nieuws

Regeerakkoord tast pensioenopbouw aan

Archief

Precies zeven weken hadden de nieuwe regeringspartijen CDA, LPF en VVD nodig om na de verkiezingen tot een regeerakkoord te komen. Het begin juli gepubliceerde document ‘Werken aan vertrouwen, een kwestie van aanpakken’ heeft met name bij de vakbonden beroering gewekt. De Vakcentrale FNV heeft inmiddels zelfs een groep opgezet ter voorbereiding van eventuele acties. Het regeerakkoord heeft nogal wat gevolgen voor de pensioenen. Een overzicht van de aangekondigde maatregelen op pensioen- en verzekeringsgebied.

Door Alfred Lagendijk en Gust Klaassen
Op sociaal-economisch gebied zijn geen geringe maatregelen aangekondigd door het inmiddels aangetreden kabinet Balkenende. Zo valt al op de eerste bladzijde te lezen: “Ingrijpende bezuinigingen en lastenverzwaring in 2003 zijn onvermijdelijk om perspectief te houden op aflossing van de staatsschuld in één generatie”.
Daarnaast wordt in 2005 een compleet nieuw zorgstelsel geïntroduceerd onder gelijktijdige invoering van compenserende maatregelen, zoals het afschaffen van de OZB voor huishoudens en de introductie van een inkomensafhankelijke kinderkorting en een zorgtoeslag. Ook de uitspraak van VVD-leider Zalm dat “we het weer normaal moeten vinden dat we langer dan tot ons zestigste blijven werken” vindt zijn weerslag in het akkoord. Namelijk daar waar de mogelijkheden om in de tweede en derde pensioenpijler een volwaardig, fiscaal ondersteund, pensioen op te bouwen, worden beknot. @PLI = Ook ‘uitstroombeperkende’ maatregelen moeten bijdragen aan een ‘langer, productiever en een gezonder arbeidzaam leven’. Bovendien zou aan werknemers meer ruimte gegeven kunnen worden om zelf te bepalen of zij – al dan niet in deeltijd – willen doorwerken na hun 65e. Voor de werknemer die gedurende zijn of haar carrière een adempauze wil nemen, komt er een ‘levensloopregeling’. In dit artikel richten we onze aandacht vooral op de aangekondigde maatregelen op pensioengebied, de (nieuwe) levensloopregeling en de voornemens om de arbeidsparticipatie te bevorderen.
Beperking arbeidspensioen
Amper drie jaar na de introductie van de wet ‘Fiscale Behandeling Pensioenen’ (1 juni 1999) draait het kabinet de mogelijkheid terug om in 35 jaar een pensioen op te bouwen van 70% van het laatstverdiende salaris. Dit blijkt uit een bijlage bij het regeerakkoord waar onder het kopje ‘Afschaffing (fiscale) subsidie verlof’ valt te lezen dat het Witteveen-kader bij een eindloonregeling wordt ingeperkt tot een opbouwpercentage van 1,75% (nu 2%). De 40-dienstjaren-norm voor een volwaardig pensioen maakt dus een come-back, waarbij het overigens nog maar de vraag is of de ‘dure’ eindloonregelingen nog lang op grote schaal zullen voorkomen. Over de gevolgen voor middelloon- of beschikbare premieregelingen staat niets in het akkoord. Wél staat in de notitie ‘Levensloopfaciliteit: twee varianten’, die tijdens de kabinetsformatie ter tafel is gekomen, dat voor een middelloonregeling het opbouwpercentage wordt beperkt tot 2% (nu 2,25%). Het Witteveen-kader blijft dus op zich in stand, zij het niet meer enkel en alleen ten behoeve van pensioenopbouw. De ‘vrijkomende’ 0,25% kan – als sociale partners tot de invoering van een dergelijke regeling besluiten – benut worden voor de fiscale begunstiging van een levensloopregeling (zie verder).
Als de beperking van het opbouwpercentage tot 1,75% respectievelijk 2% al in 2003 van kracht zou worden, heeft dit gevolgen voor alle pensioenregelingen (of bijvoorbeeld DGA-regelingen met een opbouwpercentage van 2,33%) die nu nog uitgaan van het maximale opbouwpercentage van 2% respectievelijk 2,25%. Daarnaast zullen de zogenaamde ‘bijstortmodules’ in collectieve pensioenregelingen aan aantrekkelijkheid verliezen door beperking van de fiscale ruimte om pensioen op te bouwen.
Basisaftrek lijfrente
