nieuws

NVA-lid had te weinig kaas van fiscus gegeten

Archief

Het College van Toezicht NVA heeft een klacht gegrond verklaard, waarbij het erom draaide dat een bij de NVA aangesloten kantoor in een bepaalde zaak een onjuist belastingtarief had genoemd.

Het betrokken kantoor had de klager ten onrechte meegedeeld, dat deze over de uitkering van een levensverzekering, gesloten in 1971, het proportionele inkomstenbelastingtarief van 45% diende te betalen. Later bleek dat de uitkering bij het inkomen van de man diende te worden geteld zodat hij daarover 60% belasting moest betalen. Klager heeft zich door die mededeling, waar het de aanwending van die uitkering betreft, laten leiden.
‘Geen bijzondere kennis’
De verzekering behoorde tot een portefeuille die door het assurantiekantoor was overgenomen. Bij de kennismaking die volgde na de overname heeft de tussenpersoon de klant meegedeeld dat hij geen bijzondere kennis van levensverzekeringen had, aangezien men zich vrijwel uitsluitend bezighield met schadeverzekeringen. Daarom ook heeft het kantoor toen de uitkering kwam, contact gelegd met de betreffende verzekeraar teneinde in de verdere advisering te worden ondersteund.
De verzekeraar ging daartoe over, maar beantwoordde niet een bepaalde vraag over het toepasselijke belastingtarief. Het assurantiekantoor deelde daarop klager mee dat het tarief van 45% van toepassing was. Het College van Toezicht NVA constateerde dat tussen partijen vaststond dat die mededeling niet juist was: klager is het progressieve belastingtarief verschuldigd, in casu 60%. De tussenpersoon gaf aan dat het van toepassing zijn van het 45%-tarief hem was meegedeeld door de verzekeraar. Een telefoonnotitie die daarover uitsluitsel zou kunnen geven, bleek echter voor meer dan één uitleg vatbaar. Bovendien gaf de verzekeraar te kennen deze stellingname te betwisten.
Oordeel
Het College van Toezicht NVA is van mening dat vaststaat dat het assurantiekantoor een onjuiste mededeling heeft gedaan aan klager en dat het zich “bij gebreke van eigen specifieke deskundigheid op het hier aan de orde zijnde gebied, niet bewijsbaar ten behoeve van klager heeft voorzien van een deskundig advies in een daarvoor geëigende vorm, hetgeen van een onafhankelijk assurantietussenpersoon in de gegeven omstandigheden mocht worden verwacht”.
De klacht is derhalve gegrond. Daaraan doet niet af, dat klager volgens verweerster in geval van juiste voorlichting niet anders zou hebben gehandeld dan hij heeft gedaan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.