nieuws

Rechter vraagt deskundig oordeel in strijd over toepassing beursclausule

Archief

Kunststoffabrikant Sell Plastics ligt met Aon en een aantal verzekeraars in de clinch over de uitleg van het begrip ‘verzekerd bedrag’ in de polisvoorwaarden. Het bedrijf heeft een brandschade niet volledig uitgekeerd gekregen. Op last van de rechter gaat een deskundige zich buigen over de materie. Centraal daarin staat het hanteren van vaste en niet-vaste taxaties.

Rechter vraagt deskundig oordeel in strijd over toepassing beursclausule

Sell heeft in 2011 via Aon op de assurantiebeurs een brandverzekering gesloten. Leidende verzekeraar is HDI Gerling, die met nog negen andere maatschappijen het risico draagt. De inventaris is ten tijde van het sluiten gewaardeerd op € 4,3 mln (vaste taxatie) en € 476.770 (zonder vaste taxatie). De verzekerde bedragen zijn € 1.871.000 aan uitgebreide inventaris en € 2.894.000 aan machines. In totaal is het verzekerd bedrag € 4.765.000. Later (in mei 2012) is het verzekerd bedrag verhoogd naar € 4.853.300. Op de polis zijn de Nederlandse Beursvoorwaarden voor zaak- en bedrijfsschadeverzekering (NBZB 2006) van toepassing en de clausule BC11-032/1 Indexering Bedrijfsuitrusting/Inventaris. Daarin is onder meer opgenomen dat het verzekerde bedrag met maximaal 25% wordt verhoogd als bij schade blijkt dat het verzekerde bedrag lager was dan de werkelijke nieuwwaarde voor de schade.

Vast of niet vast?
Op 3 mei 2012 breekt er brand uit bij Sell; dat leidt tot een schade van bijna € 5,5 mln, waarvan € 4,2 mln onder de noemer ‘getaxeerd’ en € 1,3 mln als ‘niet getaxeerd’. Verzekeraars keren € 5,1 mln uit. Sell vordert nu voor de Rotterdamse rechter betaling van het resterende schadebedrag. Op grond van de indexeringsclausule moet namelijk de volledige schade aan de inventaris vergoed worden, vindt Sell: de verhoging van het verzekerde bedrag tot 125% betreft namelijk het gehele verzekerde bedrag. In de polis wordt geen onderscheid gemaakt tussen vast en niet-vast getaxeerde inventaris, zodat de regeling niet alleen op de niet-vast getaxeerde inventaris van toepassing is.

Haviltex
De verzekeraars zijn het daar niet mee eens. Zij verwijzen naar artikel 7.960 van het Burgerlijk Wetboek en stellen dat er juist wel onderscheid moet worden gemaakt tussen vast en niet-vast getaxeerde inventaris. Alleen bij de niet-vast getaxeerde inventaris is sprake van onderverzekering. De verzekeraars verwijzen naar de Haviltexnorm, die inhoudt dat bij de uitleg van een bepaling niet alleen naar de taalkundige betekenis van de tekst moet worden gekeken, maar dat ook de bedoelingen van de betrokken partijen in ogenschouw moeten worden genomen. Die norm is van toepassing omdat de indexeringsclausule geen onderdeel uitmaakt van de algemene voorwaarden, maar door Aon namens Sell aan de overeenkomst is toegevoegd. Een van beide had moeten zorgen voor een verhoging van de verzekerde waarde, aldus de verzekeraars.

Wat is verzekerd bedrag?
Volgens de rechtbank moet worden vastgesteld wat onder ‘verzekerd bedrag’ moet worden verstaan: het totaal aan verzekerde bedragen met betrekking tot de inventaris of alleen het bedrag aan niet-vast getaxeerde inventaris, waar zich onderverzekering voordoet. Dat op het polisblad geen onderscheid wordt gemaakt tussen vaste en niet-vaste taxatie, is voor de rechter niet van belang.
Er is sprake van een vloeiende overgang tussen de norm waarbij de taalkundige betekenis van de tekst wordt gevolgd en de Haviltex-norm, betoogt de rechter: “Aan beide normen ligt de gedachte ten grondslag dat de uitleg van een schriftelijk contract niet dient plaats te vinden op grond van alleen de taalkundige betekenis van de bewoordingen waarin het is gesteld, al is in praktisch opzicht de taalkundige betekenis die deze bewoordingen, gelezen in de context van dat geschrift als geheel, in (de desbetreffende kring van) het maatschappelijk verkeer normaal gesproken hebben, bij de uitleg van dat geschrift wel van groot belang.”

Deskundige
De rechter wil weten wat het marktgebruik is ten aanzien van clausules als de indexeringsclausule, “in het bijzonder of een ‘vangnetbepaling’ als in de laatste zin van de indexeringsclausule normaal gesproken wordt toegepast op het totaal verzekerde bedrag of slechts op de categorie waar een tekort aan dekking is ontstaan”. De rechtbank wil daarom een deskundige laten benoemen die daarover duidelijkheid kan scheppen. Partijen komen op 1 april weer naar de rechtbank om aan te geven wie zo’n deskundige zou moeten zijn en welke vragen deze zal moeten beantwoorden.

Lees hier het vandaag gepubliceerde vonnis van de rechtbank Rotterdam

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.