nieuws

Interpolis: meer openheid goed voor bestrijding verzekeringsfraude

Archief

Interpolis is het zat. De Rabobank-dochter heeft schoon genoeg van verzekeringsfraude. Een grotere openheid door deze maatschappij moet bijdragen aan het snel terugdringen van de schadelast. “Verzekeraars doen te geheimzinnig over verzekeringsfraude. Er zal meer openheid moeten worden betracht, wil er sprake kunnen zijn van een serieuze bestrijding van dit probleem”, verwoordt mr A.W.M. Haen de gevoelens bij Interpolis.

Haen (44), voorheen fraudecoördinator, is nu hoofd van het Bureau Speciale Zaken van Interpolis. De afdeling is drie jaar geleden opgericht en telt inmiddels zeven medewerkers, onder wie drie voor-malige rechercheurs van politie. “De noodzaak tot fraudebestrijding wordt groter en groter”, verklaart Haen de gestage groei van zijn onderzoeksbureau.
Waar vroeger bekendheid met de klantenkring en grote sociale controle voorkwamen dat verzekeraars konden worden opgelicht, daar zijn tegenwoordig alle remmen losgegooid. Verzekeringsfraude lijkt tot nationale sport verheven, die op verjaardagen en partijtjes uitvoerig wordt besproken, en veel actieve deelnemers kent. Te véél, vinden verzekeraars, die er schoon genoeg van hebben ‘vogelvrij’ te zijn verklaard.
Actieve aanpak fraude
In het streven om verzekeringsfraude actiever aan te pakken, zijn de maatschappijen vooralsnog op zichzelf aangewezen, vertelt Haen. “De politie stelt andere prioriteiten. Bij haar komt fraude-onderzoek op de laatste plaats. De politie redeneert simpel dat bij diefstal en inbraak geen gedupeerden zijn, omdat de schade toch wel zal worden vergoed. ‘Jullie zijn groot en wijs genoeg om voor jezelf te zorgen’, is vaak het antwoord. Gelukkig komt daarin verandering.”
De terughoudende opstelling van de politie ten spijt, volhardt Interpolis in het doen van fraude-aangifte, ook als dit gepaard gaat met extra kosten voor het (voor)onderzoek, vertelt Haen. “Dat is een hele verandering ten opzichte van vroeger. Uit vrees voor imagoverlies en om commerciële motieven was het toen nog not done om aangifte te doen bij de politie. Mede daarom werden minder claims onderzocht en ontdekt.”
Jaarlijks zegt Interpolis circa 200.000 schadeclaims te krijgen waarvan er iets minder dan duizend worden onderzocht op fraude door het Bureau Speciale Zaken. Bijna driekwart wordt geselecteerd aan de hand van tips uit de eigen organisatie (experts), en 30% op tips van politie, tussenpersonen (lees: vooral Rabobanken) en derden. Verder worden transacties getoetst op ‘verzwijging’ bij het aangaan van de verzekering.
Topje van ijsberg
Volgens het Verbond van Verzekeraars wordt 5% tot 7% van de door maatschappijen uitgekeerde schadelast in ons land gefraudeerd. Voor Interpolis betekent dat een fraudepost van f 70 mln, uitgaande van f 1.640 mln aan schade-uitkeringen waarvan f 1.076 mln onder schadepolissen.
Van die f 70 mln haalt de maatschappij f 15 tot f 17 mln terug. Het werkelijke schadebedrag door fraude ligt volgens Haen echter veel hoger. “Dit is het topje van de ijsberg. De meeste fraudezaken doen zich voor in de brand- en inbraakverzekering en in de branche auto, zowel gemeten in frequentie als in geld. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, is de reisverzekering toch minder fraudegevoelig.”
De top-3 van meest voorkomende fraude-oorzaken is: verzwijging, brandstichting, en documentvervalsing, waaronder achteraf uitgeschreven proforma nota’s, en het knoeien in originele rekeningen. “Verder is er een groot grijs gebied dat wordt overgelaten aan de schade-afdeling. Die toetst steekproefsgewijs of er sprake is van fraudering of majorering bij schade, onder meer door controles uit te voeren in de winkel waar de geclaimde artikelen zouden zijn aangekocht.”
Detectie-apparaten
In hun verbeten strijd tegen fraude met aankoopbonnen en proforma-nota’s gaan verzekeraars er steeds meer toe over hypermoderne opsporingsapparatuur aan te schaffen. Zo beschikken Nationale-Nederlanden en Centraal Beheer sinds kort over detectie-apparaten waarmee feilloos vervalste rekeningen kunnen worden achterhaald, zegt Haen. “Deze maatschappijen toetsen alle nota’s die in verband met de schaderegeling worden overlegd op hun echtheid. Organisatorisch is dat een hele klus, maar het loont zeker de moeite.”.
