nieuws

Fiscus in beroep tegen erfrechtuitspraak

Archief

De belastingdienst gaat in beroep tegen een uitspraak die de rechtbank Breda onlangs deed in een proefproces over reikwijdte van de Successiewet 1956. De rechtbank oordeelde dat de wet ten onrechte ondernemingsvermogen zou begunstigen ten opzichte van privévermogen. Volgens staatssecretaris Weekers (Financiën) is er van discriminatie echter geen sprake.

Fiscus in beroep tegen erfrechtuitspraak

In het proefproces kende de rechtbank de erfgenaam van een boer alsnog een vrijstelling van 75% op de erfenis toe. Hoewel de erfenis -landbouwgronden, machines en een boerderij- tot het privévermogen van de boer behoorden had de erfgenaam volgens de rechter toch recht op de zogeheten bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in Successiewet. Deze vrijstellingen moeten ervoor zorgen dat bij een voortzetting van het bedrijf de nabestaanden geen financiële problemen krijgen door erf- of schenkbelasting. De rechter stelde in een toelichting op de uitspraak dat  de bedrijfsopvolgingsfacilteiten kunnen leiden tot een verboden discriminatie van privévermogen.
Weekers is het met deze laatste conclusie niet eens. "De bedrijfsopvolginsregeling in de Successiewet is wat de wetgever betreft expliciet bedoeld voor ondernemers: de bedoeling is immers om bedrijfsopvolgingen fiscaal zo soepel mogelijk te laten verlopen", aldus de staatssecretaris. Hij wijst op uitspraken van onder meer De Hoge Raad die de belastingdienst in eerdere, soortgelijke zaken in het gelijk stelde.

Reageer op dit artikel