nieuws

Pennink: ‘Zelftoets STFD naar eer en geweten ingevuld’

Archief

Het invullen van de zelftoets van de Stichting Financiële Dienstverlening (STFD) door het intermediair gebeurt volgens STFD-directeur John Pennink ‘naar eer en geweten’. De STFD controleert de ingevulde gegevens niet.

Pennink geeft toe dat het invullen van de zelftoets door het intermediair in goed vertrouwen gebeurt. “De tussenpersoon moet naar eigen eer en geweten de vragen van de zelftoets beantwoorden. Daar tekent hij ook voor. Het is vervolgens niet zo dat wij dat één op één gaan controleren. Dat doet de Belastingdienst ook niet met de formulieren voor de inkomstenbelasting.”
Weliswaar worden de formuleren niet allemaal gecontroleerd, maar er vindt wel een vergelijking plaats met de in de database opgenomen risicoprofielen. “Alle vragen hebben een weging meegekregen. Uiteindelijk komt er een eindscore uit op een risicoschaal van nul tot honderd. Dat is dan het risico dat je niet voldoet aan de eisen die de Wet Financiële Dienstverlening (WFD) stelt. Val je in zo’n risicogroep dan kun je een aanvullende vragenlijst voorgeschoteld krijgen.” Pennink geeft niet aan hoe de risicoscore is opgebouwd. “Dat is het geheim van de smid. We moeten uitkijken voor calculerend invullen.”
Zelftoets
De vragenlijst beslaat in totaal 78 vragen verdeeld over 8 hoofdstukken. “Het zijn vier soorten vragen. Ten eerste de zogeheten filtervragen. Dat zijn vragen waar je ja of nee op antwoordt, à la het belastingformulier. Dan is er een categorie vragen van feitelijke aard. Denk aan omzetgegevens, aantal personeelsleden et cetera. Een derde categorie betreft vragen met betrekking tot de open normen van de WFD. Deze vragen zijn heel belangrijk, want ze gaan over de wijze van advisering, het borgen van deskundigheid van het personeel en de beschrijving van de werkprocessen. De laatste set vragen laat zien of de wet wordt overtreden. Denk daarbij aan het wel of niet aangesloten zijn bij het klachteninstituut.”
Vanaf 15 juli ontvangen per week 750 kantoren een e-mail met een verwijzing naar het WFD-portaal waar ze het formulier online kunnen invullen. “Mits goed voorbereid, hoeft het invullen van de vragenlijst niet heel veel tijd in beslag te nemen. Bij de ronde door het land, die deze week is begonnen en waarvoor ruim zeshonderd deelnemers zich hebben aangemeld, ontvangen de deelnemers een cd-rom en een print van de vragenlijst. Die kunnen ze gebruiken als kladblok. Daarnaast ontvangen ze een checklist en is er op de site van de Stichting een uitgebreide lijst met vragen en antwoorden te vinden. Als die voorbereiding is gedaan, neemt het uiteindelijk invullen een uur in beslag”, zegt Pennink. “Vervolgens wordt de vragenlijst met een druk op de knop verzonden. Hij is dan nog wel in te zien door het kantoor, maar niet meer te wijzigen.”
Strafbankje
De deelnemers hebben vijf weken de tijd om de vragenlijst in te sturen. Hebben ze dat gedaan, dan krijgt het kantoor na ongeveer vier weken een reactie op de ingevulde zelftoets. “Men wordt gewezen op eventuele tekortkomingen en op directe overtredingen van de wet. Er wordt gevraagd hoe en wanneer men hier iets aan doet. Heeft men aan het einde van het traject nog altijd niet aan alle verplichtingen voldaan, dan komt men op het strafbankje terecht”, zegt Pennink.
“Dan wordt nog altijd niet actief de Autoriteit Financiële Markten (AFM) ingelicht, maar deze heeft wel toegang tot deze watchlist en kan actie gaan ondernemen. Het kantoor kan natuurlijk ook weer van het strafbankje af. Maar staat hij er na negen maanden nog op, dan wordt het deelnemerschap beëindigd. De AFM wordt daarover ingelicht.”
De STFD is de zeef voor de AFM, betoogt Pennink. “Dat is de hele doelstelling achter de Stichting. Uiteindelijk blijft er een aantal kantoren op de zeef liggen. Die gaan door naar de AFM.”
Naar zijn mening heeft de tussenpersoon absoluut voordeel als deelnemer aan de STFD. “Hij krijgt terugkoppeling op zijn zelftoets. Er is een helpdesk en uitgebreide lijst met vragen en antwoorden.” Pennink bestrijdt dat de zelftoets via de STFD makkelijker is dan de toets die de AFM voorlegt aan de rechtstreeks aangemelde assurantiekantoren. “De vragen die de AFM stelt zijn anders. De AFM kan alleen vragen stellen die rechtstreeks te herleiden zijn tot de wet. Overtreed je de wet, dan ben je gelijk de klos. Je loopt absoluut minder risico via de STFD, maar het is niet makkelijker.”
Eigen broek ophouden
De STFD telt inmiddels 8.500 deelnemers. Daarnaast is er nog een “klein plukje” van ongeveer vijfhonderd kantoren die vergeleken moeten worden met het bestand van de AFM.
De Stichting telt tien personeelsleden en heeft over 2005 een jaarrekening ingeleverd. “De jaarrekening wordt binnenkort in het bestuur besproken. Over 2005 is een tekort opgetreden. Maar dat breien we dit jaar recht. We zijn weliswaar een non-profit instelling, maar moeten wel onze eigen broek ophouden en nog iets meer zelfs”, zegt Pennink.
De inkomsten van de STFD bestaan uit de bijdrage van de deelnemers à _ 270 per jaar en uit een geringe bijdrage van de representatieve organisaties die in het bestuur vertegenwoordigd zijn. Het totale bedrag aan inkomsten komt uit op een kleine _ 2,5 mln.
Aan de uitgavenkant zijn er de personeelskosten, kosten aan ABZ die het systeem beheert en onderhoudt, huisvesting, inventaris, communicatiekosten, website et cetera.
strafbankje zit, wordt het deelnemerschap beëindigd.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.