nieuws

Sandkuyl wil tempo maken

Archief

Eind vorig jaar werd de Zwitserse Elvia-groep door herverzekeraar Swiss Re verkocht aan Allianz in Duitsland. Bij het Nederlandse Elvia Verzekeringen kwam deze zet volgens algemeen directeur mr A.F.E.M. Sandkuyl als een grote verrassing. Rouwig is hij er niet om. Met herinneringen aan een zuinige ex-moeder, en de overnamegesprekken met Helvetia nog vers in het geheugen, hoopt Sandkuyl eindelijk een vervolg te kunnen geven aan de reeds in september 1992 gestarte reorganisatie. Bovendien blijft de Amsterdamse maatschappij met een schuin oog uitkijken naar interessante fusiepartners.

door Monique van Geenen
Voor de Nederlandse organisatie werd het tijd dat er iets gebeurde, vertelt Sandkuyl in zijn kamer in het Elvia-kantoor, die een prachtig uitzicht biedt over Amsterdam. “De fusiegesprekken met Helvetia zijn ons niet in de koude kleren gaan zitten en het uiteindelijk afblazen van de samenwerking heeft bij alle medewerkers voor heel wat frustraties gezorgd. We zaten midden in een structuurwijziging, voortvloeiend uit het ondernemingsplan Elvia 2000, en dat ging eigenlijk als een nachtkaars uit. Vervolgens is het moeilijk om als management de vaart erin te houden en er tegelijkertijd voor te zorgen, dat alle medewerkers gemotiveerd blijven. Als je niet oppast, raak je je goodwill kwijt bij het personeel.”
Hoewel Sandkuyl Swiss Re achteraf niet in een verkeerd daglicht wil stellen, heeft volgens hem de Nederlandse Elvia-organisatie vanuit Zwitserland weinig of geen financiële ruimte gekregen, hetgeen het functioneren van het bedrijf er niet makkelijker op maakte. Dit had, naast de mislukte fusie met Helvetia, ook zijn consequenties voor de in 1992 gestarte reorganisatie. “Het beleid bij Swiss Re was, dat alles wat niet herverzekering was, moest worden afgestoten. Het gevolg hiervan was, dat bij ons in een vroeg stadium de geldkraan werd dichtgedraaid. Werken onder zulke omstandigheden is, gezien de huidige concurrentie, niet eenvoudig. Ook binnen ons bedrijf wordt kritisch gekeken naar het distributiekanaal, waarbij wij uitdrukkelijk een keus hebben gemaakt voor het onafhankelijk intermediair en voor een marktgerichte organisatiestructuur. Heb je in die omstandigheden te maken met een aandeelhouder die voortdurend knijpt ‘omdat het alleen maar geld kost’, dan kun je je voorstellen dat de rek er uit raakt. De verwachtingen omtrent onze nieuwe aandeelhouder zijn dan ook best hoog gespannen.”
Meer zelfstandigheid
Het Allianz-concern heeft te kennen gegeven prominenter op de Nederlandse markt aanwezig te willen zijn en volgens Sandkuyl wil Europa’s grootste verzekeraar bij alle Allianz-maatschappijen groei realiseren. Onder wiens supervisie de diverse dochtermaatschappijen (Elvia, Allianz en – via DKV -, NVS-Salland en Rijnmond) in Nederland komen te vallen, wordt pas aan het einde van dit jaar concreet.
