nieuws

Hoge Raad vraagt Europees Hof om uitspraak over verplichtstelling

Archief

beroepspensioenregeling

Voor het Europese Hof in Luxemburg heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden van de vraag van de Hoge Raad in Nederland of de wettelijke verplichtstelling van een beroepspensioenregeling in strijd is met de Europese regels van vrije concurrentie.
De kans bestaat echter dat het Europese Hof geen uitspraak zal doen omdat de Hoge Raad vanwege procedurele regels met de uitspraak niets kan doen.
De Hoge Raad heeft het Europese Hof gevraagd om een uitspraak over de vraag of de ‘Wet verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling’, en in het bijzonder de verplichte deelneming in een beroepspensioenfonds voor fysiotherapeuten in strijd is met de Europese mededingingspalingen.
Twee Nederlandse fysiotherapeuten, Van Schijndel en Van Veen, zijn van mening dat zij door de wettelijke verplichting gehinderd worden in hun streven om een betere pensioenregeling af te sluiten bij een particuliere verzekeraar. Tijdens het proces voor de Hoge Raad vroegen zij de Raad of de verplichtstelling verenigbaar is met de mededingingsregels van het EG-Verdrag. Als hoogste rechter is de Hoge Raad verplicht om Europeesrechtelijke vragen aan het Hof in Luxemburg voor te leggen.
Drie lid-staten
De mondelinge behandeling van de zaak vond plaats op 4 april in Luxemburg. De verenigbaarheid van de twee wettelijke regelingen werd verdedigd door vertegenwoordigers van de Nederlandse regering. Daarnaast hebben drie lid-staten, Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, Nederland gesteund door te betogen dat een wettelijk verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling niet in strijd is met het Europese mededingingsrecht.
De Europese Commissie betoogde voor het Hof dat het beroepspensioenfonds dient te worden beschouwd als een gewone onderneming in de zin van het EG-Verdrag. De verplichte deelneming heeft volgens de Europese Commissie tot gevolg dat levensverzekeraars worden uitgesloten van de Nederlandse pensioenmarkt voor fysiotherapeuten. De kernvraag is volgens de Commissie, of de Nederlandse regering zich kan beroepen op dwingende vereisten van algemeen belang om deze schending van de mededingingsregels te rechtvaardigen. De Commissie is van mening dat de regering zich in dit geval hierop kan beroepen omdat de verplichtstelling een logische tegenhanger is van de acceptatieplicht van het beroepspensioenfonds en omdat de solidariteit tussen goede en slechte risico’s noopt tot verplichte deelneming.
Conclusies
Na deze mondelinge behandeling zal in ieder geval de advocaat-generaal bij het Hof zijn conclusies trekken en dus een indicatie geven van de opvattingen van het Hof. Deze conclusies worden midden juni a.s. verwacht.
Zoals gezegd, bestaat twijfel over de vraag of het Hof opheldering zal verschaffen over deze belangrijke vragen.
De Hoge Raad zit beklemd tussen twee wettelijke bepalingen. Hij mag enerzijds het oordeel van lagere rechters alleen maar toetsen en geen nieuwe vragen aan een zaak toevoegen. De Europeesrechtelijke vragen werden in dit geval echter door partijen pas bij de Hoge Raad opgeworpen. Anderzijds is de Raad verplicht om Europeesrechtelijke vragen die aan het college worden gesteld, voor te leggen aan het Europese Hof.
De Hoge Raad heeft het Hof gevraagd of de nationale regel van procesrecht (Hoge Raad mag alleen toetsen) eveneens moet worden toegepast indien een Europeesrechtelijke vraag wordt opgeworpen. Alle lid-staten en de Europese Commissie hebben betoogd dat het nationaal procesrecht op dit punt vóórgaat, waardoor het Hof mogelijk niet zal hoeven in te gaan op de kwestie.
Niettemin volgen pensioenfondsen en levensverzekeraars deze zaak met grote belangstelling. Als het Hof uitspraak doet, wordt deze verwacht na de zomer.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.