nieuws

Verzekerde vindt bepaling opzegging inboedelverzekering in strijd

Archief

met wet

Een vrouw dient bij de Raad van Toezicht Verzekeringen een klacht in over haar inboedelverzekeraar. Zij vindt het in strijd met de wet dat een verzekeraar zonder opgave van redenen een polis mag opzeggen, terwijl haar opzegging na een verhuizing niet geaccepteerd wordt.
Een vrouw heeft bij verzekeraar een pakketverzekering gesloten met als contractsvervaldatum 26 september 2005. Op 1o november 2005 zegt haar tussenpersoon in een brief aan de verzekeraar haar inboedelpolis op per 25 oktober 2005 in verband met een verhuizing naar Amersfoort, en haar rechtsbijstand- en aansprakelijksheidspolis per 26 september 2006.
De verzekeraar stemt niet in met de opzegging, omdat in de zogeheten ‘gemeenschappelijke voorwaarden’ staat, dat de verzekering niet tussentijds wordt beëindigd bij een verhuizing. Ook niet als de verzekeringnemer verhuist naar een woonplaats waar een andere premie of voorwaarden gelden.
Eenzijdig
De vrouw, die na haar verhuizing juist een lagere premie moet betalen, maakt toch bezwaar. Zij vindt dat de verzekeraar met deze “eenzijdige voorwaarde”, de goede naam van het verzekeringsbedrijf schaadt. “Niet in de laatste plaats, omdat dit tegen de contractsvrijheid is, die ons recht kenmerkt. Een verzekerde mag nooit gebonden worden aan voor hem onbekende nieuwe voorwaarden en condities, zonder dat hij de mogelijkheid krijgt hier niet akkoord mee te gaan.”
Bovendien maakt zij zich kwaad dat de verzekeraar de polis zonder opgave van reden mag opzeggen. Alhoewel verzekeraar stelt er prudent mee om te gaan, vindt ze het toch een kwalijke zaak. “Het enkele opnemen van de bepaling is al zo ver verwijderd van wat een redelijk handelend verzekeraar mag doen, dat het de goede naam van het verzekeringsbedrijf schaadt.”
Geen bezwaring
De verzekeraar zegt nooit zonder opgave van redenen een polis op te zeggen: bij een opzegging conformeert hij zich steeds aan de Verbondsadviezen, wetgeving en jurisprudentie. In de nieuwe voorwaarden echter, zo meldt de verzekeraar de Raad van Toezicht, keert de gewraakte zinsnede niet terug.
Verder stelt de verzekeraar dat door haar verhuizing de premie gedaald is en zij premierestitutie heeft ontvangen. Van ‘onredelijke bezwaring’ (-in de zin van artikel 6:233 BW) is dus geen sprake, meent verzekeraar. De verzekeraar merkt ook nog op dat er in de polisvoorwaarden duidelijk staat dat verhuizing geen reden is voor beëindiging en dat het een wijdverbreid misverstand is dat dit wel zo zou zijn.
Nieuwe verzekeringsrecht
De Raad van Toezicht vindt het verdedigbaar dat verzekeraar niet heeft ingestemd met de opzegging; de opzegging vond plaats toen het nieuwe verzekeringsrecht van titel 17 van Boek 7 BW nog niet van kracht was. Verzekeraar heeft verder verklaard dat de gewraakte zinsnede – namelijk dat de verzekeraar het recht heeft de polis zonder opgave van redenen op te zeggen – niet in de nieuwe verzekeringsvoorwaarden zal terugkeren. De conclusie van de Raad luidt dat de verzekeraar de goede naam van het verzekeringsbedrijf niet geschaad heeft.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.