nieuws

Technische resultaten in 2009 fors verbeterd

Archief

Na de grote verliezen die de zorgverzekeraars leden na invoering van de nieuwe Zorgverzekeringswet in 2006, lijkt het tij nu definitief te keren. In 2008 schreef een groot deel al weer zwarte cijfers, in 2009 laten ook de technische resultaten sprongen voorwaarts zien. Dat leidt er overigens niet toe dat er aan de top van de ranglijst iets verandert. Van de afzonderlijke labels blijft CZ de grootste en op concernniveau blijft Achmea de koppositie innemen.

 

Branchebreed groeit het premie-inkomen met 4,6% tot _ 36,5 (34,9) mld. Menzis en Ohra maken qua brutopremie-omzet de grootste sprong in de top 10. Ohra, met als risicodrager CZ, groeit met 18% qua premievolume en komt uit op _ 1,36 (1,15) mld. Menzis boekt een toename van 15% en komt uit op _ 4,43 (3,86) mld. De grootste daler qua premievolume is Groene Land Achmea. De verzekeraar uit de Achmea-stal, vanaf 1 januari 2011 opererend onder het label Zilveren Kruis, ziet het premievolume met 10% afnemen tot _ 1,54 (1,71) mld. Koploper CZ groeit 3% qua premievolume en blijft met _ 5,63 (5,47) mld de grootste onafhankelijke zorgverzekeraar. De Friesland Zorgverzekeraar, de grootse van de ‘kleintjes’, groeit met 6,21% naar een premieomzet van _ 1,09 (1,03) mld. Vanaf volgend jaar hoort ook deze zelfstandige regionale verzekeraar bij Achmea.

 

Risicoverevening

Niet alleen laten bijna alle zorgverzekeraars een groei zien van het premievolume, ook de technische resultaten gaan er bij de meeste met sprongen op vooruit. Het brancheresultaat verbetert fors tot _ 753 (92) mln, waarbij het aantal verzekeraars met een negatief resultaat krimpt van 15 naar 6.

 

Wel zijn er een aantal opvallende verschillen. Zo springt het verzekeringstechnisch resultaat van Zilveren Kruis Achmea van bijna _ -19 mln naar een plus van _ 95 mln. Dat kunstje doet Avéro ook. Die ziet het technisch resultaat stijgen van _ -17 mln naar _ +42 mln.

 

Daarentegen laat vooral Agis (ook Achmea) een forse verslechtering zien van het technisch resultaat: van ruim _ 21 mln naar _ – 11 mln. Groene Land doet het iets beter, maar heeft nog altijd een negatief technisch resultaat. Een woordvoerder van Achmea laat weten dat het allemaal te maken heeft met het risicovereveningsstelsel. "Vooraf geven wij voor al onze merken op hoeveel chronisch zieken en verhoogde risicogevallen we in de boeken hebben. Daar ontvangen we een bedrag voor. Na een aantal jaar wordt dat vervolgens achteraf gecorrigeerd. Niet alleen duurt dat heel lang, maar bij ons zie je nu ook heel goed de verschillen tussen de verschillende merken. Zo hebben Agis en Groene Land veel chronisch zieken in het bestand, maar die worden dus onvoldoende gecompenseerd, terwijl de inkoop van de zorg hetzelfde is geweest. Het systeem klopt gewoon niet", betoogt Achmea. "Wij hebben dan nog het voordeel van meerdere merken, waardoor we het intern kunnen oplossen. Maar de kleinere zorgverzekeraars hebben dat voordeel niet en die komen in de problemen", aldus Achmea. "Dat is ook een van de redenen waarom De Friesland aansluiting heeft gezocht bij Achmea."

 

Kleinere verzekeraars

Bij de kleinere zorgverzekeraars is het probleem van de risicoverevening goed zichtbaar bij Zorg en Zekerheid (Leiden). In 2008 was de regionale zorgverzekeraar aan een opmars bezig en schurkte tegen de top 10 aan qua premievolume. In 2009 behoudt de maatschappij de 12e positie, maar laat een minimale groei in premievolume zien. Het technisch resultaat keldert naar _ -3,7 mln. "Dat zit hem in de afwikkeling van de risicoverevening over oudere jaren", laat Zorg en Zekerheid weten. "Wij hebben in 2009 een beter jaar gedraaid dan in 2008, maar dat zie je niet terug in de cijfers. Verder hebben de eisen die gesteld worden aan de solvabiliteit een premieopdrijvend effect."

