nieuws

Geen uitspraak CGB over fonds hemofiliepatiënten

Archief

De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) heeft zich onthouden van een uitspraak over het Garantiefonds voor met HIV besmette hemofiliepatiënten. Dankzij dit fonds kunnen zij een levensverzekering afsluiten.

Het verzoek om een uitspraak werd vorig jaar gedaan door de HIV-vereniging Nederland. Zij beschuldigde de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Els Borst) van het maken van (indirect) onderscheid op grond van geslacht en homoseksuele geaardheid. De CGB heeft vorige week uitspraak gedaan.
Een aparte verzekeringsgarantieregeling voor hemofiliepatiënten is in 1991 ontworpen. Het gaat om patiënten die vóór 1985 via bloed(producten) besmet zijn geraakt met HIV. Sinds 1985 kan het HIV-virus namelijk uit plasma geweerd worden. Daarna is in ons land een HIV-besmetting door een bloedproduct niet meer voorgekomen.
De regeling voorzag in de oprichting van de Stichting Garantiefonds, die beheerd wordt door het Nederlandse Rode Kruis en de Nederlandse Vereniging van Levensverzekeraars. Het ministerie van VWS gaf het fonds een subsidie van f 5 mln. Met dat geld moeten verzekeraars worden betaald – het verschil tussen de uitkering en de betaalde premies – in het geval een hemofiliepatiënt als gevolg van Aids overlijdt. Dankzij het garantiefonds worden met HIV-besmette hemofiliepatiënten (” 170 personen) weer door levensverzekeraars geaccepteerd.
Onschuldig
Volgens de HIV-vereniging is sprake van ongelijke behandeling, omdat het garantiefonds slechts voor een beperkte groep HIV-geïnfecteerde mensen functioneel is: namelijk hemofiliepatiënten met HIV. Voor andere mensen met HIV geldt de mogelijkheid niet. In 1995 is door de Nationale Commissie Aidsbestrijding (NCAB) nog wel geadviseerd het garantiefonds uit te breiden naar andere HIV-geïnfecteerden. Volgens de NCAB en de HIV-vereniging wordt namelijk ten onrechte onderscheid gemaakt in ‘schuldige’ en ‘onschuldige’ slachtoffers van het HIV-virus. Het ministerie van VWS was het daarmee oneens.
Aangezien het ministerie van VWS de garantieregeling door de volledige financiering mogelijk heeft gemaakt, is het indirect de aanbieder van de dienst, aldus de HIV-vereniging. Het is dus het ministerie dat zich schuldig maakt aan ongelijke behandeling.
Op formele gronden heeft de CGB nu gesteld dat het ministerie niet kan worden gezien als de aanbieder van de dienst (=garantiefonds). Over de vraag of sprake is van ongelijke behandeling heeft de commissie daarom geen uitspraak gedaan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.