nieuws

PGGM introduceert over twee jaar nieuwe pensioenregeling

Archief

Het pensioenfonds PGGM (met bijna een miljoen deelnemers in de zorg- en welzijnssector) voert per 1 januari 1999 een nieuwe pensioenregeling in. Het nieuwe systeem betekent “een accentverschuiving van collectieve verantwoordelijkheid naar meer individuele verantwoordelijkheid”.

Het PGGM biedt samen met zijn verzekeringsdochter Altis alle deelnemers een totaal-pensioenpakket. Daardoor kan iedereen naast het collectief pensioen zijn persoonlijke pensioenwensen realiseren in de vorm van aanvullende verzekeringen.
Een van de nieuwe elementen is, dat in afwijking van het algemeen gebruikelijke, ook werknemers jonger dan 25 jaar al pensioen gaan opbouwen. Doordat werknemers op jongere leeftijd pensioen gaan opbouwen, kunnen zij toekomen aan méér dan veertig pensioenjaren. De nieuwe regeling kent namelijk geen maximum meer voor de opbouw van het pensioen.
Nieuwe vut-formule
De Overbruggingsuitkering (OBU), de huidige vut-regeling, wordt vervangen door het zogeheten Flex-pensioen. De werknemer kan vanaf 1 januari 1999 zelf bepalen wanneer hij tussen zijn 55ste en 65ste jaar stopt met werken.
Werknemers die bij de invoering van de nieuwe regeling vijftig jaar of ouder zijn, kunnen nog gebruik maken van de OBU. De hoogte van de OBU wordt overigens wel geleidelijk teruggebracht van 80% naar het streefniveau van het Flex-pensioen: 70% van het laatstverdiende inkomen. Vanaf 1999 daalt de OBU elk jaar met 1% tot het jaar 2009.
Een deelnemer die nog van de OBU gebruik kan maken, behoudt tot zijn 65ste het percentage OBU dat hem in zijn eerste OBU-jaar in toegekend. De jaarlijkse opbouw van het Flexpensioen is 1,75% van het salaris. De opbouw loopt door tot het 60ste jaar. Dus wie vanaf zijn 20ste gaat bijdragen, komt bij 60-jarige leeftijd uit op 70%. Wie tot 62-jarige leeftijd blijft werken en er dan 40 dienstjaren heeft opzitten, kan dan van een Flexpensioen van 123% gaan genieten. Vanaf het 65ste jaar gaat dan het normale ouderdomspensioen in.
Partnerpensioen
Zolang een werknemer deelneemt in het PGGM is zijn partner verzekerd van Partnerpensioen als de deelnemer komt te overlijden. Als een deelnemer stopt met de pensioenopbouw, bijvoorbeeld door ontslag of pensionering, is hij niet langer verzekerd voor Partnerpensioen. Wil hij toch verzekerd blijven, dan zal hij zelf een voorziening moeten treffen, bijvoorbeeld in de vorm van een aanvullende verzekering. Gaat de werknemer met (Flex)pensioen, dan kan hij Partnerpensioen ‘inkopen’ in ruil voor een deel (maximaal 20%) van zijn ouderdomspensioen. De werknemer behoudt overigens alle Partnerpensioenrechten die hij vóór 1 januari 1999 heeft opgebouwd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.