 

Ohra en Delta Lloyd, die beide de risico’s hebben ondergebracht bij koploper CZ, maken niet alleen een forse groei in premieomvang, maar ook de verzekeringstechnische resultaten zijn positief. Bij Ohra gaat het van _ 11 mln naar bijna _ 37 mln. Delta Lloyd weet een negatief technisch resultaat van ruim _ -2 mln om te buigen naar _ 8 mln. "Meerdere factoren hebben bijgedragen aan de groei van Ohra. Deels is de groei toe te schrijven aan een toename van het aantal verzekerden; deels is de verklaring dat sinds 2009 de brutopremie (voor aftrek van kortingen en dergelijke) in het jaarverslag is opgenomen, terwijl tot en met 2008 de nettopremie is gepubliceerd", verklaart Ohra de groei in premievolume. "Ook de verbetering van de technische resultaten is aan meerdere factoren toe te schrijven. Naast een goede samenwerking met CZ en enkele schadelastbeperkende maatregelen in de aanvullende polissen, heeft de manier waarop naverrekening plaatsvindt invloed gehad. Voor 2008 heeft de naverrekening ook betrekking op voorgaande jaren. Voor 2009 betreft het uitsluitend het schadejaar 2009", aldus Ohra.

 

Menzis, nummer twee qua premieomvang, heeft eveneens kans gezien het technisch resultaat in 2009 van rood naar zwart te laten verschuiven. "De groei van het premievolume heeft ook bij ons te maken met de verevening", aldus een woordvoerder. De omzet over 2009 is hoger door incidentele baten van jaren geleden. "De verbetering van het technisch resultaat valt toe te schrijven aan het feit dat wij onze beheerskosten goed op orde hebben en dat onze inschatting van de schadelast aan de behoudende kant is geweest en wij daar ook de premie op hadden afgestemd. Uiteindelijk viel de schadelast erg mee en dat heeft een goed technisch resultaat tot gevolg", aldus Menzis.

 

De labels onder de Uvit-combinatie Univé/VGZ/IZA/Trias groeien allemaal qua premievolume en ze schrijven ook allemaal positieve verzekeringstechnische resultaten. Vooral VGZ maakt een klapper met een technische winst van _ 83 mln.

 

Marktleider

Op concernniveau is Achmea nog altijd onbetwist marktleider, maar het moet wel wat inleveren ten gunste van Menzis en CZ. De omzet van Achmea van _ 10,6 (10,6) mld staat gelijk aan een marktaandeel van 29,2 % (30,5 %). Ook Uvit levert met een omzet van _ 9,0 (8,6) mld iets aan marktaandeel in en komt uit op 24,6 % (24,8%). CZ ziet het marktaandeel toenemen naar 20,5% (20,1%) met een omzet van _ 7,5 (7,0) mld. De grootste stijging qua marktaandeel komt op het conto van Menzis. Met een omzet van _ 4,8 (4,2) mld, stijgt het marktaandeel naar 13,4% (12,3%). De Friesland houdt het marktaandeel op 3%. Komend jaar mag Achmea de portefeuille van De Friesland meetellen qua omzet en aantal verzekerden en krijgt daarmee een derde van de ziektekostenmarkt in handen. De Friesland blijft vijf jaar lang als zelfstandig label voortbestaan binnen de Achmea-organisatie. Dat had ook Agis bedongen, maar die zal twee jaar eerder dan gepland – eind 2010 – opgaan in de Achmea-organisatie.

 

Behalve de innige samenwerking tussen De Friesland en Achmea, is het over 2009 relatief rustig aan het overnamefront. DSW en Zorg en Zekerheid houden vooralsnog vast aan hun zelfstandigheid. Die keuze heeft ook Salland gemaakt, die over 2009 de premieomzet met bijna 5% zag toenemen.

 

zijn ondergebracht, boekte van alle zorgverzekeraars het beste technisch resultaat.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.