nieuws

Willis verliest geding van Marsh

Archief

Willis heeft een kort geding verloren, waarin de Amsterdamse assurantiemakelaar de overstap van negen werknemers naar de Rotterdamse concurrent Marsh (zie AM 16, pag. 1) ongedaan wilde maken. Aan die collectieve overgang ligt volgens de rechter echter geen vooropgezet plan van Marsh ten grondslag.

Het vermoeden van zo’n plan ontstond bij Willis, toen op vrijdag 31 augustus acht medewerkers hun ontslagbrief inleverden. Nog diezelfde dag vond een in allerijl georganiseerd gesprek plaats tussen de Willis-top en John de Jonge, als directeur Corporate de belangrijkste werknemer onder de vertrekkers. Namens Willis woonde niet alleen directievoorzitter Hugo Wegbrans het gesprek bij, maar ook bestuursvoorzitter Adriaan Konijnendijk en James Nicholson, de managing director Europe van Willis London.
De gespreksnotities, ingebracht in het kort geding, vermelden dat De Jonge aanvankelijk door zijn vriend Anton Cornel, directielid van Marsh, is benaderd om bij Marsh te komen werken. Daar is een diner met Marsh-topman Marcel Polk op gevolgd. “Een businessplan met kosten en opbrengsten is opgesteld en ter goedkeuring voorgelegd aan het Marsh-management in New York”, staat in de gespreksnotities. “Waarna De Jonge is begonnen met het benaderen van collega’s binnen Willis.” De Jonge sloot in het gesprek niet uit dat nog meer Willis-mensen de overstap zouden gaan maken en zou op vragen van Konijnendijk hebben gezegd dat hij van Marsh een bonus kreeg per overstappende werknemer.
Voor de Haarlemse rechtbank noemt De Jonge de door Willis opgestelde samenvatting van het gesprek “selectief, suggestief en deels onjuist”. Hij zou van slechts twee of drie collega’s hebben geweten dat ook zij wilden vertrekken.
Concurrentiebeding
Direct na het gesprek is De Jonge op non-actief gesteld en op woensdag 5 september is hij, na een dienstverband van zes jaar, op staande voet ontslagen. Die dag zegt een negende werknemer zijn contract bij Willis op. Twee dagen later wordt ook Diederik Kalis (accountmanager Logistics, 21 dienstjaren) op staande voet ontslagen.
In het kort geding is niet alleen Marsh gedaagd, maar ook De Jonge en Kalis. Als deelnemers aan een optieplan van Willis Group (New York) hebben zij namelijk afspraken overtreden, zoals het binnen een periode van twaalf maanden na een dienstverband verrichten van werkzaamheden voor een concurrerende vennootschap, het betrokken zijn bij activiteiten die gericht zijn op klanten van Willis, en het benaderen van werknemers van Willis met het oogmerk hen over te halen bij Willis weg te gaan.
Volgens de rechter is het concurrentiebeding in het optieplan echter helemaal niet rechtsgeldig. Het beding is niet opgenomen in een schriftelijke arbeidsovereenkomst en evenmin rechtstreeks tussen werkgever en werknemer overeengekomen (De Jonge en Kalis waren werknemers van Willis Nederland en niet van Willis Group). Daar komt nog bij dat de werknemers bij introductie van de optieregeling niet op het concurrentiebeding zijn gewezen. De rechter heeft zelfs het vermoeden dat de top van Willis Nederland het beding niet eens kende, totdat de bedrijfsleiding in London daarop wees.
Open armen
De Haarlemse rechtbank wijst alle verwijten van Willis van de hand. “Het is niet aannemelijk dat sprake is geweest van samenspanning en een vooropgezet plan om werknemers en klanten van Willis over te nemen”, aldus de rechter. Onvrede over de werkdruk bij Willis zou de werkelijke aanleiding zijn. “Aannemelijk is veeleer dat werknemers van Willis naar Marsh zijn overgestapt, omdat zij bij Willis niet tevreden waren en/of zich bij Marsh konden verbeteren en dat de een daarbij de ander heeft meegesleept. Aannemelijk is ook dat Marsh hen zonder veel consideratie met de belangen van Willis met open armen heeft ontvangen”, zo besluit de rechter.
Tijdens het geding stelt Willis-topman Wegbrans nog dat “Willis tot op heden geen klanten heeft verloren aan Marsh”. En zelfs als dat gebeurt, zou dat niet zo bijzonder zijn, vindt de rechter. Het is hem duidelijk geworden dat bedrijven vaak klant zijn bij zowel Marsh als Willis en/of Aon en dat zij niet zelden geheel of deels van makelaar veranderen. “Door Willis is niet weersproken dat in het verleden ook andersom werknemers van Marsh bij haar in dienst zijn getreden.”
Marsh-topman Polk hoopt dat de zaak niet verder via de rechter wordt afgehandeld. De makelaarsstrijd om personeel zal wel doorgaan, vermoedt hij. “Die is al fel en zal nog verder verscherpen.” Ter illustratie: Marsh verwelkomde de laatste drie maanden 22 nieuwe medewerkers. “Het laatste jaar hebben we zelfs meer dan vijftig nieuwe mensen aangenomen.” In hun arbeidscontract is een concurrentiebeding opgenomen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.