nieuws

Grote zorg bij verzekeraars over reparatiecapaciteit glastuinbouw

Archief

Onder de agrarische verzekeraars bestaat grote zorg over de beschikbare reparatiecapaciteit in de glastuinbouw. “Als er nu een orkaan zoals in 1990 over ons land zou trekken, duurt het volgens berekeningen circa achttien maanden voordat alle kassen gerepareerd zijn. Dat zou een enorme opbrengstderving betekenen, die vanuit de verzekering betaald moet worden.” Dit zei Willem Snoeker, manager Marketing & Productontwikkeling van Hagelunie, eind maart tijdens de informatieavond ‘Kas van de Toekomst’ in Poeldijk.

De door Snoeker genoemde termijn van achttien maanden zorgde voor behoorlijk wat schrik onder de toehoorders, vooral omdat hij over de stormramp in 1990 had gemeld dat men destijds vier maanden nodig had gehad voor het omvangrijke herstel. De bijeenkomst in Poeldijk was georganiseerd door Rabobank Midden-Westland voor vierhonderd(verzekerings)relaties uit de kringen van kwekers en toeleveranciers.
Het gebrek aan reparatiecapaciteit schuilt niet alleen in een tekort aan vakbekwaam personeel, maar vreemd genoeg vooral in de vooruitgang van de techniek. De tuinbouwkassen worden steeds hoger en de ruiten steeds groter. Snoeker: “Het bouwen van zulke kassen op basis van de norm is geen probleem meer. Reparaties van schade aan zulke kassen nog wel. De ruiten kunnen alleen met speciale machines worden vervangen. De kans is groot dat daarvoor het (onbeschadigde) gewas eronder geruimd moet worden. Een flinke extra kostenpost en inkomensschade als gevolg van teeltverstoring.”
Snoeker liet desgevraagd weten, vorig jaar op een modern kassencomplex in Noord-Brabant met een dergelijke situatie geconfronteerd te zijn geweest. Om de schade te kunnen repareren, moest eerst het verwarmingssysteem worden gedemonteerd en het gewas uit de kas worden geruimd voordat de reparateurs er met de huidige apparatuur goed bij konden komen. “Vergelijk het met de situatie dat de voorruit van je auto stuk raakt en dat, om deze te kunnen repareren, eerst de voorstoelen, de stuurkolom en het dashboard weggehaald moeten worden, omdat de reparatie van onderaf moet gebeuren. En dat is nu nog wél de praktijk in de tuinbouwkassen. In de bouwfase is de grondoppervlakte helemaal leeg en kun je met die moderne machines overal bij, maar als de zaak eenmaal geïnstalleerd is en er staan gewassen in, dan zou je eigenlijk van buitenaf moeten kunnen repareren”, zei hij in een toelichting.
Kunststof
Een andere zorgwekkende ontwikkeling is volgens Snoeker dat er opnieuw kunststof wordt toegepast als omhullingsmateriaal van kassen. “In het verleden heeft de praktijk bewezen dat dergelijke kassen bijzonder brandgevaarlijk zijn. Daarbij is de snelheid waarmee brand over zo’n bedrijf trekt levensbedreigend. Als het eenmaal brandt, liggen er binnen een paar minuten enkele hectares plat. Bij zulke bedrijven moeten afspraken gemaakt worden over bijvoorbeeld compartimentering en de aanleg van brandgangen.”
Ook de moderne teeltmethoden vragen om risicobeheersing. De wijze van voedingsdosering wordt steeds geavanceerder. Water en grondstoffen worden hergebruikt en ontsmet. Allemaal toepassingen die voor de ondernemer niet zichtbaar, tastbaar of zelf controleerbaar zijn. Omdat hij die controle aan apparatuur moet overlaten, is een goede beveiliging van essentieel belang.
Bij de les houden
Snoeker was de enige spreker na de pauze en om negen uur ’s avonds hebben de meeste kwekers er al een lange dag opzitten. Toch was er geen sprake van wegdommelen, want met indringende voorbeelden wist Snoeker zijn gehoor ‘bij de les’ te houden.
Het is volgens hem niet de vraag of de ‘Kas van de Toekomst’ verzekerbaar is, maar of de ondernemer van morgen die verzekering nog betaalbaar vindt.
De risico’s en de kwetsbaarheid van de glastuinbouwbedrijven nemen steeds meer toe. Daarbij spelen de volgende factoren: – het groter en kapitaalsintensiever worden van de bedrijven; – het toenemende belang van afzetcontinuïteit. Een periode van bedrijfsstilstand kan bijvoorbeeld ‘contractuele’ schadeclaims van afnemers opleveren, maar ook het kwijtraken van afnemers; – de voedselveiligheid die de consument eist. De glastuinbouwondernemer kan aansprakelijk worden gesteld als zijn producten niet veilig of niet schoon blijken te zijn; – de kweker is/wordt aansprakelijk voor de arbeidsomstandigheden en veiligheid van de mensen die op zijn bedrijf werkzaam zijn (eigen personeel en ook vreemd personeel tijdens bouwwerkzaamheden); – de milieuwetgever legt verantwoordelijkheid bij de vervuiler neer. Na een schade-evenement is de ondernemer verantwoordelijk voor de vervuiling die is ontstaan in onder meer de bodem en het oppervlaktewater.
Kortom, de behoefte aan verzekeringen neemt toe, want het gaat hierbij om risico’s die de ondernemer niet zelf kan dragen. “Dat is een extra reden voor de gehele sector om de kans op schade onder controle te houden. Want dan blijft het toekomstige verzekeringspakket betaalbaar.”
De relatief eenvoudigste manier om schade te beperken, is om schade te voorkómen, doceerde Snoeker. “We kunnen de risico’s beperken door waar mogelijk gebruik te maken van kwalitatief goed materiaal, betrouwbare technieken en betrouwbare systemen, uitgerust met goede meet- en beveiligingsapparatuur. Daarvoor is het nodig dat we met alle partners – ondernemers, toeleveranciers en verzekeraars – gezamenlijk afspreken wat we als norm voor een goede kwaliteit hanteren. Door gezamenlijk kwaliteitsrichtlijnen op te stellen, is het voor iedereen duidelijk welke kwaliteit we acceptabel vinden en dus ook welk risico voor de sector niet acceptabel is.”
Snoeker stond ook nog stil bij schaalvergroting die mogelijk is door collegiale samenwerking. Op allerlei gebied moet dan goed nagedacht worden over de toerekening van risico’s. Als voorbeeld noemde hij een gezamenlijk waterbassin van een aantal kwekers. “Als zo’n bassin vervuild raakt, wie is dan (en in welke mate) aansprakelijk voor de eventuele schade?”
Willem Snoeker: “Toepassing van kunststof als omhullingsmateriaal andere zorgwekkende ontwikkeling”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.