nieuws

Nederlandse verzekeringswereld kijkt bij Internet kat uit boom

Archief

De meeste Nederlandse verzekeraars wachten liever de ontwikkelingen rond Internet nog even af, voordat zij zelf via dit internationale netwerk gaan opereren. Dit blijkt uit een enquête die AM onder 28 van ’s lands grootste verzekeraars heeft gehouden. Van de 28 ondervraagden bleken er slechts 8 zelf op Internet te vinden te zijn: Ohra, Levob, Generali, TVM, de Amersfoortse, de ING-Groep, Interpolis en Centraal Beheer.

Ofschoon Internet meerdere opties biedt, is met name het verzenden van e-mail (elektronische post) en het inrichten van een eigen pagina in trek bij de verzekeraars. In totaal verzenden vier verzekeraars hun e-mail via Internet en hebben drie verzekeraars een eigen home-page waarop zij informatie over hun bedrijf geven.
Alleen Levob heeft op dit moment een eigen site, d.w.z. dat deze maatschappij een eigen computer heeft ingericht die toegang verschaft tot informatie over Levob en tot Internet zelf. Generali kondigt momenteel op Internet aan, dat zij met ingang van 15 september aanstaande via haar eigen site op Internet te bereiken is.
Informatiebron
Het is overigens wel opvallend, dat 16 van de 28 ondervraagden wel als consument gebruik maken van Internet ten einde zich van allerlei soorten informatie te voorzien.
De reden dat de meeste verzekeraars in Nederland nog niet op Internet zitten, is blijkens het onderzoek gelegen in het prille stadium waarin Internet nog verkeert. Bovendien willen ze eerst meer duidelijkheid over de specifieke mogelijkheden die het netwerk de verzekeraar te bieden heeft. Men is met name bang dat slechts een klein gedeelte van de doelgroep bereikt kan worden, waardoor de kosten de baten zullen overtreffen.
Britten minder huiverig
De Britse verzekeraars en tussenpersonen zijn minder sceptisch over een deelname aan Internet. De intermediairsorganisatie BIIBA (British Insurance and Investment Brokers Association) heeft aangekondigd dat zij binnenkort via Internet informatie zal gaan aanbieden.
Met haar aansluiting op Internet treedt de BIIBA in de voetsporen van enkele Britse verzekeraars zoals Sun Alliance, Churchill, Legal & General en Preferred Direct. De Nederlandse takken van Sun Alliance en Legal & General zijn overigens (nog) niet op Internet aangesloten. Aanvankelijk zal de BIIBA haar leden via Internet de mogelijkheid geven om te adverteren en een overzicht van hun diensten te geven. In de toekomst wil BIIBA Internet gaan gebruiken om haar leden via dit netwerk hun diensten te laten verkopen.
Het Nederlandse intermediair
In ons land hebben de beide organisaties van intermediairs, de NVA en de NBvA, wat meer reserves ten aanzien van deelname aan Internet.
Mevrouw Kuipers, woordvoerster van de NVA, stelt dat een speciaal ingestelde commissie Informatisering gaat onderzoeken in hoeverre de NVA gebaat zou kunnen zijn met een deelname aan Internet. Kuipers meent, dat Internet alleen geschikt is voor bedrijven en organisaties die pure produktinformatie willen geven. “Voor een organisatie als de NVA waar de belangen van meerdere aanbieders worden behartigd, is Internet op dit moment niet zo interessant. We zijn nu erg voorzichtig, omdat we in het verleden een Viditel-project hebben gehad. Dat project, wat aanvankelijk zeer succesvol leek, hebben wij moeten beëindigen omdat de leden hier steeds minder gebruik van maakten toen het nieuwtje er eenmaal van af was.”
De NBvA heeft op dit moment ook geen behoefte om op Internet te gaan omdat zijn organisatie, zoals woordvoerder Arends stelt, “overwegend kleinere bedrijven omvat, waarvoor het rendement wellicht onvoldoende tegen de kosten zal opwegen”.
Van Heugten durft het wel aan
Dat er intermediairs zijn die de gok best wel durven te wagen, bewijst intermediair Ko van Heugten uit Best. Hij kreeg, net als de andere gebruikers van Videotex, het aanbod om voor f 700 tot 800 per jaar een aansluiting op Internet te krijgen.
Van Heugten meent, dat veel mensen gebruik van Internet zullen gaan maken, omdat dit maar 15 cent per minuut kost en dit bij het zoeken naar een intermediair waarschijnlijk sneller werkt dan het doorwerken van een telefoonboek of de Gouden Gids. “Om te weten of het echt wat is, moet ik toch eerst zelf ondervinden wat een bladzijde op Internet voor mijn kantoor oplevert, en, als het niets is, dan stop ik er toch gewoon weer mee”, is de laconieke conclusie van Van Heugten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.