nieuws

Turien timmert toch aan de weg

Archief

Aan de noordkant van Alkmaar huist het zelden de trom roerende assuradeurenbedrijf Turien & Co. De onderneming, die inmiddels goed is voor een premie-inkomen van f 170 miljoen per jaar, timmert nu overigens letterlijk aan de weg, want zij barst met haar honderd medewerkers uit het huidige kantoor. Daarom verrijst er op een steenworp afstand een nieuw pand. Turien & Co staat onder leiding van de achterneven mr P.J. (Piet) Schneider en E.F. (Erik) Schneider, die daarmee een vervolg geven aan de voetsporen van hun vaders die de onderneming tot in het begin van de jaren negentig mede hebben gerund.

Turien timmert toch aan de weg
door Richard Vroom
Het is momenteel een van de belangrijkste trends in het bedrijfsleven, en dus ook in de verzekeringsbranche: outsourcing, het door de ondernemingen uitbesteden van (kern)activiteiten. Bij Turien & Co weten ze er als volmachtbedrijf al tientallen jaren van mee te praten. Het begon feitelijk met de volmacht die de Zwitserse maatschappij Alpina (onderdeel van de Zürich-groep) in 1948 verleende.
“Alpina was daarmee een outsourcer avant la lettre”, stelt Piet Schneider. “Alpina gaf destijds de administratie van haar Nederlandse portefeuille bijna volledig uit handen. Dat is vrij ver gegaan toen, tot en met de produktontwikkeling en marketing, naast de selectie, polisadministratie alsmede de behandeling en betaling van schades; in feite dus àlle handelingen van de schadeverzekeraar.”
Erik vult aan: “Wij hebben van Alpina echt een 100% volmacht. Vaak zie je bij de gecombineerde bedrijven (makelaar/assuradeur) dat men een schaderegelingsbevoegdheid heeft tot een bepaalde grens”. Piet: “Door het werken met die volmacht van Alpina heeft Turien & Co zich als het ware klaargestoomd voor andere volmachtgevende maatschappijen: de Europeesche, nu al meer dan 25 jaar, Nuts ruim 10 jaar (en die is met een premie-omzet van bijna f 70 miljoen een hele relevante geworden), DAS (voor auto-rechtsbijstand), UAP Zorg en sinds kort Nationale-Nederlanden Zorg.” “Bedrijven als het onze vormen het antwoord op de behoefte aan outsourcing bij risicodragers. Bij Nuts en Europeesche treden we op als administrateur, en dat in de meest brede zin. Voor de door ons beheerde portefeuille zit hier ook de medisch adviseur bijvoorbeeld”.
Limburg
De oorsprong van het bedrijf ligt in het Limburgse Venlo, waar G. Turien zich in 1912 vestigde als makelaar in assurantiën. Diens zoon André Turien startte na de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam, waar hij na enige tijd ging samenwerken met O. Blom, familielid van een van de grondleggers van Blom & Van der Aa.
Het in 1947 gestichte ‘Turien en Blom’ was een provinciaal bedrijf met een beperkte beursactiviteit, doch uitsluitend actief in de assurantiebemiddeling. Er leefde wel duidelijk de behoefte om zelf produkten te ontwikkelen, en daarom werd gezocht naar een buitenlandse risicodrager. De toenmalige partner Blom had heel veel contacten, ook in Zwitserland waar men gehoor vond bij Alpina. In 1950, twee jaar nadat de volmacht van Alpina was verkregen, werd het volmachtbedrijf afgesplitst van de makelaardij, hetgeen de eigenlijke start van Turien & Co Assuradeuren betekende. “Wij ontplooien ons volledig als assuradeur, zodat het intermediair ons niet kan en zal zien als (potentiële) concurrent”, onderstrepen beide Schneiders.
Weg uit Amsterdam
Het bedrijf groeide voorspoedig aan de Herengracht in Amsterdam, maar het begon zich daar aan het eind van de jaren zeventig enigszins ongemakkelijk te voelen.
Erik: “We hadden toen duidelijk behoefte aan meer ruimte voor de 40 medewerkers en bovendien waren er wat andere praktische problemen, onder meer vanwege de naburigheid van krakers. De beide toenmalige firmanten waren afkomstig uit de regio Alkmaar en ook veel medewerkers kwamen uit deze streek; dat is historisch zo gegroeid”. Vanuit die achtergrond kwam men in gesprek met de gemeente Alkmaar en dat klikte al snel heel goed. “Tussen het moment dat de beslissing viel om hierheen te verhuizen en het moment dat we feitelijk dit gebouw betrokken, ligt amper anderhalf jaar.”
