeenschappelijke visie hebben met betrekking tot de normen, die geen onderdeel behoren uit te maken van het afwegingsproces van een aanbieder om wel of geen samenwerking aan te gaan met een specifieke bemiddelaar.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.