nieuws

Tien procent verzekeraars heeft ‘extra toezicht’ nodig

Archief

De Pensioen- en Verzekeringskamer heeft vorig jaar bij 10% van de 413 onder toezicht staande verzekeraars (258 schade-, 100 levens- en 55 natura-uitvaartverzekeraars) ‘extra toezichtsaandacht’ nodig gehad. In zijn jaarverslag noemt de toezichthouder als redenen “de kwaliteit van het management en interne procesbeheersing”.

De Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) heeft bij 2% – acht à negen verzekeraars dus – “machtsmiddelen” in moeten zetten zoals dwingende aanwijzingen. Bij nog eens 2% werd zelfs in de dagelijkse gang van zaken ingegrepen, bijvoorbeeld door het aanstellen van een bewindvoerder. “Maar bij het overgrote deel van de instellingen gaat het dus goed”, zo wilde PVK-voorzitter Dirk Witteveen bij de presentatie van het jaarverslag graag benadrukken. “De toezichthouder moet zich maar bij een klein percentage met de gang van zaken bemoeien en het gaat dan om de administratieve organisatie, het nemen van onverantwoorde risico’s en het zich niet houden aan richtlijnen.”
Met name met de 55 natura-uitvaartverzekeraars had de toezichthouder het flink te stellen. Eind vorig jaar waren bij vier van hen nog stille curatoren werkzaam; inmiddels hebben twee van hen hun taak beëindigd.
WTN-evaluatie
De PVK doet geen mededelingen over de bedrijven waar een curator is ingesteld, maar spreekt niet tegen dat maatschappijen die nog altijd geen vergunning voor de Wet Toezicht Natura-uitvaartverzekeringsbedrijf (WTN) voor een curator in aanmerking kunnen komen. Op dit moment zijn nog drie verzekeraars in afwachting van zo’n WTN-vergunning, te weten: Algemeen Belang Winschoten, Ter Apel en Securitas. PVK-bestuurslid Piet Keizer nuanceert echter hun status van niet-vergunninghouder. “We houden hun aanvraag aan omdat er uitzicht is op het verlenen van een vergunning. Als er geen perspectief in deze maatschappijen zou zitten, was de vergunningaanvraag al lang afgewezen en was de verzekeringsportefeuille al verkocht geweest.”
De PVK vindt de aandacht voor de natura-uitvaartverzekeraars “onevenredig groot”, maar verklaart deze uit het feit dat die maatschappijen pas sinds 1996 onder toezicht staan. De toezichthouder heeft inmiddels een evaluatierapport over de WTN naar het ministerie van Financiën gestuurd. Dit rapport zal, na lezing door de ambtenaren van Financiën, worden doorgestuurd naar de Tweede Kamer. Belangrijkste punt uit het rapport is dat de PVK pleit voor een set minimumeisen voor de administratieve organisatie van natura-uitvaartverzekeraars. Verder wordt gevraagd om aanvullende actuariële regels voor de vaststelling van technische voorzieningen, met name voor de waardering van uitvaartpakketten.
Verslagstaten
Bij de indiening van de verslagstaten heeft de PVK nog veel te winnen. Vorig jaar voldeed 56% van de onder toezicht staande verzekeraars aan de eis om de verslagstaten over 1999 vóór 1 juli 2000 in Apeldoorn in te leveren. Toch durft de toezichthouder dit resultaat “bemoedigend” te noemen, aangezien in 1999 slechts 31% van de maatschappijen de staten op tijd had ingediend.
De PVK zegt van het tijdig indienen van verslagstaten een “speerpunt” te hebben gemaakt bij het inzetten van bestuurlijke boetes en dwangsommen. Echter, vorig jaar werden aan verzekeraars slechts acht dwangsommen opgelegd, terwijl toch 44% – oftewel 182 maatschappijen – de tijdslimiet overschreed. Uiteindelijk hebben drie verzekeraars een dwangsom betaald: in totaal goed voor f 35.000 aan inkomsten voor de PVK.
De kersverse PVK-voorzitter Witteveen wil wel veranderingen gaan aanbrengen in het niet naleven van toezichtvoorschriften. “Het moet anders en we hebben nu de instrumenten. De komende jaren zullen we ervoor zorgen dat post van de PVK niet meer op de stapel ‘niet-urgent’ terechtkomt.” Witteveen wil dat de toezichthouder “strakker en helderder” wordt. Daar staat tegenover dat hij geen perfectie nastreeft. “Ik verwacht dat dit jaar zeker 75% van de maatschappijen zijn verslagstaten tijdig indient en op termijn moet dat 90% tot 95% worden. Honderd procent zul je nooit halen.”
