nieuws

Interne migratie zelfstandigen zet ONVZ-administratie onder druk

Archief

Zorgverzekeraar ONVZ heeft gemengde gevoelens bij de wettelijk verplichte overgang van kleine zelfstandigen naar het ziekenfonds per 1 januari. Het tot dusver bescheiden ziekenfonds van ONVZ (7.000 verzekerden begin dit jaar) is sindsdien met 20.000 verzekerden gegroeid. Maar van die groei wordt ONVZ financieel niet wijzer, integendeel.

Van de nieuwe verzekerden in het ONVZ Ziekenfonds is bijna 60% afkomstig uit de particuliere portefeuille van ONVZ, de andere 40% komt van andere verzekeraars. De grootschalige interne overstap (uitschrijven bij ‘particulier’ en inschrijven bij het fonds) heeft het administratieve apparaat overbelast. “Ons serviceniveau is op dit moment beneden peil, althans beneden ONVZ-peil”, geeft commercieel directeur Frans van Rijn ruiterlijk toe.
Al is het voor ONVZ op zich prettig dat zelfstandigen die moeten overstappen naar een ziekenfonds in groten getale binnen de poort blijven, is het in financieel opzicht een negatieve zaak. Los van de mutatiekosten, is het zo dat een particulier verzekerde voor ONVZ rendabeler is dan een fondsverzekerde.
Hierbij speelt nog een extra probleem. Het nationale vergoedingssysteem voor beheerskosten werkt onbedoeld discriminerend ten opzichte van de kleinere ziekenfondsen. Waar kleine fondsen relatief meer vaste lasten hebben dan grotere fondsen, ontvangen kleine fondsen feitelijk per verzekerde een geringer bedrag dan een gemiddeld ziekenfonds.
Algemeen directeur Dick van Boven van ONVZ licht toe, dat deze achterstelling onderwerp van gesprek is binnen Zorgverzekeraars Nederland en ook met het toezichthoudende College van Zorgverzekeringen. “De maatregel per 1 januari 2000 ten aanzien van de kleine zelfstandigen heeft het probleem van de beheerskostenbudgettering navrant verhoogd.” In het verslagjaar 1999 is het nog jonge ONVZ Ziekenfonds gegroeid tot bijna 7.000 verzekerden. Ruim 80% van die verzekerden heeft tevens een aanvullende ziektekostenverzekering bij ONVZ gesloten.
Particuliere bedrijf
In het particuliere ziektekostenbedrijf van ONVZ is vorig jaar het premie-inkomen met ruim 16% gestegen tot f 175,8 mln.
Het totale schadebedrag steeg aanzienlijk: tot f 169,9 (148,1) mln. “Dat is meer dan verwacht. We zijn nog aan het uitzoeken of dat incidenteel of structureel van karakter is”, aldus algemeen directeur Dick van Boven.
Het nettoresultaat werd voorts gedrukt doordat het tekort in het ONVZ Ziekenfonds in één keer is afgeschreven. Deze extra last van f 4 mln leidde ertoe dat het nettoresultaat van de groep zakte tot f 1,1 (3,1) mln. De solvabiliteit is dik in orde: f 107 mln waar f 27 mln is vereist.
Toekomst
ONVZ komt dit jaar met vernieuwde versies van de individuele ziektekostenpolissen Benfit (1993) en Optifit (1994). Er worden nu twee concepten getest bij zowel het intermediair als de eindgebruiker. Van Rijn wil niets loslaten over de aard van de vernieuwingen. “Maar het zal wel weer echt vernieuwend zijn.”
De maatschappij is ook bezig met een Internet-site en zal dit medium in verschillende fasen ook interactief gaan inzetten naar zowel verzekerden als assurantietussenpersonen.
Het managementteam van ONVZ, v.l.n.r. Dick van Boven, Jean-Paul van Haarlem, Frans van Rijn en Hans Lammers.
ONVZ heeft in eigen huis een nieuw informatiesysteem voor de geïntegreerde verwerking van ziektekosten- en ziekenfondsproducten ontwikkeld en in gebruik genomen. Ondersteund worden de processen productontwikkeling, distributie, polisbeheer, premie-incasso, schadebehandeling (incl. zorginkoop en verhaalschades) en financiën. ONVZ heeft een adviesbureau ingeschakeld om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om (delen van) Bizon 2 te vermarkten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.