Sandkuyl heeft zich nog niet druk gemaakt over de onafhankelijkheid van de Nederlandse Elvia-directie en ziet daar ook geen aanleiding toe: “Ons is duidelijk geworden, dat de afzonderlijke Allianz-bedrijven hun zelfstandigheid behouden en daar waar mogelijk zullen samenwerken. We houden het voor het zeggen in onze eigen winkel en kunnen, voor zover het nu valt te overzien, redelijk onze eigen gang gaan. Hoe alles er precies uit komt te zien, is echter voor een groot deel afhankelijk van onze aandeelhouder in München.” Als je volgens Sandkuyl logisch nadenkt, ligt een hechtere samenwerking met de Allianz-vestiging in Rotterdam niet voor de hand. Deze gespecialiseerde beursverzekeraar van industriële en commerciële risico’s staat te ver af van Elvia, die zich hoofdzakelijk richt op de particuliere markt. Momenteel wordt wel onderzocht op welke gebieden Elvia en Rijnmond meer samen kunnen doen. “Het is heel goed mogelijk dat we op korte termijn elkaars produkten gaan voeren”, licht Sandkuyl toe. “En tegenover een volledig samengaan met Rijnmond sta ik ook niet negatief. In het verleden heb ik diverse malen laten weten dat, willen we met Elvia in Nederland een partij van betekenis zijn, we een bepaalde ‘kritische massa’ nodig hebben. Een minimale omzet van een half miljard gulden is hiervoor nog altijd het uitgangspunt. Daarom vonden we het ook jammer dat de vrijage met Helvetia op niets uitliep. Ook Hooge Huys had ik een mooie partij gevonden.”
Bevoegdheid regio’s
De regiostructuur zoals Elvia die kent, waarbij vijf regiokantoren als lokaal aanspreekpunt fungeren, wordt na de reorganisatie gehandhaafd. Konden de regiokantoren in het verleden volgens Sandkuyl worden getypeerd als ‘verwerkingsfabrieken’ van standaard produkten, nu krijgen zij verdergaande bevoegdheden.
“Het zelf offreren en accepteren van eenvoudige standaard produkten wordt geleidelijk uitgebreid naar de status van zelfstandige, commercieel opererende vestigingen. De verdere verwerking van polissen vindt centraal plaats, maar de regiomanagers en hun accountmanagers en relatiebeheerders hoeven niet voor alles terug naar het hoofdkantoor.”
Elvia Reisverzekeringen
Elvia Reisverzekeringen neemt binnen de overname een aparte positie in. Deze maatschappij, met acht filialen in Europa, blijft aangestuurd door de Elvia Groep in Zwitserland. “Deze organisatie zal voor alle Europese Allianz-bedrijven als steunpunt fungeren in de niche-markt reizen”, verduidelijkt Sandkuyl.
“Integratie van de reis-organisatie in de andere Allianz-maatschappijen zou gezien de gevestigde positie en naam van Elvia Reisverzekeringen niet goed zijn. Zij voeren sinds jaar en dag een zelfstandig beleid met aparte directies en kennen een eigen cultuur en verleden. Synergievoordelen zijn hier in het algemeen niet aan de orde, maar in ons land – waar Elvia Reis en Elvia Verzekeringen in één gebouw gevestigd zijn – zal natuurlijk daar waar beide partijen een voordeel behalen, samenwerking gezocht worden. De EAS, Elvia Alarm Service, is hier een sprekend voorbeeld van.”
Naam Elvia behouden?
Of in de toekomt de naam Elvia binnen de Nederlandse Allianz-organisatie wordt gehandhaafd, is nog onduidelijk. “Op korte termijn in ieder geval wel”, zegt Sandkuyl. “Het wordt aan ons overgelaten wat we met de naam doen en gezien de ‘vlootfilosofie’ van het moederbedrijf, waarbij elke maatschappij zoveel mogelijk haar eigen karakter bewaart, ligt het continueren van de naam voor de hand. Landen als de Verenigde Staten en Italië zijn voorbeelden waar Allianz actief is en waar de dochterbedrijven onder eigen namen lokaal opereren.”
Wel verwacht hij, dat de naam Allianz geleidelijk aan steeds meer geïntroduceerd zal worden, te vergelijken met het vermelden van de naam Fortis bij Amev of ING Groep bij NN. “Ik acht echter niet uitgesloten, dat Elvia als naam in Nederland uiteindelijk verdwijnt, hoewel de reis-organisatie daar waarschijnlijk weer een uitzondering op vormt. Allianz geeft op dergelijke vragen nog geen antwoord.”
Meer maatwerk
Van oudsher heeft Elvia veel traditionele autoverzekeringen in haar portefeuille. Een compleet nieuw informatiesysteem, dat in de komende maanden zal worden gecompleteerd, moet ervoor gaan zorgen dat de acceptatie en verwerking van eenvoudige gezinspolissen sneller verloopt en er tegen lagere kosten kan worden gewerkt.
