nieuws

Adfiz blijft hameren op herstelkosten

Archief

DNB-proefballon

 

voor beloning

 

naar draagkracht

 

Adfiz blijft ervoor pleiten dat na het provisieverbod voor complexe producten (2013) de mogelijkheid bestaat voor financiële tegemoetkomingen van verzekeraars richting assurantiekantoren. De term ‘efficiencyvergoeding’ is in die discussie ingeruild voor ‘herstelkosten’.

 

Het gaat om vergoedingen voor kosten die het intermediair moet maken om fouten in de (administratieve) dienstverlening van verzekeraars recht te zetten. "Klanten willen betalen voor waardevolle diensten en advies van de financieel dienstverlener, maar niet voor tekortschietende kwaliteit van de aanbieder", zo stelde Adfiz-voorzitter Loek Hermans het tijdens de Verzekeringsbranchedag. Namens het Verbond van Verzekeraars wuifde Leo de Boer het verzoek ter plekke weg. "Laten we alsjeblieft geen nieuwe geldstromen creëren tussen aanbieders en adviseurs."

 

Het slotdebat van de door ruim 1.600 mensen bezochte Verzekeringsbranchedag maakte duidelijk dat eventuele herstelkosten niet aan het intermediair maar aan de klant zullen worden betaald. Namens toezichthouder AFM steunde Theodor Kockelkoren daarin het pleidooi van het Verbond van Verzekeraars. "Dat is een zuivere redenering. Het intermediair zal de klanten moeten overtuigen dat hij werk heeft verzet en kosten heeft gemaakt."

 

Hermans kon niet anders dan zich tevreden stellen met in elk geval de erkenning van Verbond-directeur De Boer dat verzekeraars fouten dienen recht te zetten en eventueel financieel moeten compenseren. Ook van NVGA-collega Michael de Nijs kreeg Hermans geen steun. "Matig presteren van verzekeraars is ons bestaansrecht: wij doen dat beter en tegen lagere kosten", zo hield hij een pleidooi voor het volmachtbedrijf.

 

Advies en verkoop

Adfiz en het Verbond vonden elkaar wel in de stelling dat er een scheiding moet komen tussen advies en productverkoop. Tweederde in de zaal was het met die stelling echter oneens. Adfiz-voorzitter Loek Hermans slaagde er vervolgens in de volle Jaarbeurs niet in om het Adfiz-standpunt goed over de bühne te brengen. De belangenclub schreef dat een dag later toe aan een "spraakverwarring", waarbij "productverkoop werd verward met bemiddelen".

 

Hermans kende al een moeilijke entree op het podium, dankzij dagvoorzitter Jort Kelder die hem direct een confronterende vraag stelde: "Als je nu door je wimpers kijkt, weet je dan welke club je voor je hebt, Loek? Want hemel, jij hebt zo veel functies!" Hermans legde vervolgens uit dat dit beeld vertekend is en dat hij alleen werkt voor uitgeverskoepel NVU, Greenport en Adfiz.

 

De discussie op de branchedagpodium leidde er een dag later toe dat Adfiz een extra persbericht uitgaf om het standpunt van de intermediairorganisatie nog eens uit te leggen. Volgens Adfiz moet niet gesproken worden over een scheiding tussen productverkoop en advies, maar over een onderscheid daartussen. "In beide rollen wordt bemiddeld."

 

Waar het Adfiz om gaat is een onderscheid tussen advies van onafhankelijke adviseurs ("die in nagenoeg alle gevallen ook producten inkopen, bemiddelen dus") en verkoop door niet-onafhankelijke adviseurs in dienst van verzekeraars en banken. Die laatste groep houdt zich bezig met productvérkoop, de eerste met productínkoop (bemiddeling), zo nuanceeert Adfiz vandaag: "Twee verschillende functies in hetzelfde speelveld".

 

Proefballon

Een derde stelling tijdens het slotdebat was dat regeldrift de ondernemerswereld kapot maakt. Dagvoorzitter Kelder had daartoe al een aanzet gegeven met de opmerking "dat er straks zoveel autoriteiten zijn, dat er geen economie meer over is". AFM-kopstuk Kockelkoren kreeg een warm welkom met de mededeling dat er bij de toezichthouder vijfhonderd mensen werken, "en die betalen jullie", wreef Kelder er bij de zaal in.

 

De discussie over de regeldrift dreef al snel af naar de voors en tegens van het provisiesysteem. "Wellicht is een systeem mogelijk waarbij klanten naar draagkracht betalen voor het advies van een financieel dienstverlener. Dat gebeurt in meer bedrijfstakken." Met die proefballon kreeg Joanne Kellerman van toezichthouder DNB de hoon van de zaal over zich heen en de toorn van enkele branchevertegenwoordigers. De DNB-vrouw haastte zich na afloop te stellen dat haar opmerking geen voorstel tot nieuwe wetgeving is.

 

Die nuancering bleek nodig, want het debat werd door Loek Hermans (voorzitter Adfiz), Michael de Nijs (voorzitter NVGA) en Leo de Boer (directeur Verbond van Verzekeraars) na afloop nog verhit met Kellerman voortgezet. "Ik reageerde op de stelling van De Nijs dat een provisieverbod een drempel tot financieel advies zou opwerpen, omdat dat systeem solidariteit herbergt. Mijn suggestie ontleen ik aan de advocatuur. Daar wordt bij de nota ook rekening gehouden met de draagkracht van een cliënt. Dan kan dat hier toch ook?"

 

De opmerking van De Nijs over de solidariteit van het provisiesysteem kwam hem op bijval vanuit de zaal te staan, maar ook op repliek van dagvoorzitter Jort Kelder. "Jij bent de eerste Porsche-rijder die ik hoor pleiten voor solidariteit."

 

voor een Generali-innovatieprijs, krijgt Jort Kelder aan haar voeten.sferen.de stand van Noordhollandsche van 1816.aangenaam.is en dat het keren ervan een hele klus is.de panelleden horen toe.van DNB-vrouw Joanne Kellerman om klanten naar draagkracht te laten betalen voor het advies van een verzekeringsadviseur.weer van het ‘Prestatie-onderzoek’.van de branche.2012 op een rij.podium.die Generali-directeur Jaap Oudijk hem overhandigt vanwege de website POverzekeringen.nl.kondigen niet alleen de Verzekeringsbranchedag aan maar ook intensieve samenwerking in 2012.van G.O.E.D. Advies."Nou, omdat je alles precies hetzelfde doet als al die anderen."

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.