nieuws

Pensioenafkoopsommen belast in woonland

Archief

Het Gerechtshof in Den Bosch en de Hoge Raad hebben onlangs twee uitspraken gedaan over het onderwerp pensioen. Afkoop van in het buitenland opgebouwd pensioen en de pensioenplicht van directiepensioenlichamen zijn de onderwerpen. Alfred Lagendijk van PriceWaterhouseCoopers neemt de uitspraken onder de loep en voorziet ze waar nodig van toelichtend commentaar.

Alfred Lagendijk
Het Hof in Den Bosch heeft een uitspraak gedaan over de toepassing van de belastingverdragen in relatie tot pensioenuitkeringen. Conclusie is dat afkoopsommen van pensioen belast zijn in het woonland van de pensioengerechtigde.
Een werknemer die met pensioen gaat, heeft een groot deel van zijn dienstbetrekking (meer dan 23 jaar) in het buitenland gewerkt. Hij verzoekt om het pensioen dat betrekking heeft op buitenlandse diensttijd af te kopen, in de vorm van een uitkering ineens. De voorgestelde afkoop is niet in strijd met de Pensioen- en Spaarfondsenwet (PSW), omdat het afkoopverbod van de PSW niet geldt als een in het buitenland woonachtige werknemer in het buitenland zijn dienstbetrekking uitoefent.
Belangrijk detail is wel dat het gaat om een pensioen uit een dienstverband dat gedeeltelijk in Nederland en gedeeltelijk in het buitenland is uitgeoefend. De pensioenopbouw die betrekking heeft op de buitenlandse dienstbetrekking, bedroeg (in kapitaal) ( 660.000. De belastinginspecteur stelde dat op grond van de Wet op de Loonbelasting een gedeeltelijke afkoop moet worden beschouwd als een afkoop van het gehele pensioen. De totale pensioenaanspraak is dan belast. Dit betekent dat de inspecteur ook het Nederlandse deel in zijn heffing betrekt.
Het Hof Den Bosch is in ieder geval van mening dat eenmalige uitkering onder het pensioenartikel van het belastingverdrag valt. Dit is conform de gebruikelijke rechtspraak. Artikel 18 van dat verdrag zegt dat onder pensioenen en soortgelijke beloningen ook kan worden begrepen een pensioenuitkering ineens. Het ontbreken van periodiciteit staat daaraan niet in de weg. In dit geval wijst het verdrag de bevoegdheid om te heffen over de afkoopsom toe aan het woonland, waardoor Nederland niet over de uitkering mag heffen.
Aparte aanspraken
Op zich is dit een belangrijke uitspraak voor werknemers die voor een Nederlands concern werken en een buitenlandse diensttijd achter de rug hebben. Het pensioen dat zij hebben opgebouwd gedurende deze buitenlandse diensttijd wordt niet in Nederland belast, mits Nederland een verdrag heeft met het land waarin de werknemer pensioneert en dit verdrag heffing aan het woonland toewijst.
Overigens zou de werknemer hebben kunnen stellen dat de pensioenuitkering überhaupt niet in Nederland belast zou kunnen zijn, omdat Nederland dit niet in de Nederlandse belastingheffing betrekt of de dienstbetrekking niet in Nederland is uitgeoefend. Om de discussie met de inspecteur te voorkomen dat een gedeeltelijke afkoop beschouwd kan worden als een gehele afkoop, kan het in een aantal gevallen verstandig zijn om de pensioenafspraken die betrekking hebben op de verschillende perioden van binnenlandse en buitenlandse diensttijd, te splitsen in aparte pensioenafspraken in plaats van deze onder te brengen in één pensioenregeling.
Directiepensioenlichamen
In een recente zaak heeft De Hoge Raad geoordeeld dat de pensioenplicht voor directiepensioenlichamen mag blijven bestaan. De wetgever heeft het in verdragen opgenomen discriminatieverbod niet geschonden door directiepensioenlichamen met ingang van 1 januari 1992 in de heffing van vennootschapsbelasting te betrekken en niet-directiepensioenlichamen niet.
Het hof had geoordeeld dat de wettelijke regeling waarin pensioenlichamen worden vrijgesteld en directiepensioenlichamen worden belast met vennootschapsbelasting, niet strijdig is met artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en met artikel 14 van het Europees Verdrag ter bescherming van de rechten van de mens in samenhang met artikel 1 van het Eerste Protocol bij laatstgenoemd verdrag.
De Hoge Raad is van mening dat bij de beantwoording van de vraag of sprake is van een door deze verdragsbepalingen verboden ongelijke behandeling, moet worden vooropgesteld dat zij niet iedere ongelijke behandeling van gelijke gevallen verbieden, doch alleen die welke als discriminatie moet worden beschouwd, omdat een objectieve en redelijke rechtvaardiging ervoor ontbreekt. De wetgever heeft een zekere vrijheid bij de beoordeling of gevallen voor de toepassing van deze verdragsbepalingen als gelijk moeten worden beschouwd, en of in die situatie een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om verschillende regelingen voor verschillende gevallen te treffen.
De Hoge Raad verwijst naar de conclusie van de advocaat-generaal voor de motieven om destijds een vennootschapsbelasting-plicht voor directiepensioenlichamen in te voeren. Deze onderscheiden zich van andere (grote) pensioenlichamen door enkele bijzondere kenmerken, zoals het beperkte aantal verzekerden, de daarmee samenhangende winstkans, alsmede de grotere greep die de verzekerden en eventueel hun familieleden hebben op de in het pensioenlichaam ondergebrachte middelen. Deze kenmerken werken in de hand dat bij de directiepensioen-BV en de directiepensioenstichting “eerder het beeld ontstaat van opgepotte besparingen dan van een echt pensioenfonds” en zij niet voldoen aan het uitgangspunt dat indien winst wordt behaald, deze uitsluitend of nagenoeg uitsluitend ten goede komt aan de deelnemers aan de pensioenregeling. De invoering van de vrijstellingsmogelijkheid voor grote pensioenfondsen voor de vennootschapsbelasting is aanvaardbaar op basis van de veronderstelling dat deze winst van tijdelijke aard zal zijn en dat zij ten goede komt aan de verzekerden, een andere pensioeninstelling of aan het algemeen nut.
Overwinsten die niet nodig zijn ter directe financiering van de pensioenverplichting, blijven derhalve onderworpen aan de heffing van vennootschapsbelasting.
Pensioenen & Verzekeringen van PriceWaterhouseCoopers.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.