nieuws

NVA blijft ongelukkig met nieuwe avb

Archief

De nieuwe formule van de aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven (avb) blijft beroering geven in de NVA-gelederen. In het aprilnummer van het verenigingsorgaan De Reflector heeft de regionale afdeling Groningen/Drenthe haar ongerustheid naar voren gebracht. Het NVA-bestuur deelt de weerstand en zegt “De markt zal nu zijn werk moeten doen”.

Kernpunt van de nieuwe avb-formule is een zogeheten claims-madedekking om met name long tail en sluimerende risico’s beter beheersbaar te maken. In beginsel is er geen dekking van na-risico, behalve voor potentiële schades die al gemeld worden vóór het verstrijken van de verzekeringstermijn.
Woordvoerder J.H. Kuik van de afdeling Groningen/Drenthe betoogt over de nieuwe formule: “Het na-risico is niet zondermeer gedekt. Afhankelijk hoe de polis afloopt, kunnen regelingen overeengekomen worden. Bij de ene verzekeraar is niets over het na-risico geregeld, bij de andere staat in de polis aangekondigd op welke voorwaarden en tegen welke premie na-meldingsdekking kan worden verkregen. Dat zal in bijna alle gevallen voor een beperkte duur zijn. In veel polissen staat dat de verzekeraar dat voor minimaal een jaar moet doen. Dat een verzekeraar na schade kan opzeggen, is vaak redelijk. Maar in dit verband lang niet altijd. Een verzekerde die buiten zijn schuld om veel schades heeft moeten melden, loopt een grote kans dat de verzekeraar na een schade opzegt. De verzekerde kan dan de gevallen nog melden waarvan hij denkt dat daar nog schade uit kan voortkomen. Als dat gebeurt, zal dat vergoed worden. De verzekerde weet echter lang niet altijd uit welke gevallen nog schade kan voortkomen, zodat het na-risico verzekerd moet worden. Het na-risico zal de verzekeraar gedurende één jaar verzekeren, maar hij is geheel vrij de hoogte van de premie zelf te bepalen. Die premie kan wel onbetaalbaar zijn. De bereidheid van de verzekeraar om het na-risico na dat jaar ook nog te verzekeren, zal meestal niet aanwezig zijn. Een nieuwe verzekeraar, als die al wil verzekeren, zal geen belang hebben bij het voor-risico.”
Voorbeeld
Kuik geeft een voorbeeld. Een ondernemer (eenmanszaak) heeft tien datatypistes in dienst. In januari aanstaande wordt hij 65 jaar en stopt hij met werken. De onderneming wordt beëindigd.
De ondernemer heeft het recht om de meldingstermijn van schades met drie jaar te verlengen. Zo noemt men dat nu. De ondernemer maakt daarvan gebruik tegen een alleszins redelijke premie. Vijf jaar na beëindiging staan er twee werknemers bij de ondernemer op de stoep. Zij hebben beiden schouderklachten. Aangetoond wordt dat de oorzaak kan worden herleid op indertijd verkeerde stoelen. De ex-ondernemer heeft geen polis meer waarop de schade kan worden geclaimd. Die zal hij derhalve zelf moeten betalen. De kans dat hij dat kan, is heel gering.
Dan nog de situatie waarbij de verzekeraar tijdens de verzekeringsduur al vrij veel schades heeft betaald en na de laatste schade opzegt. De verzekerde mag dan nog melden als hij een vermoeden van schade heeft. De verzekeraar zal, als daar inderdaad schade uit voortkomt, keurig betalen.
Probleem wordt groter
Als er veel ‘vermoedens’ zijn, dan zal de premie voor het na-risico wel hoog worden, hoewel dat feitelijk niets met elkaar te maken heeft. Bij zo’n bedrijf zal verzekering van het na-risico langer dan een jaar niet mogelijk zijn.
Kuik: “Nu zult u misschien denken dat het allemaal best meevalt, maar dat is niet zo. Verzekeraars klagen steen en been dat zij de schades niet meer kunnen betalen. Door dit soort zaken niet meer te verzekeren, verdwijnen de schades echter niet! Die moeten nog steeds worden betaald, en wel door de verzekerden. Verzekeraars doen net of deze maatregelen de oplossing voor het probleem vormen, maar dat is niet zo. Het wordt alleen maar groter. Immers, wij kunnen onze relaties geen goede polissen meer aanbieden. Via onze collega-makelaars die op de beurs werkzaam zijn, heeft de NVA getracht verzekeraars ervan te overtuigen dat dit een slechte zaak is. Zij kregen ‘geen been aan de grond’. Onze provinciale collegae horen wij niet. Leggen die het ‘hoofd in de schoot’?”
Kuik wijst er op dat “gelukkig niet alle verzekeraars besloten hebben hun voorwaarden te wijzigen. Wij roepen met deze brief onze collegae op niet te adviseren op basis van deze nieuwe voorwaarden en bij collectieve wijziging de verzekerde te adviseren om over te sluiten naar een verzekeraar die bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeringen accepteert op ‘oude’voorwaarden.”
Reactie NVA
In een naschrift stelt het bestuur van de NVA: “De heer Kuik snijdt hier terecht een actuele en ingewikkelde problematiek aan. Al sinds 1995 voeren wij gesprekken met verzekeraars over de voorgenomen wijzigingen in de avb. Aanvankelijk vonden hierover discussies plaats tussen verzekeraars en de beursmakelaars, verenigd in de sectie Makelaars ter Beurze NVA. Al snel is dit verbreed tot vertegenwoordiging namens de beurs en de provincie. Vaak en op intensieve wijze heeft de NVA haar bezwaren kenbaar gemaakt. Hoewel wij een vorm van schadelastbeheersing billijk achten, zijn wij van mening dat een algemene wijziging naar een claims-madesysteem te ver gaat. Ondanks het dringend verzoek van de NVA om niet integraal over te schakelen naar het claims-madedekkingssysteem, zijn verzekeraars niet tot een nuancering van dit standpunt bereid. Wij betreuren dat zeer. De markt zal nu zijn werk moeten doen.” Op 2 juni houdt de NVA een studiemiddag over de nieuwe avb.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.