nieuws

Radar

Archief

Ik droomde laatst dat ik te gast was bij Antoinette Hertsenberg. Op televisie. En hoewel ik géén idee had waar de uitzending over ging, joelde en jouwde het publiek al vóór ik ook maar één woord gezegd had. Toen ik lichtelijk zwetend wakker werd, begreep ik dat de media-aandacht voor ons vak me meer deed dan ik tot dan toe gedacht had. De tussenpersoon, zo besefte ik, had nu definitief de status gekregen van criminele, ongeïnformeerde en inhalige paria die te allen tijde bereid was zijn onafhankelijkheid te verruilen voor een leuke bonus.

 

Natuurlijk, ik zou het me niet aan moeten trekken, maar wanneer mij tegenwoordig op een feestje gevraagd wordt ‘wat ik doe’, durf ik bijna geen antwoord meer te geven. Toegeven dat ik tussenpersoon ben? Nee, dank je. Vóór de bitterballen ’t vet ingaan heb ik de eerste sneer al te pakken. Mezelf als financieel adviseur voorstellen? Uitgesloten. Die term bungelt al helemáál onderaan de voedselketen. En ja, daar baal ik stevig van. Want tot voor kort had ik nooit problemen met mijn vak. Oké, soms had ik het aan de stok met een verzekeraar, omdat een schade – in mijn ogen onterecht – werd afgewezen, maar ook dat hoorde erbij. Rare aanvragen, lastige kwesties en vreemde telefoontjes; ik zag er de humor wel van in.

 

Maar steeds vaker lach ik als een boer met kiespijn. Klanten, die met een half oog naar een of ander praatprogramma hebben zitten kijken, bellen op met vragen over woekerpolissen. Wanneer ik geduldig uitleg dat die term niet van toepassing is op opstal- en inboedelverzekeringen, wordt er niet geluisterd. De krant schrijft over maatschappijen die schade-uitkeringen tegenhouden, dus elke niet-gedekte schade is per definitie jatwerk. En wanneer mensen werkzaam binnen de financiële sector op een middeleeuwse manier bij programma’s als Radar beschimpt kunnen worden, waarom zou een klant dan zijn toon matigen? Hij heeft tenslotte laatst nog op televisie het advies gekregen om niet zomaar alles te pikken. En hoe meer tussenpersonen door alle maatregelen verdwijnen, hoe minder er overblijven om op te vitten. Ook dat is marktwerking.

 

"Ik kom de voorpui er wel even uitrijden", dreigde een klant laatst toen hij naar zijn idee niet snel genoeg werd geholpen. Hoewel ik kalm bleef, de zaak netjes afhandelde en onze voorgevel gelukkig intact bleef, heeft het verhaal veel indruk op me gemaakt. Is dit tegenwoordig de maatschappelijke opvatting van ‘kritisch zijn’? Geen wonder dat ik naar ga dromen.

 

evuysters@kluwer.nl

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.