nieuws

Geduld polishouders Vie d’Or nog langer op de proef gesteld

Archief

Polishouders van de in 1993 failliet gegane levensverzekeraar Vie d’Or moeten nog langer wachten op een eventuele genoegdoening. De Hoge Raad heeft de schuldvraag dit keer op het bord van het Gerechtshof in Amsterdam gelegd.

Die vraag was eerder beantwoord door het Gerechtshof in Den Haag. Die had zowel toezicht houder De Nederlandsche Bank als de toenmalige accountant Deloitte & Touche en actuaris Hewitt Heijnis & Koelman aansprakelijk gesteld voor de schade (geraamd op _ 90 mln). De accountants hebben volgens het Haagse Hof “ernstig gefaald”, de actuaris had “eerder en duidelijker moeten waarschuwen” en de toezichthouder had “eerder en krachtiger moeten ingrijpen”.
De Hoge Raad heeft die uitspraak nu vernietigd. Zo moet toezichthouder DNB “meer beleids- en beoordelingsvrijheid” worden toegekend dan het Hof heeft gedaan. Verder moet opnieuw worden bezien of eventueel gemaakte fouten een direct causaal verband hebben met het faillissement en de daaruit voortgekomen schade.
Het Hof Amsterdam moet de zaak voor de drie partijen afzonderlijk (toezichthouder, accountant en actuaris) weer over doen. Dat kan zo’n twee jaar gaan duren. De Stichting Vie d’Or, die de belangen van 11.000 polishouders behartigt, herhaalt daarom de oproep tot het treffen van schikkingen. De beklaagden hebben daar tot nu toe geen gehoor aan gegeven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.