nieuws

Vakkennis gaat voor Upac boven ledengroei

Archief

De Utrechtse Provinciale Assurantie Club (Upac) vierde onlangs het zestigjarig bestaan. Bij die gelegenheid trad Dick Koster na achttien jaar terug als voorzitter om plaats te maken voor Jacqueline van Brandwijk, die zelf al jaren bij de club actief was als bestuurslid. Doelstelling van het bestuur is niet zozeer het vergroten van het ledental, maar het weer opwekken van de interesse voor het opdoen van vakkennis.

De Upac is met 725 leden de op vier na grootste assurantieclub: een stuk kleiner dan EFD Noord, VPV Rotterdam, de Haagse en de ABC (alle meer dan duizend leden), maar nog flink groter dan de Leidse en de Gelderse (rond de 450 leden).
Qua leeftijd is de Upac, opgericht in 1944, nummer drie. De start in oorlogstijd geeft aan dat de verzekeringsbranche ook toen leefde: in het oprichtingsjaar werden twee lezingen, drie excursies en een voetbalwedstrijd georganiseerd. Over de werkelijke datum van oprichting valt overigens te discussiëren. In maart 1944 werd namelijk ‘slechts’ de voorloper van de Upac opgericht: de eerste onderafdeling van de Amsterdamsche Beurs Club. Pas in december 1948 werd de onderafdeling in het Utrechtse café-restaurant Royal verzelfstandigd en omgedoopt tot Upac.
Opleidingen
De Upac was één van de zeven clubs die in 1998 de Stichting Assurantie Cursussen (SAC) trouw bleven toen de besprekingen met SVV om te komen tot een landelijk opleidingsinstituut mislukten. De Federatie beëindigde toen het lidmaatschap van de clubs die van plan waren de assurantieopleidingen te blijven laten verzorgen door de SAC.
De SAC ging daarmee rechtstreeks concurreren met de toenmalige SVV, vond de Federatie. “Wat hebben wij nou eigenlijk misdaan?”, vroeg Upac-secretaris Steef Klarenbeek zich destijds af. “We laten onze opleidingen gewoon door de SAC verzorgen, omdat tot nu toe voor de nieuwe SVV een uitvoerig beleidsplan voor de verbetering van het onderwijs ontbreekt. Maar als je niet het juiste geloof belijdt, dan word je kennelijk door de Federatie verketterd.”
De SAC ging uiteindelijk in 2000 ten onder, nadat drie clubs waren overgestapt naar de inmiddels met bankopleidingsinstituut Nibe gefuseerde SVV en een halvering van het aantal cursisten de stichting in de rode cijfers had geduwd. Het verdwijnen van de SAC doet vier jaar later nog steeds pijn in de gelederen van de club, in het bijzonder bij Klarenbeek, die jarenlang bij het opleidingsinstituut betrokken was. “Laten we het daar maar niet meer over hebben. Met FiDi/Pé is de Federatie in feite hetzelfde gaan doen als ons toen voor ogen stond. Ik hoop dat deze nieuwe structuur goed wordt neergezet.”
Jongeren
Het bestuur van de Upac telt naast een nieuwe voorzitter sinds kort twee nieuwe jeugdige bestuursleden. Het ledenbestand telt langzaam maar zeker ook steeds meer jongeren. “We hopen dat het belang van het bijhouden van kennis en het bijblijven door de WFD weer wordt onderkend.”
Koster begrijpt de geringe belangstelling onder de jonge branchegenoten wel: “Het is voor iemand met een jong gezin moeilijk om ’s avonds om kwart voor acht bij een bijeenkomst aanwezig te zijn”. Koster zelf is overigens één van de oudste Upac-leden, want hij is sinds 1954 lid. Al tien jaar terug had Koster het voornemen om de voorzittershamer neer te leggen, maar dat afscheid is keer op keer uitgesteld. In 1994 legde hij trouwens in het jubileumboek ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de Upac, al de vinger op de zere plek van de assurantieclubs: “Het sociale contact tussen de leden? Laat ik er maar meteen duidelijk in zijn: dat is er dus helemaal niet meer. Het lukt gewoon niet, wat we ook proberen. De samenleving is jachtiger geworden”.
