nieuws

NN wil assurantie-adviseur opleiden tot euro-expert

Archief

Vanaf volgende week gaat Nationale-Nederlanden het intermediair actief ondersteunen bij de informatieverstrekking over de invoering van de euro. Het ondersteuningspakket bestaat onder meer uit een opleiding, brochures, een euro-checklist en lezingen. Met een advertentiecampagne verwijst NN bovendien naar het intermediair als euro-vraagbaak.

Volgens directeur Ad Slootweg, die het europroject bij Nationale-Nederlanden in zijn takenpakket heeft, is het ‘euro-offensief’ zorgvuldig afgestemd op de publiciteitsgolf die in mei zal ontstaan na de onherroepelijke beslissing over de invoering van de euro.
Op dat moment bepaalt Europa namelijk onder meer welke landen er definitief meedoen in de monetaire unie en wat de koers van de euro zal zijn. Als gevolg van de te verwachten media-aandacht en een publiciteitscampagne van de overheid zullen volgens NN zowel bedrijven als particulieren in toenemende mate bij hun assurantie-adviseur komen aankloppen met vragen over de euro.
Onderzoek
De door Nationale-Nederlanden veronderstelde toeloop bij het assurantiekantoor is opmerkelijk, aangezien een recent onderzoek van het Nipo (gehouden in opdracht van NN) uitwijst dat bedrijven niet direct aan hun tussenpersoon denken bij euro-vragen.
Slechts 1% van de ondervraagden noemt de assurantie-adviseur spontaan als vraagbaak voor de gevolgen van de introductie van de euro voor hun bedrijfsvoering. De ondernemers noemen veel vaker hun bank (52%), de accountant (31%) en de eigen branche-organisatie (5%). Uit het onderzoek blijkt zelfs dat bedrijven nog eerder informatie verwachten van hun verzekeringsmaatschappij (2%) dan van hun tussenpersoon. Volgens NN zijn deze uitkomsten redelijk voor de hand liggend.
“Het aardige is dat het intermediair zich met de euro nu dus eens van een andere kant kan laten zien. Hij verschaft informatie die men misschien niet direct van hem had verwacht, maar waar toch behoefte aan is”, zo verklaart Slootweg.
Volgens René Labordus, hoofd van het Euro-Bureau van Nationale-Nederlanden, kan de tussenpersoon uitstekend met concrete verzekeringsvraagstukken als invalshoek (‘heeft de euro gevolgen voor de hypotheekrente?’, of ‘wat gebeurt er met de lijfrente-uitkering in 2004?’) bij z’n relaties binnenkomen. “Hij kan de klant op dit punt zonodig geruststellen. Ondertussen zet hij zich neer als adviseur die verstand heeft van de invoering van de euro. Dat is een mooie kans voor het intermediair.”
Geen actieve rol
Een andere opvallende uitkomst van het Nipo-onderzoek is dat slechts één op de drie tussenpersonen een actieve rol wenst te vervullen in de informatievoorziening met betrekking tot de euro. “Dat is inderdaad verrassend”, geeft Slootweg toe. “Het is voor een deel toe te schrijven aan een algemeen gebrek aan belangstelling voor de euro, als gevolg van de onzekerheid over de komst van de euro. Toch komt de klant straks met vragen, want het blijkt bijvoorbeeld dat ruim de helft van de bedrijven in 1999 klaar wil zijn voor girale betalingen in euro’s. Het slechtste wat de tussenpersoon kan antwoorden op hun vragen is: ik weet het niet.”
Labordus: “NN zal de ondervraagden die positief reageerden, actief ondersteunen. We willen er voor zorgen dat deze actieve groep in de komende tijd gaat groeien. We gaan het intermediair stimuleren.”
Slootweg: “Als ik zelf assurantie-adviseur was, ging ik nu eerst in overleg met m’n systeemhuis onderzoeken of m’n eigen administratie wel ‘europroof’ is, zodat ik m’n klanten straks desgewenst in euro’s kan bedienen. Ook zou ik een aanspreekpunt op kantoor aanwijzen, waar alle vragen over de euro naar toe gesluisd kunnen worden. Vervolgens ga ik naar m’n klanten toe. Ik zou ze denk ik een persoonlijke brief schrijven waarin ik uitleg wat er staat te gebeuren en wat de gevolgen zijn. Vanzelfsprekend stuur ik dan een euro-brochure of een checklist van NN mee.”
Euro-bewust
In de ogen van directeur Slootweg is het met het bewustzijn van de eigen NN-medewerkers ten aanzien van de euro vrijwel net zo ‘slecht’ gesteld als bij de rest van de bevolking. “Dat was ook de reden waarom wij onlangs een opleidingstraject zijn gestart. De komst van de euro houdt op dit moment nog maar weinig mensen echt bezig. Het raakt ze niet.” Slootweg noemt het dan ook een zwak punt van de overheid dat pas in een zéér laat stadium de voorlichting over de euro op gang gebracht is.
Om het interne kennisniveau op te krikken ontwikkelde NN een elektronische ‘euro-opleiding’, waarmee alle medewerkers vanaf hun werkplek via het centrale netwerk binnen twee uur bijgeschoold worden over de invoering van de europese munt en wat dat voor gevolgen heeft.
De interne opleiding van NN is te vergelijken met de euro-diskette die vanaf volgende week aan het intermediair verstrekt zal worden. De verzekeraar verspreidt daarnaast een euro-checklist (een met aandachtspunten voor het assurantiekantoor zelf en een voor diens bedrijfsrelaties) en brochures met informatie over de euro (in een bedrijfs- en een particulieren-variant). Bovendien zullen er ten behoeve van het intermediair diverse lezingen gehouden worden met de euro als onderwerp.
Ad Slootweg: “Het slechtste wat een tussenpersoon kan antwoorden op euro-vragen van zijn klanten is: ‘ik weet het niet'”.
René Labordus: “De invoering van de euro biedt het intermediair kans zich te profileren als deskundige”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.