nieuws

PIV heeft inmiddels 95% van de ‘aansprakelijkheidsmarkt’ achter

Archief

zich

Het Personenschade Instituut van Verzekeraars (PIV) telde per 1 januari dit jaar 51 deelnemende motorrijtuig- en algemene aansprakelijkheidsverzekeraars, zo blijkt uit het eerste jaarverslag van dit instituut dat per 1 januari vorig jaar effectief werd.
De betrokken 51 verzekeraars, een toename van vijf in de loop van 1998, vertegenwoordigen bijna 95% van de ‘aansprakelijkheidsmarkt’. Toch is de omvang van de achterban voor het PIV geen reden om op de plaats rust te houden. “Met een aantal verzekeraars zijn nog besprekingen gaande omtrent hun mogelijke deelname”, aldus het jaarverslag.
Harmonie/conflict
Ten aanzien van de schaderegeling zijn volgens het PIV tekenen zichtbaar dat betrokkenen wat meer streven naar het harmonie- in plaats van het conflictmodel (met soms ellenlange discussies). Voorbeelden hiervan in 1998 zijn:
– de oprichting (door Verbond van Verzekeraars, ANWB, LSA (letselschade-advocaten) en SlachtofferhulpNederland) van het Nationaal Platform Personenschade (NPP);- de instelling van het Asbestinstituut, waarbij wordt uitgegaan van een genormeerd bedrag voor smartengeld;- het door het Verbond van Verzekeraars en het LISV gesloten WAO-convenant, waarbij een forfaitaire aftrek van de bruto-uitkering is overeengekomen.”Enigszins haaks op genoemde ontwikkelingen staat de agressieve wijze waarop sommige rechtshulpverleners zich profileren en slachtoffers proberen te werven, waarbij doorgaans een polariserend gedrag jegens verzekeraars optreedt. Gelukkig hebben veel andere rechtshulpverleners (bijvoorbeeld de LSA) één en ander kritisch ontvangen”, aldus het jaarverslag.
Voorts stelt het PIV, dat er zich met betrekking tot de beloning van rechtshulpverleners (zowel qua structuur als qua omvang) ook nog steeds discussies voordoen. “De onlangs ingestelde LSA Geschillencommissie Declaraties kan hier maar ten dele in voorzien. Discussies over buitengerechtelijke kosten zijn zeer tijdrovend en hebben veelal een negatieve werking op het regelingsklimaat.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.