nieuws

Delta Lloyd zet nieuwe norm voor kosten beleggingspolis

Archief

Delta Lloyd is als eerste verzekeraar met de stichtingen Woekerpolisclaim en Verliespolis tot een onderhandelingsresultaat gekomen over een compensatie voor te hoge kosten van beleggingspolissen. Het akkoord gaat het concern een veelvoud kosten van de _ 300 mln die er naar de huidige stand van zaken voor wordt gerekend.

 
 
Houders van beleggingspolissen worden gecompenseerd voor de totale kosten – inclusief de fondskosten – volgens het schema elders op deze pagina. Bij de compensatie voor gegarandeerde polissen wordt overigens uitgegaan van verzekeringen met een garantie-element van minimaal 3% netto na aftrek van de total expense ratio.
 
   De nu vastgestelde kostenplafonds liggen 0,6% tot 1% lager dan de percentages die Ombudsman Wabeke in maart van dit jaar aanbeval voor reeds lopende polissen. Daarmee denkt Delta Lloyd de kosten met 30% te verlagen voor polissen met een jaarpremie vanaf _ 1.200 en met 20% voor lagere jaarpremies. Hoe hoog de kostenpercentages nu precies zijn, liet bestuurslid Paul Medendorp niet los. “Dat verschilt per polis.” Medendorp heeft namens Delta Lloyd de onderhandelingen gevoerd met de stichtingen.
 
Afrekenen
Delta Lloyd rekent aan het einde van de looptijd af met de verzekerde. Deze blijft dus de huidige premie en kosten betalen. Bij het aflopen van de polis wordt het brutofondsrendement vastgesteld. Daarop wordt de nieuwe kostennorm in mindering gebracht, waarna wordt bepaald wat het opgebouwde kapitaal is op basis van de stortingen, risicokapitalen en belegde fondsen. Is dat kapitaal hoger dan het werkelijk opgebouwde kapitaal, dan wordt het verschil als compensatie op de einddatum uitgekeerd.
 
   Polissen die al zijn geëxpireerd of afgekocht, vallen ook onder de regeling, maar klanten moeten zich wel zelf bij Delta Lloyd melden voor een compensatie. Eén van de voorwaarden is dat er minimaal vijf jaar premie is betaald.
 
   Met een fonds van _ 3o mln voor ‘schrijnende situaties’ wil Delta Lloyd een oplossing bieden voor klanten die het grootste deel van hun opgebouwde vermogen hebben zien verdwijnen, bijvoorbeeld doordat de risicopremie wegens tegenvallende beleggingsresultaten steeds verder steeg. Ook daar moet de klant zich zelf voor aanmelden.
 
   Voor garantiepolissen heeft Delta Lloyd eind vorig jaar al _ 110 mln gereserveerd. “Wij zijn groot in garantierendementen: 75% van onze klanten heeft een minimaal nettofondsrendement, dat vaak neerkomt op 4% van de netto-inleg per einddatum”, aldus bestuursvoorzitter Niek Hoek.
 
   Huidige klanten krijgen volgend jaar bericht over de gevolgen voor hun polis. De tegemoetkoming wordt voor het eerst verwerkt in de modellen-De Ruiter die in 2010 worden verstuurd. Nieuw te sluiten levenpolissen krijgen een kostenmaximum van 2,5% over de gehele looptijd.
 
Meest begrijpelijk
De overeenkomst geldt voor circa 445.000 polissen, grofweg 5% van het totaal aantal beleggingspolissen in ons land. Daarvan zijn er 222.000 gesloten onder Delta Lloyd-label, 38.000 bij Ohra, 10.000 bij Erasmus en 175.000 bij Nationaal Spaarfonds. “Onze verwachting is dat ongeveer twee derde daarvan voor een compensatie in aanmerking komt. Dat betekent een gemiddelde compensatie van zo’n _ 1.000 per polis”, zegt Medendorp. ABN Amro Verzekeringen valt buiten de deal, omdat Delta Lloyd het 51%-belang daarin waarschijnlijk gaat verkopen aan ABN Amro.
 
   “Dit is de meest begrijpelijke en dus de beste regeling”, antwoordt Medendorp op de vraag waarom ervoor gekozen is de huidige polissen tegen de bestaande kostenstructuur te laten doorlopen. Die keuze betekent wel dat het compensatiebedrag zal oplopen tot een veelvoud van de nu genoemde _ 300 mln, omdat polishouders ook voor de rest van de looptijd nog gecompenseerd moeten gaan worden.
 
   Met de voorgestelde kostenmaxima trekt Delta Lloyd één lijn voor alle beleggingsproducten die onder eigen label en dat van Ohra, Nationaal Spaarfonds en Erasmus zijn verkocht. “Het is niet te doen om per individuele polis te gaan uitzoeken wat precies de tegemoetkoming moet zijn”, zo geeft Medendorp de complexiteit van het probleem aan. “Wij zijn daarmee ongeveer acht uur per polis kwijt.” Ook het vaststellen wat een redelijke risicopremie zou zijn geweest, is niet eenvoudig. “We hebben afgesproken dat we uitgaan van een marktconforme risicopremie, waarbij we een kleine bandbreedte hanteren. Gelukkig zijn onze risicopremies altijd aan de lage kant geweest”, aldus Medendorp.
 
Ombudsman
Ombudsman Wabeke neemt het akkoord over als bemiddelresultaat in de klacht die Verliespolis begin dit jaar namens drie polishouders als voorbeeldzaak heeft ingediend bij Kifid. Die klacht heeft betrekking op Delta Life Beleggingsverzekeringen.
 
