nieuws

Van cowboys, indianen en tussenpersonen

Archief

Kent u ze? Die paginagrote advertenties van verzekeraars waarin u uitgenodigd wordt te vechten. Te vechten in de strijd tegen verzekeringsfraude! Nooit gezien zult u zeggen. Een enkeling zegt wellicht: ja toch, toen ik de Verenigde Staten of Canada bezocht.

Door Eric Horssius
In Noord-Amerika is het niet vreemd om advertenties aan te treffen die het grote publiek (dus u en ik) oproepen mee te doen met de coalitie tegen verzekeringsfraude. Advertenties die duidelijk maken dat tenminste 10 tot 15 procent van alle materiële en immateriële schade geheel of gedeeltelijk frauduleus zijn. In Canada, in vele opzichten vergelijkbaar met Nederland, levert dat een jaarlijks verlies op van circa drie miljard gulden.
Deze cijfers zijn geen nieuws voor schadebehandelaars, experts en andere ingewijden, maar het schijnt niemand echt tot nadenken of tot handelen aan te zetten. Desondanks dient de grootte van dit fraudeprobleem ieder weldenkend mens te shockeren.
Onthutsend
Hoewel ik veel contact heb met de expertisewereld ( ik spreek graag over verzekerings- en expertise-industrie) als louter “contra expert” tel ik mezelf nog immer tot de groep van weldenkende mensen. Tijdens mijn werkzaamheden als adviseur en schaderegelaar van verzekerden, hoor en zie ik veel van schadevaststellingen, maar ook van taxaties en waarderingen die mogelijk bijdragen aan dit onthutsende grote probleem.
Overdreven en onjuiste taxaties van kunst, antiek, ja zelfs van “eenvoudige doch nette inboedel”, inventaris en goederen zijn eerder regel dan uitzondering in de niet of nauwelijks gereguleerde taxatie en schadepraktijk. Iedere handelingsbekwame (en dat ben je snel in Nederland) kan zichzelf, kunst en antiekexpert noemen of, brutaler, taxateur. Een visitekaartje is voldoende legitimatie, een drietal aangeleerde algemene kunstjes doet de rest.
Bijzonder spijtig is het dat slechts zeldzaam een expert of taxateur een opleiding heeft genoten op de wijze zoals bijvoorbeeld een (beëdigde) makelaar of taxateur. Zeer gewaardeerde oudere experts verlaten zich nog steeds op giswerk en het bekende buikgevoel. De taxatietheorie is hen vreemd: “nooit nodig gehad in de afgelopen …tig jaar, zal ik nu toch ook niet nodig hebben”. Enige jaren ervaring is meestentijds voldoende om met behulp van vrijstellingen zich “registerexpert”” te mogen noemen. Een cowboys- en indianenwereld, gevallen in de zelf gegraven slangenkuil. De theorie van taxeren en van schadehoogte vaststellen is hen vreemd. Dit resulteerde, in het tot voorbeeld strekkende Canada, tot taxaties en schadevaststellingen die onder het minimumniveau liggen, die niet precies zijn en in een enkel geval zelfs frauduleus!
Dit wijdverbreide probleem is wel goed onderkend door de Nederlandse overheid. Neem de belastingdienst. Alvorens een successieaangifte (daar doet zich immers de situatie regelmatig voor van het taxeren van kunst, antiek, machines, voorraden, inboedel opstallen, etc.) af te doen, hebben, veelal, een door de belastingplichtige ingeschakelde deskundige en een deskundige namens de inspectie, in minnelijk overleg een gezamenlijke waarde vastgesteld. Beide partijen hebben zich aldus verzekerd, van een aanvaardbare waarde voor de belastingaangifte. Ze hebben zich actief ingezet bij de vaststelling, hetgeen de acceptatiegraad van de waardering nog eens doet verhogen. Ik meen dat een dergelijke “zekerheid”niet bestaat bij schade in de verzekeringsindustrie.
Volgens mij hebben verzekeringsprofessionals nog niet vastgesteld op welke wijze overdreven hoge (of lage!) taxaties en schadevaststellingen de schadecijfers beïnvloeden. Ik meen dat, alleen al in geld uitgedrukt, de impact groot is. In dit verband is overigens aan te nemen dat te lage taxaties of schadevaststellingen eveneens de cijfers in zijn geheel nadelig beïnvloeden. Niet moeilijk denkbaar is namelijk dat in dergelijk situaties aansprakelijkheidverzekeraars en rechtsbijstandverzekeraars hun schadecijfers zien oplopen. Bovendien, in de claimcultuur van tegenwoordig, laten veel verzekerden in deze situatie het er niet bij zitten. Hetgeen een immense correspondentie (en daarmee gepaard gaande kosten) bij bijvoorbeeld het intermediair en het klachteninstituut tot gevolg heeft.
Richtlijn
Als ik als uitgangspunt neem dat het bovenstaande ook in Nederland een reëel probleem vormt, lijkt het normaal dat de verzekeringsmaatschappijen een standpunt innemen tegen dubieuze taxaties die kunnen resulteren in te hoge/lage schadeclaims en ongerechtvaardigde en ongegronde schaderegelingen. In mijn denken over dit probleem neemt de onafhankelijke expert (voor mijn part registerexperts) een belangrijke plaats in. Zij kunnen het beste weten en meten en kennen het verschil tussen een goed en slecht taxatie- of schaderapport. Om het verschil tussen beide te accentueren en te verduidelijken: het helpt om te weten wat een compleet, juist en technisch goed taxatie- of schaderapport dient te behelzen. Immers, als je meetlat gestandaardiseerd is, kun je het gehalte van een rapport eenvoudig en effectief meten.
