nieuws

Hoogervorst bedenkt vier alternatieven voor no-claim

Archief

Minister Hoogervorst biedt in een brief aan de Tweede Kamer vier mogelijke alternatieven voor de gewraakte no-claimregeling in de Zorgverzekeringswet. Het gaat om een verplicht eigen risico, een vrijwillig eigen risico, een eigen bijdrage en een inkomensafhankelijk systeem.

Hoogervorst lost met zijn brief aan de Tweede Kamer een belofte in die gedaan werd tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen 2007 na Prinsjesdag. Bij de vier varianten geeft Hoogervorst aan wat de voors en tegens zijn.
Verplicht eigen risico
Een verplicht eigen risico is een eigen betaling waarbij de eerste zorgkosten (tot een bepaald maximum) voor rekening van de verzekerde komen. Volgens Hoogervorst is er een ‘klassieke’ vorm, waarbij de verzekerde de factuur betaalt en van de verzekeraar vervolgens het bedrag terugkrijgt minus het eigen risico. Bij de tweede vorm int de zorgverzekeraar het risico achteraf.
Volgens de minister is er sprake van een zekere liquiditeitsdrempel bij deze variant. Dit speelt vooral bij de lagere inkomens die zich voor de vraag gesteld zien of en hoe zij de rekenging moeten voldoen. Wel zou deze variant onnodige zorgconsumptie afremmen. Dit speelt vooral bij de ‘klassieke’ vorm.
Bij een verplicht eigen risico van ongeveer _ 250 kan _ 2 mld privaat worden gefinancierd. Dat zou een gelijk bedrag zijn als met de no-claimregeling. Wel levert het hogere uitvoeringslasten op, maar is het voor de burger een helder en begrijpelijk systeem.
Vrijwillig eigen risico
De werking is hetzelfde als bij een verplicht eigen risico, behalve dat de verzekerde zelf een eigen risico kiest. Hier tegenover staat dan wel een premiekorting. De inning kan op dezelfde twee manieren als bij het verplicht eigen risico.
Hoogervorst constateert dat onduidelijk is hoe groot de prikkelwerking hierbij zal zijn. “Een vrijwillig eigen risico zal gekozen worden (bij voldoende premiekorting) door relatief gezonde verzekerden”, aldus de minister. “Schatten ze in dat hun zorgkosten hoger zijn dan de opbrengst dan zien ze af van een vrijwillig eigen risico. Hierdoor zal het volume-effect beperkt zijn”, verwacht Hoogervorst.
Een private financiering van _ 2 mld zoals in de huidige no-claimregeling ziet Hoogervorst bij deze variant niet gebeuren. “Dat werkt alleen als iedereen kiest voor een vrijwillige eigen risico van _ 250.” Daar staat tegenover dat de uitvoeringslast beperkt zal zijn en ook de burger begrijpt dit systeem.
Eigen bijdrage
Een eigen bijdrage kan op twee manieren vorm krijgen. Een procentuele eigen bijdrage, waarbij bij gebruik van de zorg een procentueel deel van de rekening door de verzekerde betaald wordt. Of een nominaal eigen bijdrage, waarbij bij gebruik van zorg een nominaal deel van de rekening door de verzekerde betaald wordt. Ook hier kan weer gekozen worden voor de klassieke variant of de variant waarbij na afloop het bedrag geïnd wordt.
De prikkelwerking van een eigen bijdrage wordt bepaald door de hoogte en het bereik van de eigen bijdrage en de snelheid waarmee de verzekeraar de eigen bijdrage int. Afhankelijk van de hoogte van de eigen betaling kan met een eigenbijdrageregeling eenzelfde financieringsverschuiving worden gerealiseerd als met de no-claimteruggaveregeling. De uitvoeringslast wordt daarentegen op hoog ingeschat en de begrijpelelijkheid voor de burger is afhankelijk van de gekozen invulling. Hierbij is het onder andere van belang voor welke zorg de eigen bijdrage geldt.
Inkomensafhankelijk systeem
Hoogervorst heeft al eerder de mogelijkheid van een IZA-achtig inkomensafhankelijk systeem van eigen betalingen onderzocht. In zijn brief aan de Tweede Kamer zegt Hoogervorst dat deze variant ook nu nog in onderzoek is. Wel geeft hij aan met welke elementen rekening gehouden moet worden.
Zo zijn voor deze variant inkomensgegevens nodig. Deze gegevens zijn echter voor zorgverzekeraars niet toegankelijk uit privacy-overwegingen. “Dat betekent dat een gedeelte van de werking van een inkomensafhankelijk systeem buiten de invloedssfeer van de verzekeraar plaatsvindt, dit heeft gevolgen voor de uitvoeringslast”, aldus de minister.
Volgens hem kent deze variant ook een liquiditeitsdrempel en is de prikkelwerking langer dan bij een eigen risico of eigen bijdrageregeling. Ook veroorzaakt het een zogeheten marginale druk: van verzekerden die hun inkomen zien stijgen, wordt een grotere eigen betaling verwacht. De financieringsverschuiving is vergelijkbaar met de huidige no-claimregeling. De uitvoeringslast is daarentegen hoog doordat naast de kosten een individuele inkomensbeoordeling moet worden gemaakt. “Ook de burger zal het lastiger begrijpen”, verwacht de minister.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.