Intermediairbestand
Turien & Co werkt samen met meer dan duizend zelfstandige tussenpersonen, van wie er ongeveer 500 als ècht actief kunnen worden bestempeld, een verdubbeling sinds de verhuizing naar Alkmaar in 1981.
Erik: “Wij zijn al vanaf de start landelijk georiënteerd geweest, met in de praktijk een zwaartepunt in de Randstad en van oudsher veel agenten in het zuiden van Nederland. Maar ook in ‘moeilijke’ regio’s Groningen en Friesland zijn wij vertegenwoordigd. Het agentenbestand is eigenlijk uit zichzelf gegroeid. We zijn nooit echt op zoek geweest in bepaalde regio’s. Wij hadden bijvoorbeeld een paar tussenpersonen in Nijmegen. Die voelden zich klaarblijkelijk zó bij ons thuis, dat andere intermediairs die daar ‘last’ van hadden, ook een agentschap wilden”.
Administratie
De Schneiders laten zich voorstaan op een goed georganiseerde administratie.
Piet: “Het is ons bestaansrecht; dáár gaat het om. Het risicodragen en alle andere elementen zijn daarvan een afgeleide”. Erik: “Veel software is ontwikkeld is eigen huis. Het gros is hier geschreven en herschreven. Dat is in feite een permanent proces, waarbij je iedere keer weer op de nieuwe ontwikkelingen moet inspelen. En dat wordt, zo merken we, een steeds grotere inspanning.” Piet: “De groei is zo voorspoedig gegaan, dat mijn angst wel eens is, dat we te navelstaarderig worden. We moeten er voor oppassen, dat we onvoldoende naar buiten kijken. En daar zijn we dan nu ook nadrukkelijk mee bezig: meer naar buiten kijken.”
Profiel
Turien & Co heeft in de markt een ‘bescheiden’ profiel. Piet: “Dat zoeken we ook wel een beetje: keurig en degelijk. Behoefte om heel erg aan de weg te timmeren is er niet, mede als gevolg van de sterke groei. Wij moeten het op de een of andere manier net iets beter doen dan de volmachtgevers, want als de maatschappijen het net zo goed zelf kunnen doen, worden we kwetsbaar.”
Erik: “Die efficiënte bedrijfsvoering is natuurlijk niet de enige bestaansgrond. Voor tussenpersonen kan het ook aantrekkelijk zijn om via één assuradeur bescheiden portefeuilles bij diverse maatschappijen te hebben. Bij ons hebben ze één rekening-courant, waarop natuurlijk duidelijk de boekingen van de diverse volmachtgevende maatschappijen te onderscheiden zijn”. Er kunnen ook bijzondere aanleidingen zijn. Piet: “Zo heeft Nuts, in tal van opzichten, een moeilijke periode achter de rug. De maatschappij had het een tijdlang administratief niet helemaal op orde. Vele tientallen met haar samenwerkende tussenpersonen redeneerden: de produkten van Nuts spreken ons wel aan, maar die administratieve problemen zijn we zat. Meestal kenden die tussenpersonen ons al van de andere produkten en voelden ze zich meer op hun gemak als de portefeuille naar ons zou worden overgedragen. Nuts is daarbij ook geholpen, want ze houdt de premie en ze is van die kritiek af.”
Collectiviteiten
Bij de ziektekostenverzekeringen maken nu collectiviteiten ruim de helft van het premie-inkomen uit deze branche uit. Ook in de autoportefeuille komt meer dan 50% uit collectiviteiten, waarbij het grootste wagenpark meer dan 8.000 auto’s omvat.