Hoewel de expertisewereld hier ten lande niet of nauwelijks door de wet geregeld is, geeft de grootste organisatie, het Nivre, haar leden/donateurs een aantal richtlijnen, een theorieopleiding en (begin van) tuchtrechtspraak. Opvallend is dat er geen uniforme richtlijn bestaat ten aanzien van de expertisepraktijk en het schrijven van een rapport. Iets wat in Noord-Amerika al bestaat sinds einde jaren tachtig van de vorige eeuw toen veelvuldig spaar- en leeninstellingen in de problemen raakten door onjuiste en ondermaatse taxatierapporten. De aldaar ontwikkelde richtlijnen (The Uniform Standards of Professional Appraisal Practice -Uspap) zijn ontwikkeld om de praktijk en wijze van rapporteren van alle professionele experts inzichtelijk te maken. Ongeacht of deze experts nu werkzaam zijn in de taxatie- of schaderegelingbusiness en deze experts opstallen, machinerieën, roerende goederen of andere zaken waarderen.
De verwachting lijkt gewettigd dat deze richtlijnen niet alleen een blauwdruk worden voor experts, maar zoals ook is gebeurd in Noord-Amerika, snel na het in zwang raken van dergelijke richtlijnen ook een gidsfunctie gaan vervullen bij verzekerden.
Ik meen dat critici, hier aangekomen, hun kans schoon zien om mij te verwijten dat zulke richtlijnen niet praktisch zijn, al was het al vanwege de “zeer complexe schadematerie en de dynamiek waarin wij leven en verzekeren”. Tot hen zeg ik, dat de Uspap sinds haar introductie in 1988 ieder kwartaal, weliswaar wordt bijgewerkt en geëvalueerd, doch in de kern constant is gebleven. Alsmede dat de Uspap een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan het wegnemen van mystiek en onaanvaardbare uitkomsten rond schadevaststellingen.
Minimum eisen
Onderstaand volgen enige punten waaraan een goed rapport moet voldoen. Het zijn punten waar experts wat aan hebben, maar bovenal als hulp dienen voor hen die (samen) werken met experts zoals schadeacceptanten, schadebehandelaars, assurantietussenpersonen en verzekerden. Voor wat betreft de laatste groep is het mij om het even of dit schademanagers van beursgenoteerde onderneming, ondernemers uit het midden- of kleinbedrijf of particuliere consumenten zijn.
Om te voldoen aan minimum eisen moet een taxatie- of schaderapport voldoen aan de volgende eisen:
– duidelijke tekst; bewoordingen en bedoelingen.- voldoende informatie bieden voor verzekeraar en verzekerde om het rapport te begrijpen en te controleren;- aangeven of er gebruik wordt gemaakt van -bijzondere- premisse of beperkende voorwaarde die betrekking heeft op de waarde;- omschrijven welk belang, in de zin van verzekerd object, wordt bedoeld;- onderscheid maken tussen bestaande of mogelijke belangen in de zin van eigendom(srechten) of daarvan afgeleide rechten;- het doel, de bedoeling van de opdrachtgever, met betrekking tot de waardevaststelling;- datum tot wanneer de bevindingen nog juist zijn;- gebruik van een waardebegrip die consistent is met het doel van het rapport;- het gebruik van de gekozen waarderingsmethode toelichten;- definiëren van het gebruikte waardebegrip;- een overzicht bieden van verzamelde gegevens en bevestiging van de juistheid van die gegevens;- een opgave van de basis uitgangspunten, aannames en eventueel beperkende factoren:- indien van toepassing voegt het te vergelijken verkoopgegevens, veiling resultaten, analyses van gebruik en uitleg en de van toepassing zijnde markt gegevens bij;- indien van toepassing verklaart het rapport een afwijking van de gevolgde waarderingsmethode ten opzichte van de normale methode- een lijst van opleiding en bijzondere kwalificaties van de expert;- het rapport is altijd ondertekend, deze ondertekening strekt mede ten bewijze dat het bovenstaande in het rapport is betrokken. De bovenstaande punten zijn verplicht en als zodanig heeft de expert niet de vrijheid om elementen weg te laten. De afwezigheid van de bovengenoemde punten vormt een serieus te nemen omissie en is een belangrijke indicatie dat het taxatie en expertise proces niet begrepen is.Het rapport dient, tot slot een verklaring in enigerlei vorm te bevatten dat;
– alle gegevens in het rapport zijn juist en waarheidsgetrouw;- alle aannames en beperkingen zijn vermeld;- de expert heeft geen huidig of voorgenomen belang in onderhavige zaak (zaken);- honorering voor het samenstellen van het rapport was niet gebaseerd op een percentage van de gewaardeerde zaak (zaken) of continuering van de relatie;- de expert heeft (of: heeft niet!) persoonlijk het gewaardeerde geïnspecteerd;- indien van toepassing: belangrijke professionele hulp bij het vervaardigen van het expertiserapport werd verkregen door (namen van geassumeerden en hun rol in het proces moet worden genoemd).Beleidsmakers in de verzekeringsindustrie doen er goed aan dergelijke zaken in de gaten te houden, en wellicht in de nabije toekomst er op te staan dat taxaties en schadevaststellingsrapporten overeenkomen met het (merendeel) van bovenstaande regels. Ik blijf er vast van overtuigd dat, door te weten wat een goed schade- of taxatierapport moet behelzen, je ondermaatse rapportages kunt herkennen. Het kostbare probleem van verzekeringsfraude komt dan allicht weer een stapje dichter bij een oplossing.
mr. E.M. Horssius, beëdigd taxateur in onroerende goederen en chartered surveyor is werkzaam bij Krantz & Polak Resolve register contra experts te Utrecht-Vleuten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.