nieuws

D&O stelt vragen bij boetebesluit consumptief krediet

Archief

Op 2 december heeft de AFM een bestuurlijke boete van € 31.250 opgelegd aan een adviseur die niet passend heeft geadviseerd in het kader van leningen aan consumenten. Het boetebesluit bevat een aantal opmerkelijke zaken, meldt Jurjen Oosterbaan van bureau D&O.

D&O stelt vragen bij boetebesluit consumptief krediet

De kern waarom de AFM deze boete in deze casus oplegt, is helder, zegt Oosterbaan. De AFM heeft bij een financieel dienstverlener 40 dossiers onderzocht waarin een advies is gegeven inzake consumptief krediet. Op advies met betrekking tot consumptief krediet zijn de wettelijke adviesregels van artikel 4:23 Wft van toepassing. Uit het onderzoek van 39 van deze dossiers blijkt dat de adviseur stelselmatig onvoldoende informatie bij de consument heeft ingewonnen om tot een passend advies te kunnen komen.

Dit is een overtreding van artikel 4:23, eerste lid, onder a. Omdat onvoldoende informatie is ingewonnen kan het uiteindelijke advies hierop ook niet zijn gebaseerd. Dit levert dan een overtreding op van artikel 4:23, eerste lid, onder b. Tot zover bevat dit boetebesluit niets nieuws. Wel is het de eerste keer dat de AFM in een boete, een interpretatie geeft van de wettelijke adviesregels van artikel 4:23 Wft in het kader van consumptief krediet, aldus Oosterbaan.

Externe adviseurs
De financiële dienstverlener in kwestie wenst een collectieve kredietportefeuille op te bouwen en gaat daarbij samenwerking aan met freelancers. Klanten die een consumptief krediet wensen, laat hij adviseren door externe adviseurs die werken op freelance basis. Weliswaar onder zijn naam en voor zijn rekening en risico maar deze adviseurs werken vanuit een andere vestiging. Pikant hierbij is dat deze externe adviseurs eerder werkzaam waren bij een onderneming die de AFM eerder heeft beboet.

In het boetebesluit is te lezen dat de financiële dienstverlener zich verweert met de stelling dat hij niet wist dat de door hem ingeschakelde adviseurs hun adviesverplichtingen niet waren nagekomen. Voorspelbaar is dat de AFM dit verweer niet heeft geaccepteerd. Een vergunninghouder is volledig verantwoordelijk voor alle personen die uit zijn naam en onder zijn verantwoordelijkheid adviseren. Hierbij maakt het niet uit of deze personen met de vergunninghouder een arbeidsovereenkomst hebben of op basis van een freelance contract werken. De vergunninghouder is en blijft verantwoordelijk voor de dienstverlening die uit zijn naam en op zijn vergunning wordt uitgevoerd.

Ook dit onderdeel van het boetebesluit bevat niets nieuws, maar is wel opnieuw een waarschuwing om als financieel dienstverlener voorzichtig te zijn met het inschakelen van freelancers.

In het boetebesluit geeft de AFM specifieke informatie over 39 van de 40 onderzochte dossiers. Vanuit dit overzicht is de volgende informatie te herleiden:

•Het gaat om persoonlijke leningen en doorlopende kredieten die liggen in de bandbreedte van € 74.688 en € 15.000 met een gemiddelde lening van € 27.000,-.

•In alle 39 dossiers heeft de consument opdracht verstrekt tot het adviseren en/of bemiddelen van onder meer een verantwoord krediet.

•In geen van de 39 dossiers zijn andere producten (betalingsbeschermers) geadviseerd.

•In 35 van de 39 dossiers is aan de klant een nota in rekening gebracht van (afgerond) € 2.500,-.

Vragen
Hier roept het boetedossier vragen op, meldt Oosterbaan. Op grond van artikel 4:74 Wft is directe beloning bij consumptief krediet verboden. Bij consumptief krediet houdt de wetgever vast aan het standpunt dat het in het belang van de consument is dat de bemiddelaar uitsluitend een beloning ontvangt van de aanbieder. Beloning door de klant is verboden.

Oosterbaan: “Uit het boetebesluit wordt niet duidelijk waarom de AFM dit feit in het boetebesluit niet meeneemt. Ook in de reacties in de vakmedia blijkt dat dit het misverstand in de hand werkt dat directe beloning bij consumptief is toegestaan.”

Voor alle duidelijkheid: directe beloning bij consumptief krediet is verboden, ook al speelt dit in dit boetebesluit geen rol.

Oosterbaan: “Daarnaast is ook de hoogte van de vergoeding (€2.500) een punt van aandacht. Gelet op de beperkte werkzaamheden die uit de onderzochte dossiers zijn te herleiden, kan gesteld worden dat er aanleiding is om als AFM een oordeel te geven of deze beloning als kennelijk onredelijk moet worden aangemerkt in de situatie dat directe beloning bij consumptief krediet wordt toegestaan of gedoogd.”

Hij vervolgt: “Zeker gelet op de afweging die de AFM eerder dit jaar heeft gemaakt in een eerdere boeteoplegging inzake kennelijk onredelijke beloning. Maar zoals aangegeven is dit niet relevant, omdat directe beloning bij consumptief krediet gewoon verboden is. Een oordeel over de hoogte van de verboden beloning is dan ook niet relevant.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.