Vakkennis
De missie van Kosters opvolger Jacqueline Brandwijk is vooral de branche opnieuw te interesseren voor het opdoen van meer vakkennis. “Dat kan alleen als alle partijen eraan meewerken. Het kennisniveau is de laatste jaren immers behoorlijk gedaald, zowel bij verzekeraars als bij het intermediair. In het verleden hebben we laten zien dat we dicht bij de cursist staan en goed kunnen inspelen op zijn behoefte. Zonder medewerking van het Verbond van Verzekeraars, Nibe-SVV en de tussenpersonenorganisaties zal een verdere wildgroei en vercommercialisering toeslaan. Een te hoog prijsniveau voor opleidingen zal bij werkgevers een sterk remmend effect hebben. De laatste tijd rijzen de cursusprijzen echt de pan uit. Als wij er met de andere assurantieclubs niet in slagen onze positie in de markt weer te heroveren, dan moeten we dat accepteren en onze conclusies trekken.”
Een aantal clubs ziet het bedrijfslidmaatschap als een goed middel om meer mensen te trekken. Voor de Upac is dat echter geen optie: “Hiermee realiseer je geen korte band tussen het lid en de vereniging. Een assurantieclub moet met haar leden communiceren. Wel zien we heil in collectieve lidmaatschappen, waarbij alle werknemers van een bedrijf automatisch lid zijn.
Waar andere clubs druk doende zijn om het ledental te verhogen, heeft dat voor de Upac niet de hoogste prioriteit. “Dat is geen doel op zich. Als er bij de leden voldoende interesse is voor het product dat wij leveren, hoeft voor ons het ledental niet hoog te zijn. Natuurlijk heb je een minimum aantal leden nodig voor de exploitatie. Aan de andere kant is het wel prettig als er veel leden zijn. Zij ontvangen dan immers ook de eerder genoemde vakinformatie.”
Alleen met dat laatste haalt een lid de prijs er al uit: de contributie van de Upac is lager dan de individuele abonnementsprijs van de Beursbengel. “Wij vinden het verzenden van een vakblad aan onze leden erg belangrijk. Met De Beursbengel krijgt men veel vakinhoudelijke informatie, onafhankelijk van verzekeraars. Wij vinden het eigenlijk vreemd, dat niet iedereen door de werkgever verplicht wordt kennis te nemen van de inhoud van de Beursbengel.”
Ondanks het pleidooi voor meer vakkennis maakt de Upac geen specifieke keuze vóór opleidingen ten koste van het sociale aspect. “Het is voor ons van belang dat wij onze leden voldoende kunnen bieden en kunnen inspelen op de behoefte die er bij hen leeft. In de jaren vijftig en zestig was het sociale aspect enorm belangrijk. Communicatie ging per post en de leden zagen elkaar niet bij andere gelegenheden. Tegenwoordig zijn de leden veel meer geïnteresseerd in vakkennis, maar het valt niet te ontkennen dat er binnen de Upac ook een harde kern is die het sociale erg waardeert.”
Het bestuur van de Upac
Voorzitter: Jacqueline Brandwijk, teammanager zakelijke schadeverzekeringen bij Fortis ASR.
Secretaris: Steef Klarenbeek, Register Makelaar in Assurantiën bij Multisafe (De Bilt).
Lid lezingencommissie: Co Merkens, agrarisch inspecteur bij Delta Lloyd.
Lid lezingencommissie: Trudy Wiersma, assurantieadviseur Rabobank De Meern.
Lid lezingencommissie: Cor van Rossum, assurantieadviseur Onderlinge Benschop.
Aspirant-bestuurslid: Alfred Jonker, commercieel medewerker collectiviteiten Meeús Assurantien.
Aspirant-bestuurslid: Marco Luijckx, accountmanager Fortis ASR (De Amersfoortse).
De Upac
Regio: Utrecht en omstreken.
Aantal leden: 725.
Contributie: e 26,50 per jaar.
Opgericht: 11 maart 1944.
Website: www.upac.nl
De oude en de nieuwe voorzitter van de Upac: Dick Koster (links) en Jacqueline Brandwijk.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.