nieuws

Dijsselbloem houdt definitief vast aan PE-examen

Branche

In een brief aan de Tweede Kamer heeft minister Dijsselbloem van Financiën aangegeven onverkort te blijven vasthouden aan de PE-toets. Kwaliteitscontrole op het volgen van een PE-programma is in de praktijk zo niet onmogelijk, dan zeker te kostbaar. Er komen wel wat versoepelingen, waaronder een verlenging van de overgangstermijn van 1,5 naar 2 jaar en de mogelijkheid om goede en actueel gehouden diploma’s toe te voegen aan de gelijkstellingenlijst. De diplomahouder dient vervolgens nog wel een PEplus-examen af te leggen voor de relevante beroepskwalificatie(s). Voor een examen wordt een leges geheven van € 46.

Dijsselbloem houdt definitief vast aan PE-examen

Vanaf 2014 zal er dus een diplomaplicht met periodieke PE-examens voor de individuele adviseur bestaan. “Deze examens mogen uitsluitend via een centrale examenbank worden afgelegd. Door middel van de centrale examenbank wordt een uniform examenniveau gegarandeerd en is het niet langer mogelijk (neerwaarts) te concurreren op de kwaliteit van een examen of programma. Dit is van belang, zodat de adviseur in kwestie op een uniforme manier kan aantonen dat hijzelf over de vereiste vakbekwaamheid beschikt om de consument van een goed advies te kunnen voorzien”, aldus Dijsselbloem in zijn brief aan de Kamer.
DUO
De examens kunnen worden afgelegd bij de erkende exameninstituten. Een examen kan in dit verband zowel een PE-plus examen zijn voor een beroepskwalificatie als een initieel examen voor een module. De Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) factureert de leges (€ 46) aan de exameninstituten. Het streven is het tarief van de leges de komende jaren zo stabiel mogelijk te houden.
Alternatieven
De door de branche aangedragen alternatieven zijn in de ogen van Dijsselbloem “geen wenselijke alternatieven voor het nieuwe vakbekwaamheidsbouwwerk. Het voorstel lost het huidige probleem, namelijk niet over de gehele linie voldoende en uniform te borgen kwaliteit van PE-programma’s, niet op. Aanwezigheid bij programma´s in plaats van afleggen van een examen borgt bovendien niet het vereiste niveau van vakbekwaamheid. Een ander idee dat voorgesteld is, ziet op het borgen van de vakbekwaamheid door middel van de bedrijfsvoering van de financiële dienstverlener. Een voorbeeld hiervan is dat medewerkers op de hoogte blijven van actuele ontwikkelingen via het intranet en via interne toetssystemen een toets maken om aan te tonen dat zij vakbekwaam zijn. Bezwaar hiertegen is dat er een grote kans bestaat dat de toetsvragen en antwoorden bekend raken binnen het bedrijf. Daarnaast dient het CDFD al deze toetsvragen te valideren, wat met het huidige systeem reeds een kostbare, arbeidsintensieve, zo niet onmogelijke werkwijze bleek.”
Strenger
“Er is tijdens de bijeenkomsten tevens opgemerkt dat het periodieke examen in het kader van permanente educatie strenger is dan bij vergelijkbare beroepsgroepen, zoals advocaten en notarissen. Deze beroepsgroepen zijn echter niet goed vergelijkbaar met financieel adviseurs. Zo is er bij deze beroepsgroepen sprake van een duidelijker afgebakende groep. Daarnaast gelden er hoge instapeisen (waaronder een afgeronde academische opleiding) en beschikken deze beroepsgroepen over een beroepsvereniging, waarbij de in een lange geschiedenis opgebouwde normerende werking van het tuchtrecht een belangrijke rol speelt. De groep financieel adviseurs is veel diffuser, de instapeisen zijn minder stringent en de normerende werking van een in een lange kwaliteitsgeschiedenis opgebouwde beroepsvereniging met tuchtrecht ontbreekt”, aldus de minister.
