blog

De aangepaste PE-(plus)regeling; iets te vroeg gejuicht?

Branche

De minister van Financiën is uiteindelijk overstag gegaan. De deadline voor het behalen van het PE-plusdiploma is nog verder opgeschoven. De individuele PE-termijn is gewijzigd in een collectieve PE-termijn. En alle PE-examens worden vanaf 1 april 2017 bovendien op beroepskwalificatieniveau afgenomen. Maar hoe pakt dit dadelijk in de praktijk uit?

De aangepaste PE-(plus)regeling; iets te vroeg gejuicht?

Een adviseur met oude(re) (vrijgestelde) diploma’s moet vóór 1 januari 2017 zijn PE-plusexamen halen. Wanneer deze hiervoor slaagt, kunnen de (oudere) diploma’s samen met de benodigde PE-plus-certificaten worden omgewisseld voor een of meerdere nieuwe Wft-diploma’s.

Iedereen die na 1 januari 2017 een geldig Wft-diploma heeft, moet vervolgens in een tweejaarsperiode (van 1 april 2017 tot 1 april 2019) weer een PE-examen afleggen om het Wft-diploma geldig te houden. En vanaf 1 april 2019 beslaat die PE-periode voortaan drie jaar (dus van 1 april 2019 tot 1 april 2012 en verder).

Dat PE-examen is op beroepskwalificatieniveau. Dit bespaart de branche veel tijd en geld, want in de oorspronkelijke opzet zou er per module examen moeten worden gedaan. En zou er per behaald module-examen weer een individuele PE-termijn van 3 jaar gelden. Veel gepuzzel en extra opleidings- en examenkosten waar de adviseur niet op zit te wachten.

De aangepaste regeling is goed nieuws voor de branche, maar het is nog wel de vraag hoe de regeling er precies uit gaat zien. Als je uitgaat van de huidige PE-plusexamens, gaat het om één samengesteld examen voor zowel de topmodule als de onderliggende modules.

Gevolgen van de nieuwe PE-systematiek
Laten we eens kijken wat de gevolgen zijn voor de toekomst. En dan neem ik de drie beroepskwalificaties waar de regeling de meeste pijn wegneemt, omdat deze uit de meeste modules bestaan: de Adviseur Hypothecair krediet (Hypothecair Krediet, Vermogen en Basis), de Adviseur Pensioen (Pensioen, Vermogen en Basis) en de Adviseur Schade Zakelijk (Schade Zakelijk, Schade Particulier en Basis). Ik focus me daarbij op de eerste twee beroepskwalificaties.

Men neme een hypotheekadviseur en pensioenadviseur die per 1 januari 2017 netjes hebben voldaan aan de wettelijke deskundigheidseisen. En die vervolgens in de daaropvolgende PE-periodes telkens aan hun PE-verplichting voldoen. Laten we zeggen voor de PE-periodes 2017-2019, 2019-2022 en 2022-2025. Hoe staat het dan in 2025 met hun wettelijke vakbekwaamheid voor de module Vermogen?

Nou, na die drie PE-periodes zal die vakbekwaamheid voor Vermogen niet op hetzelfde wettelijke PE-niveau zijn geborgd als die van een adviseur Vermogen die net gediplomeerd is, een adviseur Vermogen die zijn PE-Plus heeft gedaan of een adviseur Vermogen die in al die periodes zijn PE heeft bijgehouden.

Dat is logisch, want de vragen Vermogen (en Basis) liggen in een PE-examinering à la PE-plus op kennisniveau en zijn van ondergeschikt belang. Je hebt dan als hypotheek- en pensioenadviseur het wettelijke PE-niveau van de topmodule binnen je beroepskwalificatie in de drie PE-periodes op peil gehouden, maar dat kun je over de onderliggende module Vermogen (en module Basis) niet beweren.

Een schok
Het kan daarom niet anders dan dat er PE-examens voor elke afzonderlijke beroepskwalificatie komen. Geen PE-plusstapelwerk dus, maar voor de genoemde adviseurs ook een PE-examen voor Vermogen. Dat komt voor sommigen misschien als een schok, maar met een andere insteek sla je als wetgever op termijn de pijlers onder je vakbekwaamheidsgebouw uit.

Ik hoop wel dat de ‘beroepskwalificatie’ Wft-Basis buiten de uiteindelijke regeling wordt gehouden. Iedereen heeft dit altijd een vreemde eend in de bijt gevonden, omdat een dergelijke adviseur in werkelijkheid niet bestaat. Wft-Basis moet niets meer zijn dan een verplichte kennismodule als opstap naar de beroepskwalificaties.

Wordt Basis terzijde geschoven (of alleen door middel van kennisvragen meegenomen in het PE-examen), dan moeten de drie adviseurs uit mijn voorbeeld twee PE-examens afleggen. Dat is meer dan één, maar in ieder geval minder dan bij de modulegerichte benadering. En dan blijft het voor de overige beroepskwalificaties bij één PE-examen.

Het is naar mijn mening dus nog niet duidelijk hoe de regeling er definitief uit komt te zien. Hoe ga je bijvoorbeeld om met de adviseur Hypothecair krediet of Pensioen die niet meer actief is op vermogensgebied, zijn PE laat versloffen, maar na een tijd besluit om toch weer Vermogensproducten te gaan adviseren? Moet hij dan opnieuw Wft-examen doen? Of kan hij de geldigheid van zijn diploma via een PE-examen laten herleven? En zo ja, na hoeveel tijd? Dan lijkt het redelijk een maximumtermijn in te stellen waarbinnen de adviseur alsnog aan bepaalde PE-verplichtingen voldoet.

Kortom: mooi dat de PE-systematiek is bijgesteld. Maar juich niet te vroeg…

Deze blog is op persoonlijke titel geschreven.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.