   In juni heeft Delta Lloyd aangegeven bereid te zijn om met Verliespolis verder te praten over een generieke regeling voor alle polishouders; de voorbeeldzaak bij Wabeke is toen aangehouden totdat een akkoord werd bereikt. In zijn oordeel stelt Wabeke dat Delta Life niet optimaal kan dienen als voorbeeldzaak voor de zogeheten categorale geschilbeslechting, omdat het een product is met een garantie-element. “Verzekeraar noch Verliespolis heeft hierin echter een beletsel gezien om mede aan de hand van het onderhavige geschil met de Ombudsman te streven naar een regeling voor alle Delta Lloyd-producten.” Wabeke betrekt daarom in zijn – niet-bindende – oordeel alle producten die door Delta Lloyd zijn verkocht.
 
   De ombudsman heeft tijdens de geschilprocedure overigens de suggestie gedaan om het maximale kostenpercentage “gelet op de financiële en commerciële haalbaarheid en de politieke en communicatieve effecten” op lager dan 2,9% te stellen en de opslag voor een garantie van 3% te maximeren op 0,7%.
 
Afkopen
Nico Stolwijk van de Vereniging Eigen Huis vraagt zich af wat de regeling betekent voor polishouders die besluiten om nu, na minder dan tien jaar, hun polis af te kopen. “Dan krijg je een relatief hoge compensatie, omdat je in de eerste jaren ook relatief hoge kosten hebt betaald en sluit je gewoon een bankspaarproduct.” Uit onderzoek van Boston Consulting voor het Verbond van Verzekeraars bleek vorig jaar al dat de gemiddelde looptijd van een levensverzekering maar negen jaar is.
 
   Wabeke raadt polishouders af om tot afkoop over te gaan. “Beleggen is een langetermijnkwestie en snelle afkoop is altijd onverstandig. Ik adviseer klanten met hun tussenpersoon te gaan praten om te kijken of hun product kan worden aangepast.”
 
Rol intermediair
De rol van het intermediair is in het akkoord slechts zijdelings aan de orde gekomen. Met de pot ‘schrijnende gevallen’ neemt Delta Lloyd indirect ook de schade door eventuele verkeerde adviezen van tussenpersonen op zich. Ook Wabeke twijfelt of de Delta Lloyd-klant met zo’n ‘schrijnend geval’ nog wel geneigd is zijn tussenpersoon aansprakelijk te stellen als de verzekeraar bereid is de schade te compenseren. “Terwijl er heel vaak een onjuist advies is verstrekt.”
 
Druk op verzekeraars
Andere verzekeraars staan zwaar onder druk om nu ook met regelingen over de brug te komen, Nationale-Nederlanden en Fortis voorop. Zij zijn al in overleg met beide belangenbehartigende stichtingen over compensaties voor verzekerden. NN (goed voor 6% van alle periodieke premies uit beleggingspolissen) houdt zich echter op de vlakte: “Wij komen graag met een goede oplossing; de overeenkomst met Delta Lloyd laat zien dat dat mogelijk is. Maar wij varen onze eigen koers en willen van daaruit ons eigen akkoord bereiken. Dat neemt niet weg dat wij wel gaan kijken naar de details van de Delta Lloyd-oplossing.”
 
   Fortis, met een marktaandeel van bijna 9% na Interpolis en Reaal de grootste in periodiek betalende beleggingspolissen, laat zich in soortgelijke bewoordingen uit.
 
   Achmea-dochter Interpolis is vooral dankzij Rabobank-hypotheken marktleider in beleggingspolissen met een aandeel van 14%. “Wij staan niet met de hakken in het zand, maar kiezen wel onze eigen koers”, zo hanteert ook woordvoerder David van Eeghen maritieme beeldspraak. “Wij realiseren ons dat dit een belangrijk moment is voor de markt en gaan de oplossing van Delta Lloyd zeker bestuderen.” Vanwege een vermeend kostenpercentage van 25% in de aan Rabobanks OpMaat-hypotheek gekoppelde beleggingspolis van Interpolis diende Woekerpolisclaim in augustus een klacht in bij Kifid.
 
Andere reacties
Het akkoord is niet bindend, waarmee de weg naar de rechter voor individuele polishouders nog altijd openstaat. “De kosten zijn nog veel te hoog”, redeneert het pas opgerichte Consumentenclaim, dat klanten op basis van no cure, no pay wil helpen met een rechtsgang.
 
   Actuaris Jan Donselaar is wat positiever gestemd: “De meeste klanten gaan er in ieder geval op vooruit.” Wel vindt hij dat er “door de onderhandelaars typisch weer traditioneel bancair is gedacht: alles vertalen naar een marge op het rendement, terwijl er voor de klant veel betere manieren zijn om de kosten te financieren. Het blijft jammer dat hier weer mooie kansen zijn gemist.” Een kanttekening maakt Donselaar over de kosten van de garanties: “Daarvoor wordt ongeveer 0,2% per jaar looptijd ingehouden: bij een duur van dertig jaar 6% van iedere premie. Op zich vreemd dat het zo sterk stijgt naarmate de looptijd langer is, want hoe langer de looptijd, hoe makkelijker een garantie kan worden gegeven.”
 
(Delta Lloyd), Ombudsman Jan Wolter Wabeke, Jeroen Wendelgelst (Woekerpolisclaim), Niek Hoek (Delta Lloyd), Errol Keyner (Vereniging van Effectenbezitters) en Peter Alers (Eigen Huis). Compensatiemodel Delta Lloyd Jaarpremie Kosten Aanbeveling Wabeke Overeengekomen meer dan _ 1.200 max. 3,5% max. 2,45% tot _ 1.200 of koopsom max. 3,5% max. 2,85% meer dan _ 1.200 en meer dan 3% garantie max. 4,5% max. 3,10% tot _ 1.200 en meer dan 3% garantie max. 4,5% max. 3,50%

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.