nieuws

Nipo: lijfrentes drie keer zo vaak bij hoge inkomens

Archief

Volgens een Nipo-enquête komen lijfrenteverzekeringen drie keer zo vaak voor bij huishoudens met een hoog inkomen dan bij huishoudens met een laag inkomen. En bij de lage inkomens zegt de helft geen idee te hebben waarom ze over een lijfrentepolis beschikken.

Het onderzoek onder 1.200 huishoudens is door Nipo verricht in opdracht van De Nederlandsche Bank (DNB). De conclusies contrasteren flink met die van een recent onderzoek door GFK PanelServices Benelux in opdracht van het Verbond van Verzekeraars. Volgens dit laatste onderzoek behoorde in 2001 de helft van de mensen die een lijfrentepremie hebben afgetrokken van hun fiscale inkomen, tot de laagste inkomensgroep. “Het is niet zo vreemd dat de cijfers afwijken, want er zijn verschillende dingen onderzocht”, zo zegt het Verbond.
In het onderzoek van het Verbond gaven vier van de vijf respondenten aan de lijfrente te willen gebruiken voor het dichten van een pensioengat. Volgens het DNB-onderzoek sparen alleen de hoge inkomens bewust voor hun pensioen. In de praktijk betekent dat vooral een vervroegd pensioen. “De populariteit van lijfrentepolissen dwarsboomt ironisch genoeg het beleid tot verhoging van de arbeidsparticipatie van ouderen”, zegt DNB hierover.
Geen idee
De fiscale aftrek van lijfrentepremies speelt bij de hoge inkomens – zij het in mindere mate – ook een rol voor het hebben van zo’n verzekering. Bij de lage inkomens zegt echter meer dan de helft geen idee te hebben waarom ooit een lijfrenteverzekering is aangeschaft.
De mensen die voor hun 65e denken te stoppen met werken, schatten hun inkomen in die jaren gemiddeld in op e 31.000: voor de helft afkomstig van lijfrentepolissen en voor 25% van VUT-uitkeringen of een prepensioen. De mensen die al vervroegd met pensioen zijn gegaan, beschikken in de praktijk over e 22.000, waarvan slechts een beperkt bedrag uit lijfrenten. Voor de 65-plussers komt 60% van de inkomsten uit de AOW en 30% uit de pensioenvoorziening via de werkgever.
Bijgaand overzicht geeft een beeld van de aanwezigheid van bepaalde financiële producten per inkomensklasse (L=laag, M=midden, H=hoog) en de gemiddelde waarde van deze producten. Bezit waarde (x e 1.000) L M H L M H Bedrijfsspaarregeling 20 63 75 1,8 2,6 3,5 Lijfrenteverzekering 7 30 39 5,9 7,3 13,9 Koopsompolis 12 13 25 4,5 7,5 12,0 Spaarverzekering 13 24 18 2,0 7,4 10,6 Aandelenlease 4 5 11 3,1 6,3 6,4
Hypotheken
Het onderzoek van DNB geeft ook een beeld van de hypotheekmarkt. Van de huizenbezitters onder de 1.200 respondenten zegt 90% de eigen woning geheel of gedeeltelijk te hebben gefinancierd. De gemiddelde hypotheeksom is e 106.000: “exact gelijk aan cijfers van het CBS en het Kadaster”, aldus DNB. Van de uitstaande hypotheken bestaat 40% uit aflossingsvrije hypotheken, 30% uit spaarhypotheken en 19% uit leven-, beleggings- of effectenhypotheken. Slechts 9% is een lineaire of annuïteitenhypotheek waarbij het schuldbedrag tijdens de looptijd wordt afgebouwd.
DNB constateert verder dat vooral de laatste jaren het merendeel van de gezinnen een hypotheek heeft gesloten die hoger is dan de aankoopwaarde van de woning. Betaling van additionele kosten (overdrachtsbelasting, notaris, kadaster, etc.) zou de reden zijn.
Toch heeft de woningbezitter gemiddeld veel overwaarde, rekent DNB voor: de gemiddelde hypotheeksom is e 106.000 en de gemiddelde waarde van een koopwoning is volgens het Kadaster e 193.000. Uit het onderzoek blijkt dat een derde van de huizenbezitters (een deel van) die overwaarde de afgelopen zes jaar te gelde heeft gemaakt. Vooral de lage inkomens hebben dat gedaan, meestal om andere schulden af te lossen en om huishoudelijke apparaten aan te schaffen. Volgens DNB zou de afgelopen drie jaar voor e 21,2 mld aan overwaarde zijn besteed: e 6,8 mld in 1999, e 9,9 mld in 2000 en e 4,5 mld in 2001.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.