Overigens is veel verzekeringsfraude te achterhalen vanachter het bureau, eenvoudig door logisch na te denken, zegt Haen. “Je moet je kunnen inleven in de situatie van de claimant. Bij reisverzekeringen kun je bijvoorbeeld nagaan of de als vermist opgegeven spullen allemaal in de reiskoffer passen, of er dan geen sprake zou zijn van overgewicht, en zo ja, of dat is aangetekend op het vliegticket. En zo kun je jezelf meer van dat soort vragen stellen.”
Het onderzoek van schadeclaims door Interpolis richt zich niet per definitie op fraude, maar op wat Haen noemt ‘waarheidsvinding’, dat is: de daadwerkelijke oorzaak van een schade. “Dat is meer dan een fraude-onderzoek. Dan gaat het om onderzoek waaruit lering kan worden getrokken voor toekomstige schadegevallen. Zo hebben we bijvoorbeeld een diepgaand technisch onderzoek ingesteld naar de brand in congrescentrum De Reehorst in Ede, waaruit naar voren is gekomen dat de elektrische bedrading ondeugdelijk was aangelegd door het installatiebedrijf. De brandschade is daarop door ons op dat installatiebedrijf verhaald.” Los van mogelijke verhaalsacties dragen de resultaten van zulke onderzoeken bij aan het acceptatiebeleid van de maatschappij, aldus Haen.
Fraudegevoelige producten
De gelegenheid maakt de dief, ook als het gaat om verzekeringsfraude, zegt Haen. Hij schroomt niet daarbij de hand in ‘eigen’ boezem te steken. “Veel verzekeraars hebben de laatste jaren ‘tot fraude uitnodigende producten’ gelanceerd. Deze producten zijn door hun complete dekkingen fraudegevoeliger.”
Ook een soepele schade-afwikkeling kan volgens hem de kans op fraude vergroten. “Een schade die snel is uitgekeerd, kan verzekerden op het idee brengen dat er een volgende keer meer geld uit te slepen valt.”
Een (te) langzame schaderegeling echter kan leiden tot een majorering (‘aandikken’) van de schade. “Een verzekerde wiens schade binnen één week wordt geregeld, heeft minder gelegenheid aanvullende claims in te dienen, dan iemand die drie weken op de schade-afwikkeling zit te wachten. Die heeft een langere bedenktijd om het één en ander erbij te verzinnen. Vooral bij reisverzekeringen zijn we extra scherp op aanvullende schadeclaims. Daar kunnen we erg moeilijk over doen, omdat verzekerden goed kunnen overzien wat ze wel en wat ze niet hebben meegenomen, en dus snel weten wat wel en wat niet vermist wordt.”
Haen erkent dat een adequaat schaderegelingsproces de fraudebestrijding zeer ten goede zou komen, maar dat commerciële motieven, en/of de meerkosten van fraude-onderzoek, maatschappijen op andere gedachten kunnen brengen. “Dat is een beleidskeuze, die elke verzekeraar zelfstandig maakt. Daarbij geldt dat de goede verzekerden niet onder de kwade mogen lijden.”
Overlegplatform
De tien grootste verzekeraars participeren in een landelijk overlegplatform: de Contactgroep Overleg Verzekeringscriminaliteit. Het overleg richt zich op het te voeren beleid. Daarnaast is er ruimte voor meningsvorming over de praktijk van alledag. “Een keer per twee maanden worden door de rechercheurs, zeg maar de werkers in het veld, ervaringen uitgewisseld. Op die manier kunnen zij van elkaar leren”, aldus Haen.
Een belangrijke rol in de fraudebestrijding speelt het informatiesysteem Vertrouwelijke Mededelingen, de ‘zwarte lijst’ van verzekeraars. Haen: “Deze lijst wordt volstrekt legaal gebruikt. Verzekerden worden erover geïnformeerd wanneer ze zijn geregistreerd.”
Fraudeurs die zijn betrapt, worden door Interpolis keihard aangepakt. Als er gefraudeerd is, wordt de verzekerde – indien mogelijk – geroyeerd, zegt Haen. “Vroeger werd volstaan met het opzeggen van de verzekering waarmee was gefraudeerd. Nu gaan we veel verder en halen we alle opzegbare polissen door. Het besluit daartoe wordt genomen door onze beleidscommissie relatiebeheer, dat ook bindend is voor het hoogste management. Zulke royementen brengen soms commercieel gevoelige klappen met zich mee. Onlangs nog is een frauderende ondernemer geschrapt uit de boeken die enkele tonnen brandpremie inbracht. Dat is tamelijk rigide, maar we nemen liever harde maatregelen dan ons fraudebeleid te verzaken.”
Hoofd Bureau Speciale Zaken Haen:…fraude keihard aanpakken..
Een klassiek voorbeeld van verzekeringsfraude: een nota van een fotozaak waarop een lens van het merk Sigma ter waarde van f 640 is bijgeschreven, en het totaalbedrag veranderd is.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.