nieuws

Scheidend voorzitter Westerhof: ‘Nivre heeft expertise

Archief

op de kaart gezet’

Adriaan Westerhof legt na tien jaar zijn functie van voorzitter van het Nederlands Instituut van Register-Experts (Nivre) neer. In die lage periode is er een register voor schade-experts neergezet dat voorziet in een behoefte. Westerhof ziet desondanks nog genoeg zaken die voor verbetering vatbaar zijn, zoals de relatie met de verzekeraars en het imago van de expert: “Onze public-relations is ronduit slecht”.
Westerhof (49) is één van de initatiefnemers van het Nivre en hij heeft het instituut zien uitgroeien tot wat hem destijds voor ogen stond: een register waardoor het kaf van het koren gescheiden wordt. Ook heeft hij van dichtbij kunnen ervaren hoe verzekeraars over schade denken en hoe zij daarmee omgaan. Hij wordt daar niet vrolijk van. “Verzekeraars leggen nog altijd veel nadruk op de productie van nieuwe verzekeringen. Dáár gaat vooral de aandacht naar uit. De schadelast is en blijft een ondergeschoven kind. En dat is jammer, want voor het uiteindelijke resultaat is óók van belang wat er aan de achterkant weer uit gaat. Een voetbalteam bestaat niet alleen uit aanvallers; ook zonder verdediging en keeper zul je nooit kunnen winnen”.
Westerhof vervolgt: “Als je de totale loonsom van de schade-afdeling van een verzekeraar neemt en ook de totale loonsom van de afdeling marketing en relatiebeheer, en die uitkomsten vervolgens deelt door het aantal mensen dat respectievelijk op die afdelingen werkt, dan zou je nog wel eens versteld kunnen staan van de cijfers die daar uitrollen.”
Uitwisseling nodig
Westerhof vindt dat er nog te veel fout gaat door miscommunicatie, hetgeen soms weer het gevolg is van irritaties en onbegrip. Hij pleit daarom voor een gestructureerde vorm van uitwisseling tussen medewerkers van expertisebureaus en medewerkers van schade-afdelingen bij verzekeraars. Naar zijn overtuiging zal dat veel bijdragen in wederzijds begrip en een verbeterde onderlinge verstandhouding.
Hij ziet aan de schadekant nog meer dingen die beter kunnen. “Er zou meer transparantie moeten komen in de schadeafwikkeling. De gemiddelde verzekerde heeft geen flauw idee van wat er achter de schermen gebeurt voordat hij zijn schade uitbetaald krijgt. Als je dit bij verzekeraars neerlegt, krijg je te horen dat dat niet het probleem van experts is. Nee, dank je de koekoek, maar het wordt wél ons probleem als er onderweg iets hapert.”
Op de kaart
Het Nivre is ‘pas’ tien jaar jong, maar wel één van de oudste registers van een beroepsgroep in ons land. De voorzitter kijkt tevreden terug op naar wat bereikt is. “Wat we voor ogen hebben gehad, is allemaal gelukt. Zelfs méér dan dat. Bij de oprichting hebben wij ons nadrukkelijk gemeld in verzekeringsland. Onze positie is duidelijker geworden en er is meer aandacht voor ons vak. Dat wil niet zeggen dat we er al zijn. Onderweg hebben we een aantal boten losgemaakt en daar vloeien ook weer dingen uit voort. En er blijft nog heel wat te verbeteren. Maar ik heb nu tien jaar lang de kar getrokken en dus hoog tijd om het stokje door te geven.”
“Natuurlijk is er in de beginjaren vooral veel werk verzet om de trein op de rails te krijgen en is eigenlijk pas de laatste vijf jaar sprake geweest van echt bestuurswerk. Maar ook objectief bezien, moet je constateren dat ‘expertise’ mede door het Nivre op de kaart is gezet en er in de breedte beter op geworden is. Een goed moment dus om te stoppen. Het Nivre heeft bovendien meer behoefte aan een controlerend in plaats van een initiërend bestuur.”
“In de komende tijd zullen meer bestuursleden plaats maken. Dat is een goede zaak. Bestuurders blijven over het algemeen veel te lang zitten. Je moet je regelmatig afvragen of je nog iets toevoegt en meestal komt ‘vers bloed’ de organisatie alleen maar ten goede. Bovendien, in tien jaar moet je alle ideeën wel uitgevoerd hebben. En als ik nu zie wat er staat, mogen we niet mopperen: het jaarlijkse Rendez-Vous is een hoogtepunt voor veel Register-Experts, de opleidingen staan goed in de verf, de education permanente is op poten gezet, we hebben een eigen website en relatieblad, en is de noviteitenbeurs een gewaardeerde traditie. Veel meer schokkends valt er niet meer te verzinnen. Er zit nu genoeg specie tussen de stenen van het ‘Nivre-gebouw’ om gecontroleerd verder te groeien.”