“We zijn met dit systeem helemaal bij nul begonnen door de bestaande werkwijzen en automatiseringssystemen overboord te gooien. In totaal zijn er met de opzet van het nieuwe systeem 38.000 manuren gemoeid. Het snel en eenvoudig veranderen van produktconcepten, zonder dat daar de gehele administratie voor op zijn kop moet, ligt binnen handbereik. Actief inspelen op marktwerkingen wordt hierdoor mogelijk. Aanpassing in het systeem van onder meer het autotarief konden we niet, straks wel”, aldus Sandkuyl.
Naast het meer marktgeoriënteerd en tegen lage kosten aanbieden van relatief eenvoudige produkten, heeft Elvia het B-segment in de markt als tweede speerpunt gekozen. Sandkuyl: “Voor relaties die hoger in de markt zitten, moet de adviesfunctie worden uitgebreid, zowel voor het leven- als het schadebedrijf. Upgrading van bestaande, relatief eenvoudige produkten is hier niet voldoende. Hoewel er voor Elvia volop mogelijkheden zijn in deze markt, hebben we hier nog een flinke professionaliseringsslag te maken. Niet alleen moet worden geïnvesteerd in mensen, maar dienen er zeker meer produkten te komen met een adviesgevoelig karakter.” De crème de la crème van de markt, zoals Sandkuyl het noemt, werd voorheen alleen via volmachten bediend. “Hiernaast zullen we onze eigen adviesprodukten zetten.”
Van Nierop zelfstandig
Het levenbedrijf van Elvia zal volgens Sandkuyl een wedergeboorte beleven. “Ons levenbedrijf kenmerkt zich van huis uit door semi-traditionele levenprodukten, terwijl we via Van Nierop Assuradeuren bovendien een groot deel van de omzet realiseren met produkten met een meer flexibel karakter.”
Vorig jaar heeft Sandkuyl al aangegeven dat verzelfstandiging van Van Nierop geen slechte zaak zou zijn. “Ik zou dolgraag van Van Nierop een zelfstandig assurantiebedrijf maken en het Elvia levenbedrijf meer integreren met dat van Schade, en nieuwe adviesgevoelige produkten op de markt brengen. Ik verwacht, dat we hier op niet al te lange termijn invulling aan zullen geven. Dit gaat me tot nu toe allemaal nog te langzaam.” Over de verzelfstandiging van Van Nierop kan hij op dit moment verder niets zeggen. Na het verliesjaar 1994, verwacht Sandkuyl in 1995 minimaal een break even-situatie te realiseren. “In voorgaande jaren hebben we slechte resultaten – vooral veroorzaakt door tegenvallende cijfers bij Auto – gecompenseerd met kapitaalwinsten. Dat we in 1994 in de rode cijfers zaten, was het gevolg van de onverwacht sterke daling in de rentevoet. Ik verwacht met Allianz als aandeelhouder, een concern met een zakelijke instelling, dat er meer middelen beschikbaar komen om Elvia’s positie in alle marktsegmenten, inclusief de employee benefits-markt, te verstevigen. De komende tijd zullen we, als het aan mij ligt, meer onze nek uitsteken in de markt, zowel met produkten als door samenwerking met andere marktpartijen.”
Sandkuyl: “De verwachtingen omtrent onze nieuwe aandeelhouder zijn best hoog gespannen”.
Alexander (mr A.F.E.M.) Sandkuyl (41) volgde na zijn studie rechten aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam gedurende twee jaar een bestuurdersopleiding in Amerika. Van 1982 tot 1992 was hij in diverse managementfuncties werkzaam bij Nationale-Nederlanden, onder meer bij de joint-venture van NN Asuransi Nasuha in Jakarta, bij een NN-dochter in Singapore en in Toronto. Tussen 1992 en 1993 was hij directeur van Vie d’Or, volgens zijn curriculum vitae ‘an innovative variable universal life company’. In 1993 vond hij het welletjes bij die maatschappij en werd hij algemeen directeur bij Elvia. Hij is tevens commissaris van Van Nierop Assuradeuren, omdat Elvia circa 90% van de aandelen daarvan houdt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.