Niet alleen de pensioenopbouw in de verhouding werkgever/werknemer (pensioenopbouw in de ‘tweede pijler’) ligt overigens onder vuur. Ook de fiscale stimulans om buiten de arbeidsverhouding om pensioen op te bouwen in de ‘derde pijler’, door gebruik te maken van bedrijfsspaarregelingen eventueel gecombineerd met de basisaftrek lijfrente, valt weg. Zo sneuvelt de basisaftrek (thans e 1069) met ingang van 2003 helemaal, waar deze met de komst van de Wet IB 2001 al sterk werd beperkt.
De jaar- en inhaalruimte voor de lijfrente blijven ongemoeid, zodat het achterhalen van informatie bij pensioenuitvoerders teneinde pensioentekorten vast te kunnen stellen, alleen maar aan belang toeneemt. Dat deze tekorten er zijn, blijkt wel uit het in mei van dit jaar door het Verbond gepubliceerde onderzoek waarin het aantal personen met een pensioengat op 81% geschat wordt!
De populaire bedrijfsspaarregelingen (spaarloon, premiespaar- en winstdelingsregelingen) komen volgend jaar eveneens te vervallen. Daardoor is het straks niet langer mogelijk om de via deelname aan deze regelingen gespaarde tegoeden te deblokkeren voor bijvoorbeeld het betalen van lijfrente- of vrijwillige pensioenpremies. Ook van andere deblokkerings-mogelijkheden (financiering scholingsuitgaven, opname voor verlof, aankoop eigen woning, de start van een voor eigen rekening gedreven onderneming) kan geen gebruik meer worden gemaakt.
Vergroten draagvlak
Naast de beperking van het opbouwpercentage zijn in het regeerakkoord nog een aantal ‘prikkels’ opgenomen om werknemers langer aan het werk te houden, ontslagroutes minder aantrekkelijk te maken en uitkeringen te bekorten. In dit verband kunnen worden genoemd:
– het volledig korten van aanvullingen van voormalige werkgevers op de WW- uitkeringen (anticumulatie gouden handdrukken);- het beperken van de vervolguitkering WW tot één jaar (nu bedraagt deze uitkering twee jaar);- de invoering van het feitelijk arbeidsverleden in de WAO en verlenging van het feitelijk arbeidsverleden in de WW als bepalende factoren voor de duur van de loongerelateerde uitkering leiden ertoe dat deze duur wordt bekort;- de herinvoering van de sollicitatieplicht voor werknemers van 57,5 jaar en ouder;- de stapsgewijze verhoging van de arbeidskorting tot een bedrag van e 1 mld.Levensloopregeling
In de vorig jaar verschenen ‘Verkenningen’ van zowel het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid als het Ministerie van Financiën, maar ook in de ‘Bouwstenennota Verlofsparen’ van het eerstgenoemde ministerie, is al uitgebreid ingegaan op de rol van de overheid, waar het gaat om de ondersteuning van werknemers met de combinatie van werk en levensloop. Het nieuwe kabinet borduurt hierop voort met de introductie van een levensloopregeling.
Veel meer dan dat zowel aan de (blijvende) inzetbaarheid van vrouwen en ouderen in het arbeidsproces als aan een verhoging van de arbeidsproductiviteitsontwikkeling kan worden bijgedragen, valt er in het regeerakkoord niet te lezen over deze regeling. Wij verwachten dat bij de presentatie van de Miljoenennota voor 2003 meer over de vorm en inhoud van deze regeling bekend zal zijn.
Over de financiering van deze faciliteit meldt het regeerakkoord dat met ingang van 2003 e 200 à e 400 mln gereserveerd wordt voor het omzetten van huidige levensloopregelingen in een nieuwe levensloopfaciliteit binnen het fiscale kader. Concreet betekent dit dat naast de hiervoor genoemde beperking van de pensioenopbouw een drietal bestaande verlofregelingen geïntegreerd gaan worden in de levensloopfaciliteit: Wet Finlo, afdrachtvermindering betaald ouderschapsverlof en het langdurig zorgverlof. @PLI = Daarnaast blijft de twee jaar geleden geïntroduceerde fiscale verlofspaarregeling bestaan. Deze regeling biedt werknemers de mogelijkheid om (de waarde van) vrije dagen of loon te sparen tot maximaal 10% van het brutoloon per jaar. Voor zowel de verlofspaarregeling als de nieuwe levensloopregeling geldt dat het verlof niet mag worden opgenomen in het jaar voorafgaand aan pensioen.
Mr. A.S. Lagendijk en mr. A.D. Klaassen zijn werkzaam bij de Fiscale & Juridische Sectie Verzekeringen van PricewaterhouseCoopers in Amsterdam.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.