Versoepelingen
Uit de gevoerde overleggen met de brancheorganisaties heeft het ministerie van Financiën volgens Dijsselbloem veel input gekregen om op onderdelen het vakbekwaamheidsbouwwerk te versoepelen en tegemoet te komen aan belangrijke kritiek in de markt, waarbij toch de kwaliteit van het bouwwerk behouden blijft. Deze versoepelingen zijn:
– Verlenging van de overgangstermijn van 1,5 naar 2 jaar om de markt meer tijd te geven om aan de nieuwe vakbekwaamheidsregels te voldoen.
– De mogelijkheid om goede en actueel gehouden diploma’s toe te voegen aan de gelijkstellingenlijst. Deze examens kunnen dus worden gelijkgesteld met het huidige initiële Wft diploma. De diplomahouder dient vervolgens nog wel een PEplus-examen af te leggen voor de relevante beroepskwalificatie(s).
– Herziening van de PEplus eind- en toetstermen. Het aantal eind- en toetstermen is met 30% gereduceerd. Binnen de gekozen opzet zijn vermijdbare doublures en niet relevante termen verwijderd, zodat in beginsel enkel nog relevante actualiteiten, vaardigheden en competenties getoetst worden.
– Het PEplus-examen voor Consumptief krediet hoeft niet te worden afgelegd bij het behalen van het PEplus-examen Hypothecaire krediet. Een adviseur die in het bezit is van geldige diploma’s Consumptief Krediet, Hypothecair Krediet en Basis hoeft dus alleen PEplus-examen Hypothecair Krediet af te leggen. Daarmee verkrijgt hij zowel de beroepskwalificatie adviseur Hypothecair krediet als de beroepskwalificatie adviseur Consumptief krediet. Deze nieuwe vrijstelling geldt naast de overige dwarsverbanden tussen beroepskwalificaties:
– PEplus-examen Schade zakelijk (waarvan relevante onderdelen van Schade particulier deel uitmaken) leidt tevens tot PEplus-examen Schade particulier;
– PEplus-examen Pensioen (waarvan relevante onderdelen van Vermogen deel uitmaken) leidt tevens tot PEplus-examen Vermogen;
– PEplus-examen Hypothecair krediet (waarvan relevante onderdelen van Vermogen deel uitmaken) leidt tevens tot het PEplus-examen Vermogen.
– Alle PEplus-examens (waarvan relevante onderdelen van Basis deel uitmaken) leiden tot het PEplus-examen Basis.
Modulestructuur
De modulestructuur wordt als volgt gewijzigd:
– De modules Volmacht worden opgeschort. Naar aanleiding van geluiden uit de markt en vanwege voorschrijdend inzicht is het besef ontstaan dat deze modules mogelijk niet goed aansluiten bij wat nodig is om de consument te beschermen en goed toezicht te houden. Het CDFD zal daarom begin 2014 in overleg met de sector bezien hoe de modules Volmacht in de toekomst het beste kunnen worden ingericht.
– De module Basis zal worden geschrapt uit de beroepskwalificatie Zorg. De module Basis bevat namelijk veel eind- en toetstermen die niet relevant zijn voor het adviseren in zorgverzekeringen. Relevante eind- en toetstermen uit de module Basis zullen worden toegevoegd aan de module Zorg.
– Toetsen van in beginsel enkel PE-actualiteiten die binnen een tijdsbestek van één jaar hebben plaatsgevonden. Daarnaast kunnen relevante actualiteiten die niet binnen dit tijdsbestek vallen getoetst worden indien op het moment van het afleggen van het PE-examen deze nog van belang zijn. Dit kan op tweeërlei wijze worden gerealiseerd. Ten eerste door het verkorten van het proces van het ontwikkelen van eind- en toetstermen wordt voorkomen dat ‘oude’ kennis wordt getoetst. Ten tweede worden marktpartijen actief betrokken bij het ontwikkelproces om te bevorderen dat de eind- en toetstermen voldoende aansluiten bij de dagelijkse praktijk van de adviseur.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.