Brandlucht
Inmiddels krijgt het Nivre-register meer ‘body’. De experts die nu worden toegelaten, krijgen de titel op grond van aantoonbare kennis en kunde. Volgens een ruwe schatting heeft de helft van de ingeschrevenen de titel Register-Expert op basis van opleiding. De andere helft is ‘de oude garde’ die destijds tijdens de overgangsregeling kon inschrijven op grond van ervaring. In de loop der jaren zal dat percentage door natuurlijk verloop steeds kleiner worden en over nog eens tien jaar is die verhouding waarschijnlijk 90/10.
In de beginjaren was er de kritiek dat het Nivre een uitgesproken ‘brandlucht’ had. Wordt daar nog zo over gedacht?
“Nee, de brandlucht is er inmiddels wel af. Destijds was die kritiek terecht. Het Nivre is ontsproten uit een streven naar erkenning van brand- en scheepvaartexperts en dan is het onvermijdelijk dat het accent komt te liggen op de grootste groep, in casu de brandexpertise. Dat is allang niet meer zo. De samenstelling van het bestuur is evenwichtig verdeeld over de branches. Alle branches zijn geïntegreerd in het Nivre en het BCE – van oudsher gedomineerd door ‘brand’ – is onder invloed van het Nivre een werkgeversclub geworden voor alle branches.”
“En dat is trouwens iets wat zich verder zal ontwikkelen: een verdere bundeling van diverse organisaties binnen de expertisewereld. Verzekeraars vinden het belangrijk dat er één instituut komt dat namens alle experts spreekt en als je de huidige situatie vergelijkt met tien jaar geleden kun je spreken van een aardverschuiving: toen was er een groot aantal gespecialiseerde brancheorganisaties die vanaf een afstand bekeken vrijwel hetzelfde wilden; nu is er één beroepsorganisatie – het Nivre – en een belangengroep – het BCE – waarin nagenoeg alle branches vertegenwoordigd zijn. Dat is duidelijk voor de verzekeringsmarkt; vanuit één expertisehuis opererend is het nóg duidelijker.”
Vanuit de hoek ‘Scheepvaart en techniek’ is er kritiek op de onderbouw van de opleiding. Daarin zouden zaken behandeld worden waar zij in de praktijk nooit mee te maken hebben.
“Daar hebben ze wel een beetje gelijk in. Anderzijds zal niemand er iets van krijgen als er ook eens over de schutting wordt gekeken. Er zijn geen strikte scheidingen tussen branches, dus is er een ‘niemandsland’. De opleidingen voor de onderbouw worden door Nibe-SVV verzorgd en je hebt dan rekening te houden met een aantal wezenlijke zaken. Je kunt niet voor een groepje van vijf, zes mensen een cursus organiseren. Dat is niet te betalen. Anderzijds kun je als opleidingsinstituut niet alles klakkeloos doorberekenen. Als ik een brood ga kopen, wil ik gewoon een vers brood meenemen. Als de bakker dan de prijs met 25% verhoogt, omdat hij er heel vroeg zijn bed voor uit moest, is dat onzin.”
Uit dezelfde hoek zijn ook bezwaren tegen de verplichting ‘bewijzen’ aan te dragen voor het vergaren van PE-punten. Dat wordt als een motie van wantrouwen gezien.
“Dat is je reinste flauwekul. Je moet er wel wat voor doen. Iedereen heeft zijn verantwoordelijkheid. Men moet niet willen profiteren zonder bereid te zijn er iets voor te doen. De education permanente is stevig neergezet, maar het moet natuurlijk wel controleerbaar zijn. Alleen dan krijg en hou je een register dat iets voorstelt.”
Imagoverbetering
In het algemeen constateert Westerhof dat de schade-afhandeling een negatief imago heeft. Naar zijn idee heeft dat een aantal oorzaken. Vaak worden er dingen geroepen door mensen die voor hun beurt praten. “Als je ergens iets over zegt, is het wel van belang dat je er verstand van hebt. De algemene pers ziet zelden kans om ons vak goed voor het voetlicht te brengen. Dat ligt voor een belangrijk deel aan onszelf. Onze PR is ronduit slecht, maar een forse imagoverbetering is wel dringend nodig.”
Adriaan Westerhof: “Bestuurders blijven over het algemeen veel te lang zitten”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.