nieuws

Premieomzet Leven zet daling in

Archief

Omzet

De premieomzet weerspiegelt voor het eerst duidelijk de slinkende belangstelling voor verzekeringsoplossingen als het gaat om vermogensopbouw. In de productiecijfers was al zichtbaar dat banksparen een steeds sterkere concurrent wordt voor de levensverzekeraars; in 2009 komt dat tot uiting in een afname van 8% bij het totale premievolume. De pijn zit vooral in de individuele markt, die met 12% krimpt tot € 15,3 (17,3) mld. Met name de ontwikkeling op koopsomgebied is zorgwekkend; polissen tegen eenmalige premiebetaling zorgen voor € 5,8 (7,6) mld van alle inkomsten, waarmee de daling in dat segment oploopt tot 23%. Overigens beleeft ook de collectieve markt een slecht koopsommenjaar: de eenmalige premies lopen daar met 14% terug tot € 4,4 (5,1) mld. Een grote speler als Delta Lloyd meldt vooral een slecht eerste halfjaar. "Pensioenfondsen met een te lage dekkingsgraad zijn door regelgeving beperkt geweest in de mogelijkheid hun pensioenverplichtingen over te dragen aan verzekeraars." Bovendien draagt Achmea € 1,1 mld bij met een onnatuurlijke koopsom als gevolg van de fusie van het Pensioenfonds Achmea Personeel en het Pensioenfonds Interpolis tot Stichting Pensioenfonds Achmea. Het Interpolis-fonds had de verplichtingen niet herverzekerd bij het Achmea-levenbedrijf; dat is in de nieuwe situatie wel het geval, wat voornoemde koopsom heeft opgeleverd.
 
Beleggingspolissen
De omzet uit individuele beleggingspolissen is in 2009 verder teruggelopen tot € 5,5 (6,2) mln (-11%) als gevolg van de meer dan gehalveerde verkoop van unit-linkedverzekeringen. In de pensioenmarkt is de beschikbarepremieregeling (nog) niet aan een daling begonnen. De omzet uit collectieve beleggingspolissen groeit in 2009 tot € 4,6 (4,4) mld, al zijn de inkomsten uit koopsommen – mogelijk tijdelijk – minder met een afname van 9% tot € 1,9 (2,1) mld.
 
De markt voor traditionele levenpolissen kan het effect van de wegsmeltende interesse voor beleggingsverzekeringen niet ongedaan maken. Sterker nog, voor de collectieve en individuele markt samen is de daling in premie uit polissen voor risico van de verzekeraar sterker dan de afname bij de beleggingsvariant: -10% om -4%.
 
Voor plussen moeten we duidelijk in de hoek van de collectieve periodieke premies zijn: die laten stijgingen zien van 21% (voor risico verzekeraar) en 19% (voor risico polishouder), waarmee het belang van deze groep in het totaal is toegenomen van 15% tot 19%. De individuele koopsommen verliezen terrein: zij gaan van bijna 29% in 2008 naar 24% in 2009.
 
Indirect bedrijf
Voor 2009 zijn de inkomsten uit het indirect bedrijf niet meer apart vermeld. Dat bedrag is sterk gestegen tot € 2,8 mld. Dat komt enerzijds door nieuwe Europese regelgeving op het gebied van de administratie van herverzekeringscontracten, waardoor premie die voorheen onder het directe bedrijf viel nu als indirect in de boeken komt. Anderzijds heeft de Achmea-pensioenkoopsom met € 1,1 mld een sterke invloed gehad op de hogere inkomsten in het indirect bedrijf. Achmea boekt in totaal € 1.397 mln premie als indirect, ruim de helft van de totale omzet. Andere maatschappijen die in 2009 substantiële bedragen boeken in het indirecte bedrijf, zijn Aegon (€ 562 mln), NN (€ 508 mln), Delta Lloyd (€ 176 mln) en ASR (€ 120 mln). Het overgrote deel daarvan betreft eveneens collectieve premies.
 
Om de cijfers in de verschillende deelcategorieën beter vergelijkbaar te maken met die van 2008, zijn voor 2009 de omzetcijfers van het totale bedrijf (direct + indirect) aangehouden.

Reageer op dit artikel