blog

Kifiduitspraak periodieke polischeck kent beperkingen

Branche

Afgelopen vrijdag besteedde Amweb aandacht aan een uitspraak van het Kifid over de omvang van de plicht van een adviseur om periodiek aandacht te besteden aan de verzekeringen van zijn klant. Die uitspraak maakt vooral duidelijk dat adviseurs er goed aan doen om duidelijk te communiceren wat zij doen voor de klant. Daarmee kunnen een hoop klachten en procedures voorkomen worden.

Kifiduitspraak periodieke polischeck kent beperkingen

Het Kifid stelt in haar uitspraak vast dat er een verplichting is voor de adviseur om periodiek aandacht te besteden aan de verzekeringen van de klant. Dat is overigens wel iets anders dan dat de adviseur periodiek zou moeten toetsen of er bespaard kan worden op de gesloten verzekeringen. Want me dunkt dat er meer factoren van belang zijn voor een passend advies, dan alleen de premie. Hoe vaak de adviseur de verzekeringen tegen het licht moet houden is volgens het Kifid afhankelijk van wat partijen daarover hebben afgesproken. En van de omstandigheden van het geval, waaronder de aard van de verzekeringen en de omvang van de beloning.

Daarbij wreekt zich in dit geval, dat er geen schriftelijke afspraken zijn gemaakt en ook geen algemene informatie is verstrekt door de adviseur over de omvang van haar dienstverlening. Daarom voelt de klant zich nu tekortgedaan. Terwijl deze klacht eenvoudig voorkomen had kunnen worden, als de adviseur op voorhand had uitgelegd of en zo ja, met welke frequentie er een periodieke polischeck wordt uitgevoerd.

Gekleurd oordeel
Het Kifid oordeelt dat het voldoende was dat de adviseur in 2010 contact heeft gehad met de klant. Volgens het Kifid had de klant nadien ook zelf contact kunnen zoeken met de adviseur, als hij vond dat hij onvoldoende werd begeleid. Dat oordeel is mijns inziens gekleurd door het feit dat het hier alleen ging om een autoverzekering die goedkoper had gekund. Zou sprake zijn geweest van onderverzekering, of van een gat in de dekking, dan zou de uitspraak waarschijnlijk in het voordeel van de klant zijn uitgevallen. Volgens vaste jurisprudentie moet de adviseur immers voor dergelijke zaken waken, waarbij de omvang van de provisie nooit een verzachtende factor is.

Subsidiërende werking
Verder is de uitspraak gekleurd door het feit dat de klant zelf niet op de zitting verschenen is. Daardoor is de discussie over de omvang van de beloning en de dienstverlening die de klant daarvoor mag verwachten, niet goed uit de verf gekomen. De adviseur had gesteld dat zij slechts enkele euro’s per verzekering per jaar ontving en dat er daarom alleen sprake kan zijn van een beperkte dienstverlening. Daarmee wordt echter de provisie ten onrechte gelijk gesteld aan rechtstreekse beloning. Provisie kent immers een subsidiërende werking. In dat licht zegt het dus niet zoveel dat de adviseur in dit geval niet veel provisie ontving voor deze klant. Het gaat erom of de dienstverlening uit kon, gelet op de totale bedrijfsvoering. Daarover is het debat bij het Kifid echter niet gevoerd.

De uitspraak is, kortom, gekleurd door het beperkte belang van de klacht. Maar is vooral interessant omdat daaruit weer eens het belang blijkt van schriftelijke afspraken. Algemene regels zijn er immers niet te geven over de vraag hoe vaak verzekeringen tegen het licht gehouden moeten worden bij welke beloning. Noodzakelijk is dat voor de klant helder is wat hij van zijn adviseur mag verwachten.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.