nieuws

Geldgevers verkopen risico steeds vaker door

Archief

Sinds 1996 zijn in toenemende mate hypotheekrisico’s door geldverstrekkers via een zogeheten securitisatietransactie doorverkocht aan de kapitaalmarkt. Redenen daarvoor zijn onder meer het verminderen van de risico’s op de eigen balans en het verlagen van financieringskosten. Maar hoe zit een securitisatie nu eigenlijk in elkaar?

Bij een securitisatietransactie verkoopt een geldverstrekker een hypotheekportefeuille indirect aan beleggers, die daarvoor een rentevergoeding ontvangen. Voordeel voor de hypotheekverstrekker is dat risico's beheerst kunnen worden; doel is uiteraard om de rente die aan de beleggers wordt betaald, lager te houden dan de rente die van de hypotheekgevers wordt ontvangen. De beleggers lopen op hun beurt gefaseerd risico, omdat de door hen betaalde gelden in eerste instantie worden aangewend voor het minst risicovolle deel van de te securitiseren portefeuille. Traditioneel wordt voor een securitisatie een speciale vennootschap opgericht – het special purpose vehicle, afgekort tot SPV – waaraan de hypotheken worden verkocht. De SPV geeft dan obligaties uit, die asset-backed securities worden genoemd. In het geval van woninghypotheken gaat het om residential mortgage backed securities (RMBS). De aflossing en de rente op deze effecten wordt betaald uit de geldstromen die afkomstig zijn van de gesecuritiseerde leningen. Deze vorm van securitiseren wordt ook wel true sale genoemd. Daarnaast zijn echter ook synthetische securitisaties mogelijk en zogeheten asset-backed commercial papers (ABCP). Een synthetische securitisatie dekt het kredietrisico af door middel van kredietderivaten. De hypotheek zelf wordt dan niet doorverkocht. Bij een ABCP wordt een kortlopend schuldpapier uitgegeven, waarmee handelsvorderingen van klanten worden gekocht. Sinds april 2004 worden securitisaties door DNB niet meer vooraf, maar achteraf getoetst op basis van uitgegeven richtlijnen. De toezichthouder ziet als mogelijk nadeel van het groeiende aandeel van gesecuritiseerde hypotheken dat een deel van de verstrekte hypotheekleningen buiten beeld blijft, wat tevens een onderschatting van het kredietrisico zou kunnen geven. Grotere volumes Grofweg driekwart van het totaal gesecuritiseerde volume in ons land heeft betrekking op woninghypotheken. In 2004 hebben volgens gegevens van De Nederlandsche Bank zestien securitisaties plaatsgevonden met betrekking tot woninghypotheken voor een totaal bedrag van ruim ? 18 mld. Het totaalbedrag aan hypotheken waarvoor de risico's op de kapitaalmarkt zijn ondergebracht, bedroeg eind dat jaar ? 67,4 (56,3) mld. Vorig jaar zijn in totaal voor ? 20,6 mld aan leningen gesecuritiseerd; in de eerste helft van dit jaar waren zes 'standaardtransacties', waarbij het risico daadwerkelijk werd overgedragen, goed voor ? 10 mld aan overgedragen leningen. Volgens een studie van Fortis blijft het aantal transacties min of meer gelijk, maar zijn er wel steeds grotere volumes mee gemoeid. Het meest actief op de securitisatiemarkt is Obvion, die met de 'Storm'- en 'Strong'-securitisatieprogramma's sinds december 2003 in totaal voor ? 10,5 mld aan hypotheken van de eigen balans haalde. Dit jaar staat de teller bij Obvion tot nu toe op ? 3,8 mld. Ook NIBC, Delta Lloyd (? 2,5 mld), Fortis (? 4,4 mld) en SNS Bank (? 2,3 mld) spelen een substantiële rol. Andere geldgevers die securitiseren, zijn ING Bank, Achmea Hypotheekbank, Aegon, GMAC en DSB Bank. De transacties worden gebundeld in programma's met namen als Hermes (SNS), E-MAC (GMAC) en Monastery (DSB). Motieven Dennis Dijkstra, nu werkzaam bij Sparck en voorheen securitisatiespecialist bij NIBC, noemt 'kapitaalefficiëntie' als belangrijkste reden voor securitisatie. "In de internationale solvabiliteitsrichtlijnen die zijn vastgelegd in de Basel-I-akkoorden, is bepaald dat een bank vrij veel kapitaal moet aanhouden. Voor niet-NHG-hypotheken gaat het om 4% tot 8% van het verstrekt volume. Door te securitiseren kan een bank dus over meer kapitaal beschikken." Marktleider Rabobank moet volgens Basel I van de ruim ? 22 mld aan verstrekt hypotheekvolume in 2005 dus gemiddeld zo'n 6% aan kapitaal aanhouden, wat neerkomt op ? 1,3 mld. "In feite beschikt zo'n bank door te securitiseren dus direct over ruim een miljard extra aan eigen vermogen," zegt Dijkstra. "Deze werkwijze is vooral aantrekkelijk voor de grote banken, die ook beschikken over deposito's. Met een securitisatie wordt extra geld vrijgemaakt dat kan worden gebruikt voor, bijvoorbeeld, overnames." Over het algemeen maken banken als Rabobank, ABN Amro en ING Bank gebruik van synthetische securitisaties. Een synthetische securitisatie is in feite een uitruil. "Je sluit als het ware een verzekeringscontract, waarbij de investeerder de hypotheekverstrekker vergoedt voor eventuele verliezen op dat deel van de portefeuille." Voor de kleinere hypotheekverstrekkers zijn funding en liquiditeit de twee belangrijkste drijfveren om leningen te securitiseren. "Zij beschikken niet over andere financiële mogelijkheden, omdat zij alleen maar als hypotheekverstrekker actief zijn en dus geen spaartegoeden van klanten beheren." Over het algemeen wordt door deze partijen 'cash' gesecuritiseerd. "Zo wordt wel het risico, maar niet de marge verkocht. De financieringskosten bedragen zo'n 40% van de kosten die de hypotheekverstrekker berekent, dus die houdt in feite zestig basispunten marge over." Vooruitzichten Ondertussen is de Nederlandse securitisatiemarkt uitgegroeid tot de meest ontwikkelde van Europa. Na het Verenigd Koninkrijk vormt ons land met een aandeel van 24% het grootste securitisatiesegment in het eurogebied. Door de mindere economische omstandigheden is het percentage gesecuritiseerde leningen dat een betalingsachterstand van meer dan zestig dagen vertoont, tussen 2002 en 2004 opgelopen van 0,51% tot 0,91%. De laatste twee jaar is echter weer een verbetering opgetreden, hoewel er aanzienlijke verschillen zijn tussen de diverse programma's. Het DPML-programma (Achmea) zat in het eerste kwartaal van dit jaar gemiddeld op 0,25% achterstanden, terwijl de Monastery-portefeuille van DSB Bank tegen de 1,7% liep. Komend jaar wordt Basel II van kracht, waarin minder strenge kapitaalseisen zijn opgenomen. "Eigenlijk mag je als bank vanaf 2007 doen alsof je je volledige portefeuille al gesecuritiseerd hebt. Dat zal bij de grote partijen de tendens naar kapitaalgedreven securitisatie doen afnemen. Voor de kleinere partijen maakt het echter geen verschil", verwacht Dijkstra.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.