nieuws

Variabele lijfrente-uitkeringen: wat kan wel en wat kan niet?

Archief

Onlangs heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan over de mogelijkheid om uitkeringen uit een lijfrente in hoogte te laten variëren. Die uitspraak was tamelijk casuïstisch, maar toch zijn er enkele algemene lijnen in te ontdekken. En dat is van belang, omdat er vanuit de markt vraag is naar lijfrenten met ongelijkmatige uitkeringen. De uitspraak van de Hoge Raad biedt mogelijkheden om aan de wensen van de cliënt tegemoet te komen.

mr A.S. Lagendijk
Een lijfrente is gedefinieerd als een aanspraak op vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen. In de rechtspraak zijn weinig uitspraken terug te vinden die betrekking hebben op het criterium vast en gelijkmatig. De Hoge Raad heeft in 1976 uitgesproken dat het bedrag van de uitkeringen vast moet zijn, danwel moet klimmen met een vast bedrag of vast percentage danwel gekoppeld moet zijn aan bijvoorbeeld een prijs- of consumptie-index.
Dit is inmiddels een algemeen aanvaard beginsel. Voor het overige is er geen jurisprudentie van de afgelopen jaren bekend, waarin de grenzen worden aangegeven waarbinnen lijfrente-uitkeringen zich moeten bewegen.
Casus en uitspraak
De casus handelde over schenking van een lijfrente bij notariële akte. Als een belastingplichtige voor lijfrentepremie-aftrek in aanmerking wenst te komen, dan dient een lijfrente bij notariële akte te voldoen aan een aantal specifieke voorwaarden.
In de casus had de lijfrente een duur van vijf jaar. De eerste uitkering bedroeg f 400, de tweede en daaropvolgende uitkeringen bedroegen allen f 200. De aan de rechter voorgelegde vraag was, of in dit geval werd voldaan aan het criterium gelijkmatig.
Het gerechtshof was van mening dat de lijfrente gesplitst diende te worden in een deel dat wél en een deel dat níet als lijfrente kan worden beschouwd. “Van een reeks willekeurige uitkeringen kan niet worden gezegd dat aanspraak bestaat op een reeks gelijkmatige uitkeringen; behoudens voorzover in de reeks aanspraak is gegeven op een bedrag dat in elke uitkering is begrepen.”
In het voorliggende geval is in iedere uitkering een bedrag van f 200 begrepen. In zoverre is dus sprake van een lijfrente van f 200. De Hoge Raad heeft op 1 mei 1996 de uitspraak van het Hof bevestigd.
Conclusies
Hoewel de uitspraak zeer casuïstisch is, is het toch mogelijk om er enkele algemene conclusies aan te verbinden. Van belang hierbij is dat de begripsomschrijving van de lijfrente bij notariële akte gelijk is aan de lijfrente die bij een professionele verzekeraar wordt gesloten.
Het tweede belangrijke punt is dat bij een koopsom voor een direct ingaande lijfrente de lijfrente-uitkering als het ware wordt afgetopt. De hoge uitkering wordt verlaagd tot het bedrag even hoog is als de lage uitkeringen. In onze casus is de premie voor een lijfrente van f 200 dus aftrekbaar. De premie voor het meerdere – in dit geval f 200 – is niet aftrekbaar. Dit beginsel kan ook worden toegepast als niet de eerste, maar een tweede of volgende uitkering hoger is dan de andere. Er kan immers een contante waarde van het surplus berekend worden.
Hetzelfde geldt mutatis mutandis als bij een gerichte lijfrente of een kapitaalverzekering onder het oude regime, het kapitaal wordt gebruikt voor de aankoop van een direct ingaande lijfrente. De aankoop geschiedt in principe zonder belastingheffing noch lijfrentepremie-aftrek. Als dan een ongelijkmatige lijfrente wordt aangekocht, wordt het gelijkmatige deel van de lijfrente beschouwd als toegestane lijfrente. Het meerdere wordt evenwel niet aangemerkt als lijfrente en dus direct belast. (Bij verzekeringen onder het nieuwe regime wordt daarbij ook revisierente geheven.)
Suggesties voor advisering
Het bovenstaande is met name een probleem bij een lijfrente met één of twee hoge uitkeringen. Als sprake is van een langer lopende lijfrente waarbij bijvoorbeeld vijf hoge uitkeringen dienen plaats te vinden, dan is er voor de advisering een andere mogelijkheid.
Stel: een lijfrente wordt gevraagd met een duur van twintig jaar. De eerste tien jaar wordt een bedrag van f 10.000 uitgekeerd, daarna volgen tien lagere uitkeringen ter waarde van f 5.000. Deze lijfrente zou gesplitst kunnen worden in twee afzonderlijke lijfrenteverzekeringen: één met een tienjarige uitkering van f 10.000 en één met een duur van tien jaar ad f 5.000.
Uiteraard moet wel rekening worden gehouden met de wettelijke eisen. De oudedagslijfrente is levenslang; de tijdelijke oudedagslijfrente mag op zijn vroegst op 65 jaar of bij eerdere pensionering ingaan; de maximale uitkering bedraagt f 34.542 (1996) en de uitkering dient minimaal vijf jaar te duren. De overbruggingslijfrente dient te eindigen op 65-jarige leeftijd of bij eerdere pensionering en mag maximaal f 115.134 bedragen.
Aan kapitaalverzekeringen met een lijfrenteclausule, die dateren van voor de Brede Herwaardering, worden geen nadere vereisten gesteld. Van belang is wel dat alle lijfrenten een onzekere factor in zich dragen: een overlijdenskans van ongeveer 1%. Een oude kapitaalverzekering met lijfrenteclausule kan daarnaast nog gedeeltelijk afgekocht worden om zo steeds de gewenste hoogte van de uitkering te bepalen.
Tot slot
Bovenstaande uitspraak geldt met name voor lijfrenten. Voor periodieke uitkeringen die voortvloeien uit een stamrecht (gouden handdruk) geldt dat zij niet gelijkmatig behoeven te zijn, omdat zij op grond van de wet niet als lijfrente gedefinieerd zijn.
Voor pensioenen gelden eveneens andere regels. Bij pensioenen is het toegestaan om een overbrugging mee te verzekeren. Ook heeft onlangs de Commissie Witteveen aangegeven dat pensioenuitkeringen mogen variëren in de verhouding 100 : 75.
In de praktijk is een scala aan variaties te bedenken aan wisselende lijfrente-uitkeringen. Bij twijfel is het verstandig om de offerte voor te leggen aan de belastinginspecteur.
Alfred Lagendijk is werkzaam bij de Fiscale Sectie Pensioenen en Verzekeringen van Coopers & Lybrand Amsterdam.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.