nieuws

De werking van de ‘nieuwe’ opzetclausule in de praktijk. Onbedoelde schade door mis schoppen

Branche

Valt een onbedoeld veroorzaakte schade aan een auto als gevolg van mis schoppen van een persoon onder de ‘nieuwe’ opzetclausule van een AVP-verzekering? Dat is de vraag die in de uitspraak van 18 juli 2014 (2014-278) van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening (hierna: ‘de Geschillencommissie’) aan de orde kwam.

De werking van de ‘nieuwe’ opzetclausule in de praktijk. Onbedoelde schade door mis schoppen

In de zaak is een vader door een verzekeraar aansprakelijk gesteld voor de door zijn minderjarige zoon toegebrachte schade aan de auto van haar verzekerde. De zoon had namelijk tijdens een ruzie met zijn toenmalige vriendin in haar richting geschopt. Hij miste haar maar raakte wel de auto die zich in haar nabijheid bevond. De vader heeft vervolgens het schadebedrag aan de autoverzekeraar voldaan, en spreekt vervolgens zijn eigen AVP-verzekeraar aan op grond van de verzekeringsovereenkomst. De AVP-verzekeraar heeft de claim van de vader onder de verzekeringsovereenkomst afgewezen, aangezien de schade volgens haar door de zoon is veroorzaakt door opzettelijk en wederrechtelijk tegen een zaak of persoon gericht geweld en dit volgens de ‘nieuwe’ opzetclausule in de polisvoorwaarden is uitgesloten van dekking.

Vordering ‘verzekerde’ vader

De ‘verzekerde’ vordert vergoeding van het schadebedrag door zijn AVP-verzekeraar. Daartoe stelt hij het navolgende:

  • De AVP-verzekeraar heeft de schadeclaim ten onrechte op grond van de opzetclausule afgewezen. De schade aan de auto is ontstaan tijdens een verdedigende actie van zijn zoon tijdens een ruzie met zijn (inmiddels ex-)vriendin. De zoon heeft niet opzettelijk en wederrechtelijk gehandeld waardoor er geen sprake is van opzet.
  • De schade had beoordeeld moeten worden met inachtneming van de oude opzetclausule. De nieuwe opzetclausule was ten tijde van het ontstaan van de schade nog niet van toepassing op de verzekeringsovereenkomst.

De zaak wordt omdat partijen er niet uitkomen voorgelegd aan de Geschillencommissie.

‘Nieuwe’ opzetclausule

De Geschillencommissie oordeelt eerst dat uitgegaan dient te worden van de toepasselijkheid van de nieuwe opzetclausule, nu geen van beide partijen het polisblad konden overleggen dat geldig was ten tijde van het ontstaan van de schade, en de nieuwe opzetclausule reeds sinds 2000 is aanbevolen door het Verbond van Verzekeraars en sindsdien in het algemeen door verzekeraars wordt gehanteerd.

De ‘nieuwe’ opzetclausule luidt als volgt:

De verzekering biedt geen dekking voor de aansprakelijkheid van een verzekerde voor een schade veroorzaakt door en/of voortvloeiende uit zijn opzettelijk en tegen een persoon of zaak gericht wederrechtelijk handelen of nalaten.

Opzettelijk handelen

De Geschillencommissie oordeelt dat de schade aan de auto opzettelijk is veroorzaakt in de zin van de nieuwe opzetclausule, en daarom niet wordt gedekt onder de verzekeringsovereenkomst. Dit oordeel bouwt zij als volgt op:

  • De Geschillencommissie stelt vast dat de zoon richting zijn toenmalige vriendin heeft geschopt. Dit was op zichzelf een actieve, opzettelijke op de persoon gerichte handeling;
  • Van omstandigheden voor noodweer(exces) is onvoldoende gebleken. In het bijzonder is niet gebleken dat de zoon zich niet aan het gestelde geweld van de vriendin heeft kunnen onttrekken door weg te lopen;
  • De omstandigheid dat het ingetreden gevolg niet het gevolg is dat iemand voor ogen heeft, betekent bij toepassing van de ‘nieuwe’ opzetclausule niet dat er geen sprake is van opzet. Immers,

–    De handeling als zodanig (het schoppen) was opzettelijk en wederrechtelijk tegen een persoon gericht, en;

–    Het ingetreden gevolg (de beschadiging van de auto) lag redelijkerwijs binnen de verwachting, aangezien de auto dichtbij de        toenmalige vriendin stond op het moment van de schoppende beweging

Duiding

Deze uitspraak van de Geschillencommissie is in lijn met andere jurisprudentie over de (uitleg van) de nieuwe opzetclausule (onder andere rechtbank Amsterdam 25 november 2009, RAV 2010/57 en rechtbank Rotterdam 26 juni 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:7632). In zaken waarin niet beoogde schades van op zichzelf wel opzettelijke en wederrechtelijke handelingen aan de orde zijn, zorgt toepasselijkheid van de ‘nieuwe’ opzetclausule (ook wel opzetclausule AVP 2000 genoemd) voor een andere uitkomst van de zaak dan onder de ‘oude’ opzetclausule, nu in de ‘nieuwe’ opzetclausule de opzet is gekoppeld aan de gedraging zelf en niet (meer) aan het (schadelijke) gevolg van de gedraging. Het is nu dus niet nodig dat het opzet is gericht op het gevolg van de handeling, maar het komt er op aan of het opzet is gericht op het wederrechtelijk handelen of nalaten. Onbedoelde schade kan alsdan – anders dan onder oude opzetclausule – niet voor uitkering onder verzekeringsovereenkomst in aanmerking komen. Deze uitspraak in een toch wel bijzonder feitencomplex is daarvan een goed voorbeeld. Al met al een dure (en waarschijnlijk ook pijnlijke) mistrap.

Reageer op dit artikel