nieuws

Nieuwe wijkbewoners onderschatten inbraakrisico

Archief

Mensen die pas in een wijk zijn komen wonen, schatten het inbraakrisico veel lager in dan mensen die er al langer wonen. Net na de verhuizing gaat het om een verschil in de risico inschatting van 30 procent. Oorzaak is het beperkte beeld dat nieuwe bewoners van woninginbraken in hun wijk hebben. Pas tien jaar na de verhuizing is het verschil in risicoperceptie grotendeels verdwenen. Dit blijkt uit onderzoek van economen Martin Salm en Ben Vollaard van Tilburg University.

Nieuwe wijkbewoners onderschatten inbraakrisico

Opvallend is dat het verschil in risicoperceptie zowel te zien is bij verhuizingen naar een wijk met een hoger criminaliteitsniveau dan in de oude woonomgeving, als bij verhuizingen naar een wijk met een lager criminaliteitsniveau. Nieuwe mensen in een wijk schatten het lokale inbraakrisico in eerste instantie dus altijd gunstiger in dan de bestaande bewoners.

Beeldvorming
Verklaring voor de vertekening in de risico inschatting is de manier waarop mensen zich een beeld vormen van het inbraakrisico in de wijk. Dit beeld lijkt vooral te zijn gebaseerd op indrukken van en ervaringen met inbraak in de directe woonomgeving, bijvoorbeeld door verhalen van buren of eigen ervaring met inbraak. Iemand die net is verhuisd, heeft nog weinig indrukken en ervaringen opgedaan. De risico inschatting is daarom laag. Het onderzoek is gebaseerd op gegevens uit de Integrale Veiligheidsmonitor. Dit is een jaarlijkse enquête onder een representatieve streekproef van Nederlanders ouder dan 15 jaar. De enquête vraagt zowel naar slachtofferschap van criminaliteit als naar veiligheidsbeleving. Het onderzoek combineert enquêtegegevens voor de jaren 2008-2011. De totale steekproef omvat meer dan een half miljoen personen.

Het onderzoek is hier te bekijken.

Reageer op dit artikel