De autoverzekering van Alpina heeft een eigen gezicht vanwege een merkentarief met klasse-indelingssysteem. Erik: “Dat is komen overwaaien uit Zwitserland, waar het vanuit de overheid is gestuurd, en wij hebben het voor Nederland ‘doorontwikkeld’. Als criteria gelden niet alleen gewicht en cataloguswaarde, maar ook het motorvermogen, type bestuurder, uiterlijk van de auto (diefstalgevoeligheid) en de reparatiegevoeligheid. De tarifering is voor een deel gebaseerd op eigen statistieken en voor een deel op statistieken die in de markt verkrijgbaar zijn.” Overigens heeft Alpina, waarvoor Turien ook de wettelijk vertegenwoordiger levert, qua resultaat een paar grillige jaren achter de rug. Werd in 1993 een winst geboekt van ruim f 20 miljoen, in 1994 was er een verlies van f 23 miljoen. Piet: “De verklaring van die omslag ligt voor het allergrootste deel in de tegenvallende koersen in de (grotendeels door ‘Zwitserland’ aangestuurde) beleggingsportefeuille”. In 1995 is volgens hem een herstel opgetreden.
‘Branche-architect’
In het nieuwe gebouw kan Turien & Co straks verder groeien. Het biedt plaats aan 150 medewerkers en als binnen enkele jaren de archieven kunnen worden gedigitaliseerd komen er nog meer werkplekken vrij.
Het lijkt een zeer ruime jas, maar dat dacht het management in 1981 ook toen het met 40 medewerkers verhuisde naar een pand waar ruimte was voor ongeveer 80 (en er derhalve nu ongeveer 20 medewerkers in portakabins op de parkeerplaats op de oplevering van het nieuwe gebouw vlassen). Erik: “Volgens planning wordt het pand aan het eind van de zomer opgeleverd”. Het nieuwe kantoor is overigens een ontwerp van de architect ir Tom van der Put, die zich heeft ontwikkeld tot de ‘hofleverancier’ van het Nederlandse verzekeringswezen. Hij tekende in het recente verleden voor DAS, de Europeesche, Stad Rotterdam, Levob en de verbouwing/uitbreiding van De Amersfoortse.
Ziektewet
Wat een actuele aanlegenheid als de privatisering van de Ziektewet voor Turien betekent?
Piet: “Dat speelt op dit moment nog niet, omdat wij het pas willen voeren op een moment dat wij het zelf perfect voor elkaar hebben. Wij zien het in het kader van de employee-benefits. Wat wij willen, is: de sterke punten van een aantal maatschappijen combineren. Vervolgens zou dan aan het intermediair de keuze moeten zijn: welke bouwstenen van welke maatschappijen zijn voor mijn cliënt het meest geschikt”. Door critici wordt herhaaldelijk geroepen, dat employee-benefits vaak (nog) niet méér is dan de bundeling van een aantal bestaande produkten met die modeterm als strik eromheen. Piet: “Die strik, dat is meer de etalage en daarachter wordt dan koortsachtig gewerkt om het allemaal aan elkaar te knopen. Dit zien wij bij de maatschappijen ook nog een beetje te veel. En dat is niet bedoeld als verwijt, want wij kunnen het zelf nu niet beter. Wij komen er daarom pas mee op het moment dat we het als een geïntegreerd produkt kunnen brengen. Wij denken dat we daar nog een jaar mee zoet zijn, voordat het operationeel goed geregeld is. Een paar maanden geleden is Gert Dingemans, voordien adjunct-directeur van Nuts, bij ons in dienst gekomen. Die hebben we in huis gehaald om met name een employee-benefitslijn te ontwikkelen, waarin ziektekosten voor ons het basiselement is.”
Pakketpolis
Nog voor de zomer wil Turien & Co een pakketpolis voor de particuliere schadebranches introduceren. Erik: “Deze pakketpolis wordt door ons samengesteld uit produkten van diverse risicodragers. Duidelijk onder òns label maar qua dekkingen uiteraard ook herkenbaar naar maatschappij.”
Piet (met pochet) en Erik Schneider: “Bedrijven als het onze vormen het antwoord op de behoefte aan outsourcing bij risicodragers”.
Erik Schneider (38), die een HBO-opleiding (hogere hotelschool) had gevolgd, begon op 1 januari 1980 als algemeen medewerker bij Turien & Co. Achterneef Piet Schneider (44), jurist, trad op 1 december van dat jaar bij de firma in dienst. Hij had Nederlands recht en verzekeringsrecht gestudeerd. Beiden zijn firmant geworden per 1 januari 1985 en geven sinds begin 1992, na het vertrek van hun vaders, samen leiding aan het bedrijf. “We zeggen wel eens gekscherend: we zijn tot elkaar veroordeeld en dat maakt dat je tot evenwichtige beslissingen komt”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.