nieuws

Vooruitstrevende slechthorende vindt geen gehoor bij Beroepscommissie

Archief

Kan een slechthorende aanspraak maken op (gedeeltelijke) vergoeding van de kosten van een nieuw gehoorapparaat, als dat een stuk beter is dan het nog ‘jonge’ bestaande apparaat? Deze kwestie lag onlangs op het bord van de Beroepscommissie WTZ (Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen).

In 1996 heeft eiser, die verzekerd is op basis van een standaardpakketpolis, bij zijn verzekeraar een aanvraag ingediend tot vergoeding van de kosten van een hoortoestel, ter vervanging van een eerder verstrekt exemplaar. De verzekeraar wees vergoeding af.
Op 1 juli 1997 stelt eiser in een brief aan de Beroepscommissie, dat hij zijn huidige hoortoestel in oktober 1995 heeft aangeschaft en dat dit dus inmiddels al twee jaar oud is. Door research, voortgang van de techniek – nieuwe ontdekkingen, toepassing van chips en dergelijke – zijn er sinds 1992 veel verbeteringen in de toestellen aangebracht. Het ware volgens eiser dan ook beter uit te gaan van de (kortere) economische levensduur van het hulpmiddel, in plaats van de door verzekeraar gehanteerde standaard levensduur van vijf jaar.
“Met name in de afgelopen vier jaren is een en ander in een stroomversnelling geraakt. Zo is er in 1996 een volledig digitaal hoortoestel op de markt gebracht” ,aldus eiser. Hij stelt dat dit nieuwe toestel de levensomstandigheden verbetert. Het geluid wordt duidelijker weergegeven, de verstaanbaarheid wordt vergroot, en de ruis wordt onderdrukt. Met name het laatste is van belang aangezien de voortdurende ruis erg vermoeiend is. Het toestel heeft voorts een ingebouwde batterij-tester, en geeft een waarschuwingssignaal als de batterij leeg is.
Regeling
De verzekeraar verschuilt zich volgens hem achter de Uniforme regeling Hulpmiddelen en het is voor eiser de vraag of, en in hoeverre, deze regeling rechtsgeldig is. Ook als wordt aangenomen dat de betreffende regeling van toepassing is, meent eiser dat er omstandigheden kunnen zijn die een afwijking van de verzekeringsvoorwaarden rechtvaardigen.
Ten aanzien van de hoogte van de eventuele vergoeding, stelt eiser vast dat deze in 1996 maximaal f 1.237,50 per toestel bedroeg. Bij een aanschafprijs van f 2.575,90 zou derhalve minder dan 50% van de kosten worden vergoed. Eiser verklaart dat een dergelijke vergoeding ‘niet van deze tijd’ is en hij koppelt daar de vraag aan of er wel een tijdige aanpassing aan de prijsstijging heeft plaatsgevonden.
Verweer
De verzekeraar stelt dat volgens de toelichting op de toepasselijke ministeriële regeling als richtlijn geldt, dat een hoortoestel een gemiddelde gebruiksduur van vijf jaar kent. Aanschaf van een reserve-exemplaar is, gezien de kosten en gelet op hetgeen in de toelichting is bepaald, niet aan de orde. Eisers hoortoestel werd minder dan vijf jaar geleden aangeschaft, zodat de kosten van aanschaf van een nieuw toestel niet voor vergoeding in aanmerking komen.
Voorts stelt verzekeraar, dat het aan eiser is om aan te tonen dat het hoortoestel aan vervanging toe is, danwel dat functioneren met het huidige toestel onmogelijk is. Dit is door eiser echter niet aangetoond. Dat het nieuwe toestel moderner/beter is, wordt door verzekeraar erkend. Uit dit feit volgt zijns inziens echter niet dat automatisch tot vervanging moet worden overgegaan. De verzekeraar tekent hierbij aan, dat de keuzemogelijkheid ten aanzien van soort en type bij de verzekeraar ligt, en niet bij de verzekerde of de leverancier. Los daarvan mag een hulpmiddel niet onnodig kostbaar zijn, hetgeen volgens de verzekeraar bij zeer recente technologische ontwikkelingen niet zelden het geval is. Volgens de verzekeraar is de toegepaste regeling absoluut rechtsgeldig en kan de betrokken verzekerde geen aanspraak maken op bijzondere omstandigheden.
De Beroepscommissie komt tot de slotsom dat de enkele omstandigheid dat er een nieuw – en mogelijk beter – type hoortoestel op de markt is gekomen, onvoldoende is om de vergoeding van de daarmee gemoeide kosten te rechtvaardigen. De vordering wordt derhalve afgewezen. (Beroepscommmissie WTZ, nummer 9735)

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.