Opvangregeling Schade
In het jaarverslag spreekt de toezichthouder zijn zorgen uit over de resultaatontwikkeling bij schadeverzekeraars. “Voorlopige marktindicaties leren dat de schaderesultaten over 2000 in de rode cijfers uitkomen. Naast toegenomen schade ligt dat aan de grote concurrentie en de onverkort hoge druk op de premie.” Opvallend is verder dat de PVK wijst op “de kwaliteit van het herverzekeringsbeleid van verzekeraars en herverzekeraars zelf”.
De toezichthouder heeft, samen met het Verbond van Verzekeraars, een studie uitgevoerd naar de mogelijkheid en wenselijkheid van een opvangregeling voor schadeverzekeringen. Het voorlopige advies is: verplicht schadeverzekeraars wettelijk tot het overleggen van een gecertificeerd verslag over de toereikendheid van premies en voorzieningen en laat de PVK, waar nodig, regels voorschrijven voor het herverzekeringsbeleid. Als vervolg op de studie van het Verbond en de PVK heeft het ministerie van Financiën inmiddels het initiatief genomen voor de ontwikkeling van een vangnet voor schadeverzekeringen. Een opvangregeling voor levensverzekeringen is al bij wet geregeld.
Accountants en actuarissen
De PVK tracht momenteel een kaderovereenkomst te sluiten met het Nivra en het Actuarieel Genootschap over de wijze waarop actuarissen informatie moeten uitwisselen met de toezichthouder. “Wij willen rechtstreeks een signaal krijgen als er iets mis”, zo motiveert de toezichthouder de wens tot een overeenkomst. In 1997 werd voor accountants eenzelfde overeenkomst gesloten tussen de PVK, het Verbond van Verzekeraars en het Koninklijk Nivra.
PVK-voorzitter Witteveen benadrukt dat zo’n overeenkomst niet overbodig is. “We hebben bij een handvol accountants en actuarissen de indruk dat ze dubieuze verklaringen ondertekenen. Zij vullen dan ‘goed’ in waar ze zouden moeten zeggen ‘hier heb ik twijfels over’. Dergelijke accountants en actuarissen willen we niet meer tegenkomen. Wij moeten op hun verklaringen af kunnen gaan, in plaats van hun werk nog een keer overdoen.”
PVK-voorzitter Dirk Witteveen: “De komende jaren zullen we ervoor zorgen dat post van de PVK niet meer op de stapel ‘niet-urgent’ terechtkomt”.
Toezicht kost veertig miljoen
De Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) heeft vorig jaar veertig miljoen gulden nodig gehad voor het uitvoeren van haar toezichtstaken.
De kosten zijn daarmee ten opzichte van 1999 (begroting f 36,8 mln) met 8,7% gestegen. De onder toezicht staande instellingen financieren hun eigen toezicht: vorig jaar droegen de verzekeraars f 20,8 (18,8) mln bij aan de kosten van de PVK.
De grootste kostenpost is het personeel. Die kosten zijn de afgelopen jaren opgelopen van f 21,9 mln in 1998 naar f 25,0 mln in 1999 naar f 30,6 mln vorig jaar.. Uitgedrukt in kosten per medewerker betekent dat een stijging tot respectievelijk f 164.662, f 176.015 en vorig jaar f 194.183 per medewerker.
Voor dit jaar heeft de toezichthouder een begroting opgesteld van f 51,2 mln, waarvan f 27,2 mln uit bijdragen van verzekeraars moet komen. De post personeelskosten stijgt verder tot f 37,3 mln.
Uitstel voor kernpuntendocument?
De Pensioen- en Verzekeringskamer sluit niet uit dat het kernpuntendocument, de bijsluiter bij financiële producten, niet per 1 januari aanstaande wordt ingevoerd. Eerder al pleitte het Verbond van Verzekeraars om redenen van uitvoerbaarheid voor uitstel. Volgens PVK-voorzitter Dirk Witteveen wordt in september definitief een besluit genomen over de invoeringsdatum. “Het kan zijn dat we de bijsluiter al wel per 1 januari vaststellen, maar dat de verplichting later wordt ingevoerd.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.