nieuws

Afscheidnemende Wansink: ‘Vergeet sociale functie van verzekering niet’

Archief

Professor gaat na

 

bijna kwart eeuw

 

met emeritaat

 

Han Wansink zwaaide vorige maand af als hoogleraar Verzekeringsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. In zijn afscheidscollege gaf hij de aanwezigen nog enkele overpeinzingen mee ten aanzien van het verzekeringsvak, zoals de soms ondersneeuwende sociale functie. "Maar let wel: een verzekering is een vangnet en geen hangmat."

 

"Speel het spel van de advocaat van de duivel en houd de ander een spiegel voor bij wijze van waarschuwing voor ontwikkelingen die afbreuk doen aan de sociale functie van verzekering", zo beschouwt hij de rol van het Verzekeringsinstituut waar hij sinds 1989 leiding aan gaf. "Die waarschuwingen hebben te maken hebben met het gegeven dat het karakter van het product verzekering slecht past bij een primair op rendement gerichte bedrijfsvoering. Ik heb het wel uitgedrukt met behulp van de oneliner: verzekeren speelt zich af op het snijvlak van maatschappelijke verantwoordelijkheid en platte handel."

 

Geen hangmat

Wansink stipt de groeiende invloed van de kritische buitenwereld op inhoud en kostprijs van de verzekering aan. "Verzekeraars moeten op die kritische buitenwereld die in toenemende mate de sociale functie van verzekering benadrukt, inspelen. En daarbij gaat het om het waarborgen van de bestaanszekerheid van de individuele verzekerde bij de verwezenlijking van risico’s die hij op eigen kracht niet of nauwelijks kan overleven. ‘Neen verkopen aan een verzekerde die aanspraak op dekking maakt, frustreert die sociale functie. Daarvan is ook de rechter zich bewust met als gevolg dat hij steeds kritischer kijkt of de verzekeraar vanuit zijn professionaliteit en ervaring dat neen verkopen niet had kunnen ver-mijden. Let wel, bij dit alles geldt: een verzekering is een vangnet en geen hangmat! De sociale functie vraagt niet om een verzekeringspolis waarop alles onder alle omstandigheden tegen alles is gedekt!"

 

Ome Arie

Wel van belang is helderheid, vindt Wansink. "Liefst geen transparantie en zeker niet ‘een stuk transparantie’. Helderheid omtrent de dekking die wordt gegeven en dat niet door het gebruik van Jip en Janneke-taal in de polistekst zelf. Daarmee wordt de juridische exactheid in de begrenzing van de dekking prijsgegeven. ‘Wij vergoeden geen schade die u expres veroorzaakt.’ Wat moet een rechter met deze opzetclausule in een particuliere aansprakelijkheidsverzekering, zoals voorgesteld door een taalkundig marke

 

tingbureau? Als simplified language dan toch zou moeten – wat niet het geval is -, dan deed onze oude, helaas inmiddels overleden vriend Lowik Eijkman het toch veel beter toen hij voor het verzekeringsbedrijfje van ome Arie dezelfde clausule voor dezelfde polis maakte: ‘Als je iemand in mekaar ramt of zijn spullen molt, dan heb Ome Arie daar niets mee te maken’."

 

Anticiperen en waarschuwen is ook een taak van de verzekeraar. "Als professionele risicodrager kent en in ieder geval behoort de verzekeraar met een rugzak vol ervaring te kennen de mogelijke, voor de argeloze verzekerde moeilijk zichtbare valkuilen in de dekking. Daar moet hij op inspelen en de verzekerde voor behoeden."

 

Wansink noemt als voorbeeld fraude met zonnebrillen op reisverzekeringen of leren jasjes die niet in de bagage zaten. "Waarom niet vanuit de wetenschap dat die ‘modale’ fraude voorkomt, daarvoor ook met zo veel woorden waarschuwen op het schadeaangifte-formulier. Is voorkomen voor beide partijen niet beter? En wie als levensverzekeraar de serieuze mogelijkheid van een beroep op verzwijging wil openhouden, moet bij het sluiten van de verzekering in de door de verzekerde te beantwoorden gezondheidsverklaring niet volstaan met de vraag: voelt u zich thans gezond?"

 

Millennium

Tot slot moeten verzekeraars niet weglopen bij dreigend gevaar. Wansink herinnert zich de vergadering van de top van verzekerend Nederland over het millenniumrisico. "Ik rijd met een oude Punto achter een rij grote Mercedessen het terrein van Fortis op. Ik heb op zichzelf niets tegen Mercedessen (mijn beste vrienden rijden erin!) maar ik heb nooit begrepen waarom ik als enige niet werd toegelaten tot het bovendek om te parkeren. Binnen is er alom verbazing over mijn aanwezigheid. De vergadering wordt geopend en bijna onmiddellijk is er het voorstel om met en-blocclausule het hele millenniumrisico uit te sluiten! Er is nauwelijks of geen oppositie, ik krijg niet het woord, dus steek ik zelf mijn hand op en leg vervolgens uit dat dit voorstel echt niet kan en dat niemand in de kritisch buitenwereld van verzekering deze ‘blunte’ uitsluiting zal accepteren! Onmiddellijk volgt een felle reactie van een der aanwezige ceos: ‘Verdomme, daar heb je weer zo’n verrekte jurist die denkt dat alle maatschappelijke problemen een juridisch probleem zijn!’ Een naar het lijkt instemmende stilte volgt en dan ineens is daar de interventie van een juridisch geschoolde directeur in het gezelschap die voorstelt om toch nog eens over een alternatieve oplossing na te denken. De afloop is bekend. Na veel vergaderen komt die alternatieve oplossing er in de vorm van een zorgplicht-clausule: De verzekerde ondernemer wordt een primaire zorgplicht opgelegd om binnen redelijke grenzen millenniumschade te voorkomen als voorwaarde voor verzekeringsdekking voor het geval het vervolgens toch misgaat. En dat laatste is nooit gebeurd.’De millenniumovergang is over ons gekomen zonder een enkele claim!"

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.