nieuws

Heel soms nemen gedane zaken toch nog een keer¼

Archief

Als een geschil een rechtsgang heeft doorlopen en tegen het eindoordeel geen beroep is ingesteld, geldt normaal gesproken ‘einde oefening’. Soms loopt het evenwel anders en daarvan getuigt het onderstaande verhaal van mr. Peter van der Pligt. Hij is in het dagelijks leven hoofd Schade bij de WBD Lippmann Groep in Den Haag, maar heeft dit artikel op persoonlijke titel geschreven.

Ondanks een Arbitraal Vonnis, waarin het beroep van verzekeraar op de leveringsvoorwaarden van zijn verzekerde werd gehonoreerd en de schade voor hem mitsdien tot 15% van de aanneemsom beperkt bleef, ziet deze zich na een klacht bij de Raad van Toezicht alsnog genoodzaakt tot betaling van het totaal gevorderde bedrag over te gaan. De reden daarvoor: verzekerde’s expliciete beroep op de keuzeclausule was door verzekeraar in het Arbitraal Geding genegeerd.
De casus
Een tuinder had in 1993 door een erkend installatiebedrijf een verwarmingsinstallatie voor zijn nieuwe kas laten aanbrengen. Vanwege het feit, dat de kachel een te hoog CO2 gehalte produceerde, ging de gehele paprikateelt van de tuinder teloor, waardoor deze een verlies leed van f 400.000.
Het installatiebedrijf meldde de schade via zijn tussenpersoon bij zijn avb-verzekeraar, onder de vermelding dat hij – gezien de relatie met de tuinder – een beroep op de keuzeclausule wilde doen. De verzekeraar adviseerde zijn verzekerde vervolgens om dit niet te doen met het oog op de schadestatistiek en de daarmee samenhangende premieconsequenties. Verzekerde liet verzekeraar daarop nogmaals schriftelijk weten een beroep op de keuze-clausule te willen doen. Na ampele overwegingen wees verzekeraar de aansprakelijkheid af.
In een daarna volgend Arbitraal Geding, hetgeen plaats vond in 1996, kwam de aansprakelijkheid van de installateur vast te staan. De advocaat van verzekeraar deed in deze procedure een beroep op de leveringsvoorwaarden van verzekerde, ondanks dat hem uit de stukken kenbaar was c.q. bekend hoorde te zijn, dat verzekerde meerdere malen te kennen had gegeven een beroep op de keuzeclausule te willen doen.
De arbiters honoreerden het beroep op de leveringsvoorwaarden en veroordeelden verzekeraar tot betaling van een bedrag ad f 19.642, zijnde 15% van de aanneemsom. Het vonnis van 17 februari 1997 verkreeg na het verstrijken van de beroepstermijn kracht van gewijsde.
Geen vrede mee hebben
Hoewel de kwestie hiermede in principe afgedaan was, kon de behandelend correspondent, Ed van Leeuwen, hier maar geen vrede mee hebben, daar hij de mening was toegedaan, dat er een spelletje gespeeld was, waarvan zijn klant de dupe was geworden. Kort na mijn indiensttreding medio 1998 legde hij de zaak aan mij voor met de vraag of er nog iets aan gedaan kon worden.
Aangezien fraude c.q. opzet aan de zijde van verzekeraar moeilijk hard te maken viel, was revisie van het Arbitraal Vonnis in casu geen optie. Resteerde het indienen van een klacht bij de Raad van Toezicht.
Daar de klacht zich richtte tegen het feit, dat verzekeraar het beroep op de keuzeclausule niet had gehonoreerd, kon deze klacht feitelijk alleen maar door de installateur ingediend worden. Maar hoe nu de tegenpartij ertoe te bewegen dat hij een klacht tegen zijn eigen maatschappij in gaat dienen? Gelukkig had onze tuinder de installateur net een nieuwe, grote opdracht gegeven, zodat deze zich moreel genoodzaakt zag zijn medewerking te verlenen.
Niet ‘bij de les’
In de procedure bij de Raad van Toezicht werd nog eens benadrukt, dat in het Arbitraal Geding tegen de uitdrukkelijke wil van de installateur in gehandeld was, ook al had deze tijdens de mondelinge behandeling van de zaak niet geprotesteerd tegen het feit dat de advocaat van verzekerde een beroep op zijn leveringsvoorwaarden deed.
Er kon echter worden aangetoond, dat de installateur er tijdens de zitting niet echt met zijn gedachten bij was (zijn vrouw lag in het ziekenhuis en kon ieder moment bevallen) en dat hij zich volledig liet leiden door de door zijn verzekeraar ingeschakelde advocaat.
De Raad van Toezicht oordeelde, dat, nu evident was dat de installateur een beroep op de keuzeclausule wilde doen, de (advocaat van) verzekeraar niet zonder diens uitdrukkelijk toestemming hier in het Arbitraal Geding van mocht afwijken. Door aldus te handelen heeft verzekeraar de goede naam van het Schadeverzekeringsbedrijf geschaad.
Nadat de Raad van Toezicht zijn oordeel had laten doorschemeren, is verzekeraar ijlings overstag gegaan en heeft hij alsnog het gevorderde bedrag betaald. De klacht werd daarop ingetrokken, zodat het net niet tot een formele uitspraak is gekomen. Wel is er na zeven jaar (!) toch nog gerechtigdheid.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.