nieuws

Ontmoediging

Archief

Bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) werken mensen met een luisterend oor. De toezichthouder gaf enige tijd geleden aan "nog nader guidance te gaan geven aan de inducementnorm". Kritiek op die onbegrijpelijke zin is ter harte genomen. Deze maand verscheen een consultatiedocument met als titel ‘Leidraad passende provisie financiële dienstverleners’. Kijk, nu begrijpen wij ook waar het over gaat.

 

Toch is ook deze titel enigszins misleidend. "Passende provisie"? De toezichthouder ziet liever helemaal geen provisie. Dat wordt in het document ook diverse keren expliciet gesteld: "In een ideale situatie ontvangt de financiële dienstverlener helemaal geen provisies van derden." De AFM is van mening dat "in het systeem van provisies een risico schuilt van beloninggedreven ‘kleuring’ van het advies, omdat de tussenpersoon door de aanbieder wordt betaald". Of, zoals AFM-bestuurder Theodor Kockelkoren zegt: ze gaan al snel snoepen uit de strooppot.

 

Hoewel de AFM zegt met het document geen nadere regels te stellen, is de consultatienota een nieuw voorbeeld van marktsturing. "De AFM heeft met dit document niet als doel om op voorhand bepaalde provisiestructuren te verbieden." Nee, maar ontmoedigen wel. Zodra er provisie om de hoek komt kijken, gelden de uit de beleggingswereld overgewaaide inducementregels. Krijgt de adviseur alleen centen van zijn klant, dan gelden die hinderlijk complexe regels niet.

 

De balansregel, die voorschrijft dat afsluitprovisie bij complexe producten niet ineens mag worden uitbetaald, blijft ook gewoon gelden. Oogluikend staat de toezichthouder toe dat tussenpersonen doorlopende provisie ontvangen. Want passend vindt de AFM dat niet meer, blijkens de volgende stelling: "in een situatie dat een tussenpersoon een doorlopende vergoeding ontvangt, terwijl hier geen werkzaamheden tegenover staan, is het moeilijk aan te tonen dat de provisie voldoet aan de inducementregels".

 

Bovendien introduceert de autoriteit "een haalplicht" voor verstrekkers van provisie. Met andere woorden, banken en verzekeraars moeten zelf beoordelen of de provisie die ze uitbetalen wel passend is. Zij moeten ervoor zorgen dat ze weten hoeveel werk een tussenpersoon verzet voor de provisie die hij krijgt. Is die verhouding scheef, dan kan de aanbieder daarop worden aangesproken.

 

Als laatste onderdeel van het ontmoedigingsbeleid, verlangt de toezichthouder dat intermediairbedrijven in procedures en maatregelen vastleggen hoe zij provisiebeloningen passend houden.

 

Hoe dit alles in de alledaagse adviespraktijk moet worden gecontroleerd, is een volkomen raadsel. Maar handhaving is hier waarschijnlijk ondergeschikt aan ontmoediging.

 

Henri Drost

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.