nieuws

‘Uitsluiten homoparen van nabestaandenpensioen onwettig’

Archief

Het uitsluiten van samenwonende homoparen van een nabestaandenpensioen is in strijd met de Algemene wet gelijke behandeling (AWGB). Dat is het oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling, naar aanleiding van een klacht van een vrouw over haar pensioenverzekeraar.

De vrouw woonde ruim 35 jaar samen met haar vriendin. Beiden werkten vóór hun pensionering geruime tijd voor dezelfde werkgever. Dit bedrijf sloot in 1988 een collectieve pensioenverzekering af bij een verzekeringsmaatschappij. Het vrouwelijke paar gaf toen al aan in aanmerking te willen komen voor een nabestaandenpensioenregeling. Daartoe leverden zij een verklaring van het hebben van een gezamenlijke huishouding in bij de werkgever.
Na het overlijden van één van de partners in 1994 diende de achterblijvende partner bij de verzekeraar een verzoek tot uitkering van nabestaandenpensioen in. Dit werd echter geweigerd, omdat volgens het pensioenreglement paren van gelijk geslacht uitgesloten bleken te zijn. De uitsluiting gold ook voor samenwonende broers en zussen. Volgens de werkgever en de verzekeraar is daarom van onderscheid op seksualiteit geen sprake.
De Commissie Gelijke Behandeling denkt daar anders over. Volgens de commissie sluit het reglement ongehuwd samenwonende heteroparen niet uit van een nabestaandenpensioen maar homoparen wel. Daarmee discrimineren werkgever en verzekeraar direct op grond van (homo)seksualiteit. “Dat de bepaling homoseksuelen niet met zoveel woorden noemt, doet daar niets aan af”, aldus de commissie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.